GRONINGEN – Eén op de tien kinderen in de leeftijd van zeven en acht jaar oud hoort stemmen in het hoofd. Dat ontdekte psycholoog Agna Bartels van het UMC Groningen in een onderzoek onder 3870 kinderen in de provincie Groningen. Bartels ondervroeg in 2002 en 2003 de ruim 3800 kinderen. Daarvan bleek 9 procent stemmen te horen zonder dat er iemand in de buurt is. Deze kinderen zijn vervolgens verder onderzocht. De ouders vulden vragenlijsten in en medische gegevens over complicaties tijdens de zwangerschap en vroege ontwikkelingsproblemen. Na vijf jaar werd de helft van de stemmenhorende kinderen opnieuw onderzocht.
De meeste kinderen hebben nauwelijks last van de stemmen, concludeert Bartels. Meestal gaat het vanzelf weer over. Maar soms blijven de stemmen ook op latere leeftijd aanhouden, meestal als een kind nare gebeurtenissen meemaakt. Het is een risicofactor voor het ontwikkelen van psychische problemen, meent de onderzoekster. Het horen van stemmen komt vaker voor bij plattelandskinderen. Bij stadskinderen leiden de stemmen wel vaker tot ernstige problemen. Van alle kinderen die stemmen horen, heeft 15 procent er veel last van. Ze krijgen klachten zoals buikpijn en hoofdpijn.
Het horen van stemmen is al in de oudheid en in vele culturen beschreven. Het kan bij iedereen voorkomen, ongeacht geslacht, leeftijd, lichamelijke of geestelijke gezondheid, sociale klasse of etnische achtergrond. Wereldwijd wordt er veel onderzoek gedaan naar de oorzaken van het horen van stemmen, alsmede naar de invloed, behandeling en het beloop ervan. Het horen van stemmen was nog niet eerder bij zulke jonge kinderen onderzocht.
Het horen van stemmen in het hoofd komt bij veel kinderen van 7 en 8 jaar voor, ontdekte psycholoog Agna Bartels van het UMCG. Maar liefst een op de tien kinderen hoort stemmen. Is dat niet heel veel?
„Nee, het komt overeen met anderen onderzoeken, want er is vrij veel onderzoek gedaan naar dit verschijnsel. Gemiddeld komt het bij 5 procent van de mensen voor. Bij kleine kinderen wat meer, bij pubers neemt het af en op latere leeftijd neemt het weer wat toe.”
Is het een ziekte?
„Het is absoluut geen ziekte. De kinderen zijn gewoon gezond. Soms kunnen ze wel bang worden van de stemmen, vooral als ze je allerlei negatieve dingen toewensen.”
Is het een psychiatrische stoornis zoals schizofrenie?
„Nee, iedere appel is fruit maar niet al het fruit is een appel. 70 procent van de mensen met schizofrenie hoort stemmen. Daar moet ik bij zeggen dat de term schizofrenie tegenwoordig ook nogal onder vuur ligt omdat er veel verschillende vormen zijn. Maar er zijn ook mensen die stemmen horen met een bipolaire stoornis, met post-traumatische stress stoornis en andere aandoeningen. En veel stemmenhoorders voelen zich helemaal niet ziek.”
Waar komen de stemmen vandaan?
„Dat weten we niet. Ze zijn er. Het blijkt wel dat kinderen die stressvolle of traumatische gebeurtenissen meemaken eerder stemmen horen. Dat kunnen ernstige gebeurtenissen zijn maar ook gewone dagelijkse stress, zoals het kwijtraken van je portemonnee.”
Veel jonge kinderen hebben fantasievriendjes. Zijn de stemmen niet van zulke vriendjes die toevallig langer blijven?
„Imaginaire vriendjes kunnen soms heel lang bij kinderen blijven. Maar kinderen die stemmen horen, geven zelf aan dat het andere stemmen zijn. Ze kunnen zelf heel goed onderscheid maken.”
Wie horen ze eigenlijk praten? Andere kinderen, volwassenen of televisiestemmetjes?
„Over televisiestemmetjes heb ik niets gehoord. Soms is het de stem van een overleden opa of oma, soms zomaar een stem. Soms zijn het andere kinderen, zoals een pestkop uit de klas.”
Plattelandskinderen horen vaker stemmen dan stadskinderen. Hoe komt dat?
„Daar hebben we eigenlijk geen idee van maar het verraste ons zelf ook. In het algemeen komen psychiatrische problemen vaker voor in de stad. Misschien dat het iets te maken heeft met de stilte. Bij de stadskinderen die stemmen horen, blijkt het dus wel vaker tot problemen te leiden.”
Wat kunnen ouders doen?
„Veel ouders weten het helemaal niet van hun eigen kind, blijkt uit ons onderzoek. Maar als ouders het wel weten, kunnen ze eerst hun kind gerust stellen en zeggen dat het heel normaal is. Het komt immers bij één op de tien kinderen voor. Als blijkt dat ze er veel last van hebben, als ze er bang van worden bijvoorbeeld, dan zou ik zeker hulp gaan zoeken.”
Wat kunnen hulpverleners uitrichten?
„Daar heb ik zelf geen onderzoek naar gedaan. Maar ze zullen proberen de angstige lading en depressieve gevoelens weg te nemen. Onlangs bleek uit onderzoek dat cognitieve gedragstherapie bij kinderen niet echt werkt. Het slikken van visolie bijvoorbeeld wel.”
Wat gaat u er verder mee doen?
„Als onderzoeksgroep hopen we over een aantal jaren dezelfde kinderen opnieuw te kunnen onderzoeken. Dan zouden we meer kunnen zeggen over wat het horen van stemmen op latere leeftijd allemaal betekent en of bepaalde problemen zijn te voorspellen.”
Klik hier voor meer informatie.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.




Sorteer reacties

















