Net achter station Brandevoort moet de slimme wijk komen.
Volledig scherm
Net achter station Brandevoort moet de slimme wijk komen. © Tom Valstar

Slimme wijk in Helmond moet geen elitewijk worden, vindt wethouder

HELMOND - De slimme wijk die in Helmond moet worden gebouwd, mag geen 'elitewijk' worden. Juist alle Helmonders moeten zich aangesproken voelen om er te gaan wonen. 

Dat zei wethouder Paul Smeulders woensdag op de Automotive Campus. 

Profijt
„We moeten zorgen dat alle Helmonders zien dat zij profijt kunnen hebben van de slimme oplossingen die daar bedacht worden”, aldus Smeulders. „Ook moeten die oplossingen zoveel mogelijk in bestaande wijken terechtkomen.”

Op de Automotive Campus in Helmond vond woensdag de aftrap plaats van een vierdaagse denksessie die het eerste ontwerp van de slimme wijk moet opleveren. Onder leiding van het Zwitserse adviesbureau Malik buigen zo’n veertig deskundigen zich over de vraag wat er nodig is, zodat in 2022 de slimme wijk er ook ligt. Zaterdagmiddag moet er een overeenkomst liggen over vooral de wijze van samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en onderwijs.

Brainport Smart District
Het plan voor de wijk heet officieel Brainport Smart District Brandevoort. Aan de rand van de wijk ligt 85 hectare waar zo'n duizend woningen, winkels en kantoren gebouwd kunnen worden.  De bedoeling is dat bij de bouw volop geëxperimenteerd wordt met nieuwe technieken, duurzaamheid en slimme oplossingen voor verkeer, gezondheid en veiligheid. Het project is oorspronkelijk een idee van hoogleraar Elphi Nelissen van de TU/e in Eindhoven. 

De gemeente Helmond omarmde het plan in 2016, omdat de slimme wijk kan helpen om de vertraagde woningbouw in Brandevoort op gang te krijgen. Bij de start van de dagenlange brainstorm was ook provinciebestuurder Anne-Marie Spierings aanwezig. De provincie heeft een aantal grote ambities op het gebied van klimaat, energie en sociale veerkracht”, zei zij. „In de slimme wijk kunnen we hiermee volop experimenteren. Het moet een showcase worden voor heel Nederland en wie weet de wereld.”