Volledig scherm

Dit zijn de plannen van de partijen op het gebied van verkeer, landbouw en klimaat

Hoe gaat Nederland veranderen? Hoe zien onze natuur, energievoorziening en leefomgeving er in 2030 uit als het aan de politieke partijen ligt? Op dat gebied valt er over een maand echt wat te kiezen.

Dat concludeert het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), dat de effecten berekende van zo’n 600 maatregelen die VVD, PvdA, SP, D66, ChristenUnie, GroenLinks en de Vrijzinnige Partij in hun verkiezingsprogramma’s voorstellen.

De extra kosten voor bedrijven, burgers en overheden die daarmee gepaard gaan, lopen sterk uiteen: van 0,5 (VVD) tot 16,4 miljard (GroenLinks) euro per jaar. Hoe sterker de uitstoot van broeikasgassen daalt, hoe hoger de uitgaven – met name aan hernieuwbare energie en energiebesparing.

Minder files

In de toekomst staan we minder vaak in de file, daar zijn alle partijen het over eens. De manier waarop ze dat willen realiseren, verschilt echter nogal. De VVD trekt, niet zo verrassend, geld uit voor méér asfalt. Bijkomend voordeel van die investeringen in het wegennet: banen worden beter bereikbaar, omdat reizen sneller en niet duurder wordt.

PvdA, SP, D66, ChristenUnie, GroenLinks en Vrijzinnige Partij maken autorijden juist duurder, in combinatie met maatregelen zoals meer geld voor openbaar vervoer en fiets. Ook dat zorgt voor minder files. En voor kortere reistijden (behalve bij de SP, die voor een kilometerheffing op snelwegen pleit, waardoor mensen zullen gaan omrijden). De bereikbaarheid van banen neemt echter wel wat af, omdat forensen duurder wordt. Wel pakken deze maatregelen gunstig uit voor de CO2-uistoot, de veroorzaker van het broeikaseffect dat voor klimaatverandering zorgt. De SP en GroenLinks gaan hierin het verst. Zo wil die laatste partij de maximumsnelheid op alle hoofdwegen verlagen: 80 kilometer per uur op snelwegen rond de steden, 30 in de bebouwde kom.

De VVD-plannen op het gebied van mobiliteit leiden juist tot een hogere CO2-uitstoot.

Natuur en landbouw

De natuur gaat er bij alle partijen op vooruit, ten opzichte van het beleid dat nu geldt. Zij het bij VVD maar een piepklein beetje. De flora en fauna zijn, niet zo verrassend, het meest gebaat bij de plannen van GroenLinks, gevolgd door die van de ChristenUnie, D66, de SP en PvdA. Deze vijf partijen laten de omvang van de veestapel krimpen. Daardoor vermindert de uitstoot van stoffen als broeikasgassen, ammoniak, stikstof en fosfaat die het milieu schaden. Dat pakt gunstig uit voor de biodiversiteit.

Behalve de VVD en de Vrijzinnigen maken alle partijen extra geld vrij voor natuurbeleid, bijvoorbeeld door de watercondities te verbeteren en versnipperde natuurgebieden met elkaar te verbinden.

Daar hangt natuurlijk wel een kostenplaatje aan. De kosten om de melkveestapel in te krimpen, worden volgens alle partijen echter door de sector zelf betaald.

Het PBL wijst er wel op dat het verdwijnen van veehouderijen in Nederland voor een waterbedeffect kan zorgen: als een varkensboer of melkveehouder als gevolg van strengere regelgeving hier naar het buitenland verkast, schiet de wereld daar qua emissies niks mee op. Dat effect (carbon leakage) is niet in de berekeningen meegenomen.

Energie en klimaat

Doen de partijen genoeg om de doelstellingen van het Klimaatakkoord in Parijs te halen, dat moet voorkomen dat de aarde meer dan de gevaarlijke 2 graden opwarmt? Daar geeft het PBL geen antwoord op. ,,Dat is te ingewikkeld, omdat het bereiken van die doelen van zoveel factoren afhankelijk is,’’ verklaart Pieter Boot, hoofd Klimaat, Lucht en Energie van het PBL.

Partijen die veel doen om de energietransitie te steunen, leveren volgens hem echter ‘een adequate bijdrage’. Het hoogst scoort GroenLinks, gevolgd door de ChristenUnie en D66. In iets mindere mate realiseren ook de SP en de PvdA een sterke daling van de emissie van broeikasgassen ten opzichte van het huidige kabinetsbeleid. Deze vijf partijen trekken bijvoorbeeld forse subsidies uit om de overgang naar hernieuwbare energie te stimuleren, investeren in energiebesparende maatregelen en gaan gas en elektriciteit hoger belasten.

De VVD is de enige partij die géén maatregelen neemt om de vervuilende kolencentrales te sluiten. Voor de overgang naar hernieuwbare energie doen de liberalen amper iets extra’s ten opzichte van het huidige kabinetsbeleid. En dat is volstrekt onvoldoende om de Parijs-doelstellingen te halen, heeft het PBL eerder vastgesteld.