DNB schetst vals beeld pensioenfondsen (OPINIE)

Auteur: door Henk te Lindert |   vrijdag 20 januari 2012 | 02:41 | Laatst bijgewerkt op: vrijdag 20 januari 2012 | 09:52

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
In tien jaar tijd leveren gepensioneerden bij 2,5 procent inflatie per jaar al meer dan een kwart van hun pensioen aan koopkracht in.

In tien jaar tijd leveren gepensioneerden bij 2,5 procent inflatie per jaar al meer dan een kwart van hun pensioen aan koopkracht in.

De wiskundige antwoordt 'exact 6', de fysicus 'ongeveer 6' en de actuaris 'wat wil ík eruit hebben?' Met deze opvatting regeren de actuarissen – verzekeringswiskundigen – van De Nederlandsche Bank (DNB) over onze pensioenfondsen.
Een actuariële uitkomst is sterk afhankelijk van de uitgangspunten. Deze bepalen in belangrijke mate de financiële positie van een fonds. DNB heeft zulke zware uitgangspunten gedicteerd dat ogenschijnlijk geen fonds er meer florissant voorstaat. Maar dat is valse schijn. Waarom?

DNB bepaalt de rentetermijnstructuur waartegen de pensioenvoorziening wordt berekend. Die structuur is op de heersende kapitaalmarktrente afgestemd. Deze methode is dè bron van inconsistentie. Ga maar na: in april bedroeg de rente 3,7 procent en in september 2,2 procent. Uitgaande hiervan is het pensioenfonds in april gezond en in september ziek, althans volgens DNB. De wijziging van één externe factor, de daling van de rente met 1,5 procentpunt, zou de financiële positie van het fonds in nog geen half jaar tijd dramatisch doen verslechteren? DNB gelooft dat toch zelf niet!

De rentedaling heeft immers geen directe invloed op de innerlijke waarde van het fonds. Als het fonds bijvoorbeeld gemiddeld 6 procent rendement op zijn beleggingen maakt dan is het toch wereldvreemd om een slechter renteschema te moeten hanteren. Op basis van zo'n onzinnige rekenmethodiek de fondsen dwingen geen indexatie te verlenen en pensioenen te korten, getuigt van bekwaamheid noch inzicht in de pensioenproblematiek.

De kapitaalmarktrente wordt in feite door onze regering zelf bepaald. Deze rente is namelijk gebaseerd op het rendement van 10 jaars-staatsleningen. Door de uitgifte van staatsleningen tegen 2 á 3 procent wordt de kapitaalmarktrente laag gehouden. Onze regering veroorzaakt dus zelf de (volgens haar) slechte financiële positie van de fondsen. Nieuwe staatsleningen tegen minimaal 4 procent zouden de oplossing zijn. Maar de regering heeft daar geen baat bij. Het mes snijdt voor haar aan twee kanten: lage rentelasten én een motief om de pensioenregelingen te kunnen inperken. Externe factoren zullen de marktrente echter gegarandeerd ooit weer opstuwen. Daarom is er geen grond om een lage, fluctuerende rekenrente te hanteren voor pensioenvoorzieningen.

In de vorige eeuw gold een vaste rekenrente van 3 á 4 procent. Daardoor was de financiële positie van het fonds door de jaren heen stabiel. Er kwam wel eens onderdekking voor. Dan werd berekend hoeveel jaren het zou duren eer de 100 procent-financieringsgraad werd bereikt. Een duur van zes jaren was niet ongebruikelijk. In die periode werden de pensioenen wèl gewoon geïndexeerd. En dat werd toen door de Verzekeringskamer (inmiddels opgegaan in DNB) toegestaan!

Logisch, de gepensioneerden kunnen niet jarenlang op een indexatie wachten. In tien jaar tijd leveren zij bij 2,5 procent inflatie per jaar al meer dan een kwart van hun pensioen aan koopkracht in. In feite wordt het inkomen van miljoenen gepensioneerden door DNB bepaald.

Waarom voert DNB zo'n rampzalig beleid? Men zou kunnen denken dat het voortkomt uit de arrogantie van de macht, het halsstarrig vasthouden aan het eigen gelijk. Maar er speelt meer, denk ik.

DNB is bang voor claims als het bij een fonds mis zou gaan. De kwestie Vie d'Or – de Veldhovense levensverzekeraar die failliet ging – is traumatisch. Daarom worden zodanig hoge eisen aan de fondsen gesteld dat het niet mis kán gaan.

Vreemd genoeg wil DNB het aantal fondsen sterk terugdringen. Dat lukt haar al aardig door de duimschroeven zover aan te draaien dat de (vooral kleinere) fondsen het bijltje erbij neergooien.

De moraal van dit verhaal. Volgens DNB is tweemaal 3 hooguit 5. Als zij tot zes kon tellen dan zou ze bemerken dat de fondsen in goede gezondheid verkeren.

Er zijn overigens meer factoren die het ongelijk van DNB aantonen, maar die vallen buiten het kader van dit verhaal.

-

Henk te Lindert uit Bergeijk heeft een actuariële opleiding en was jarenlang werkzaam als pensioenadviseur.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.
 
Reacties
laatste eerstSorteer reacties
De heer Te Lindert schrijft dat hij een actuariele opleiding heeft en als pensioenadviseur heeft gewerkt. Indien dit op niveau zou zijn geweest zou hij weten waarom DNB eist dat fondsen met deze lage rekenrente werken. Omdat, als zij in financiele nood komen, zij kunnen worden overgenomen door een andere partij! Zodoende worden de pensioenrechten van werknemers dan veilig gesteld. Met de komst van : het pensioenaccoord" zal duideljker worden, wat al jaren alleen bij de pensioenfondsen duidelijk was, de pensioenuitkomsten zullen "meeademen" met de pensioenreserve en de toekomstige leeftijdsverwachting. Dus Nederlander: meer zelf doen! Maar dat moest eigenlijk al. Ondanks dat 85% van de Nederlanders verplicht in een pensioenfonds zit en werd verteld dat het allemaal prima voor elkaar is (zelfs nu nog schrijft Te Lindert dat de fondsen in goede gezondheid verkeren)
Steeds meer werkgevers gaan naar een ambitiepensioen: een basisvoorziening waarbij een vaste premie wordt afgesproken (die helemaal wordt belegd) en een uur advies, waarin de privepensioensituatie wordt toegelicht. de werknemer kan dan zelf bepalen of en hoeveel en waar extra gespaard (of afgelost wordt op de hypotheek) wordt voor een voor de werknemer aanvaardbaar/wenselijk pensioen. Nu nog de verplichte pensioenfondsen afschaffen!
Gerard van der Toolen - 23-01-2012 | 16:30
Gelukkig deze keer geen sprookjes over ons pensioen, maar toch kritiek op dit stuk. Je kunt wel met een fictief rendement gaan rekenen, maar dit is unfair. Je hoort gewoon van de actuele realiteit uit te gaan en helaas verandert die per seconde. Het gaat dus om je meetmoment en niet om gerommel met de methode omdat dat je beter uitkomt.

Daarom is de 30% belasting op de gefingeerde 4% rendement op je vermogen in box 3 bij de belastingaangifte ook een gotspe. Gewoon de realiteit op elke 1 januari hanteren en daarmee basta!

Dus ja, mijn pensioenaanspraak is vandaag anders die van morgen en dus die van een jaar geleden en over een jaar. Dat is de realiteit. Rendementen veranderen, net zoals rentes en actuele bedragen. Daarmee moet gerekend worden op moment x. Denken dat de rente en de beleggingsrendementen morgen, over een jaar of over tien jaar wel zal zijn gestegen ten opzichte van nu is luchtfietserij en dus geen accurate rekenmethode. Juist daarmee zijn we flink de mist ingegaan (woekerpolissen), door de toekomst zonniger in te zien dan wenselijk was.

Door realistischer hiermee om te gaan, kunnen we laten zien dat we geleerd hebben van ons gedroom. Dus ja, nu is de situatie van de fondsen penibel, en ja, morgen is die misschien beter. Of nog slechter. Wie zal het zeggen? Maar we leven nu en de verantwoordelijkheid is nu, dus een beslissing hoe te handelen nemen we het beste nu.
Die beslissing hoort te zijn: hogere premie-inleg, minder risicovol investeren, realistischer beeld van de toekomstige opbrengst en dus van ons toekomstig inkomen.
Ik hoef toch niemand uit te leggen wat het voor onze economie betekent als gepensioneerden een koopkrachtverlies van 30, 50 of 70% hebben omdat een pensioenfonds met de helft van het vermogen blijft gokken op de beurs en denkt dat het later wel allemaal een keer goed zal komen.
Om nog maar te zwijgen over de onevenredige verdeelde lasten. Lees ook even: http://www.z24.nl/analyse/artikel_256647.z24/Mathijs_Bouman__jongeren_nog_steeds_de_klos_met_pensioen_.html
sprookjesverteller - 21-01-2012 | 08:01
Ik vind dit een heel goed verhaal.Zo zit het in mekaar. Als er nou maar iets veranderd ? Ik hoop het wel.De vakbonden moeten voor de gewonen mensen op komen.
43 jaar aan betaald en nou steeds minder krijgen Groeten.
christ - 20-01-2012 | 17:47
Deze hele manier van rekenen is de hele verlakkerij achter het pensioen bouwwerk.
Uit één van mijn pensioenvoorlichtingssgesprekken:
- we gaan uit van een rendement van 6%
- we gaan er van uit dat u met 62.5 jaar met pensioen gaat
- we gaan er van uit dat de AOW €--------- is
- we gaan uit van een franchise van € ----------
- we gaan uit van een werkgeversbijdrage van € -------

Zo maar even 5 factoren die "aangenomen" worden.
Stel, iedere factor kent een marge van 10%.
Dan kom ik uit tussen 59% en 161% van het "gewenste" eindresultaat.....

Jaren is ons de worst van 161% voorgehouden (VUT, hoger rendement en zo).
Echter, nu gaat het wat slechter, en blijkt de worst slechts 59% te zijn
Da's toch een aardig verschil
PaVaKe - 20-01-2012 | 15:09
Een rendement is mijns inziens alleen fictief als het niet precies gelijk is aan het momentele werkelijke rendement. Welnu, dat is het bijna nooit, omdat de beurswaarde van beleggingen voortdurend schommelt.
Ook mij lijkt het daarom gewenst en verantwoord, voor de pensioenen te rekenen met een gemiddeld rendement, zoals vroeger gebeurde. In een economische crisis zal de waarde van de pensioenfondsen wellicht lager zijn dan dat gemiddelde, maar in een 'boomende' markt waarschijnlijk weer hoger, zodat de dekkingsgraad die eerst te laag was dan weer de vereiste norm overtreft.
Wordt trouwens bij de belastingheffing in box 3 ook niet uitgegaan van een gemiddeld rendement, i.c. van 4%? In de jaren negentig kon je daar ondanks de fiscale heffing nog rijk van worden, nu is het in de meeste gevallen waarschijnlijk echt een fictief - in de zin van onhaalbaar - rendement. Te Lindert slaat volgens mij de spijker op de kop.
Lau Kanen - 20-01-2012 | 15:03

Reageren

blij blozend boos cool verrast droevig egaal gemeen huilend vertwijfeld knipoog lachen rollendeogen tongeruit wijdogig

Forumregels


De website van het ED is een platform voor discussie. Lezers wordt de gelegenheid geboden om in forums te reageren op geselecteerde artikelen, commentaren en columns. Scherpe en kritische reacties dragen bij aan het debat. Om de discussie in goede banen te leiden, gelden de volgende spelregels:


1. Elke reactie wordt vooraf door de redactie beoordeeld. De redactie heeft het recht om zonder verdere toelichting bijdragen te weigeren, te bewerken of in te korten.

2. Reacties moeten kort en bondig zijn (maximaal 250 woorden), leesbaar en begrijpelijk zijn en inhoudelijk betrekking hebben op het onderwerp van het betreffende artikel.

3. Voor de discussie gelden elementaire fatsoensnormen. Schuttingtaal en scheldwoorden zijn niet toegestaan.

4. Reacties die beledigend of discriminerend zijn, (oncontroleerbare) beschuldigingen, bedreigingen bevatten of oproepen tot haat of geweld worden niet geplaatst.

5. Reacties mogen geen privégegevens van derden bevatten.

6. Reacties die anoniem zijn of onder een valse naam worden ingestuurd, kunnen worden geweigerd.

7. Reacties mogen geen auteursrechten overtreden en geen commerciële boodschappen bevatten.

8. Het ED staat open voor kritiek – zowel positief als negatief – op de krant en op haar redacteuren. Correcties en aanvullingen op artikelen zijn welkom. Inhoudsloze kritiek wordt niet geplaatst.

9. Het IP-adres vanwaar wordt gereageerd wordt altijd vastgelegd.

10. Reacties, of citaten daaruit, mogen worden gebruikt op alle publicaties van het ED (websites, krant, sociale media, enz.).


De redactie is niet kinderachtig. Laat u dus niet ontmoedigen door de spelregels. Ze zijn uitsluitend bedoeld om een goede discussie te bevorderen. De redactie gaat zorgvuldig te werk. Mocht u desondanks reacties op de website ontdekken die in strijd zijn met de spelregels of anderszins niet door de beugel kunnen, laat ons dat dan weten via e-mail.