Strengere regels bij het verlenen van hypothecaire leningen moeten de consument beschermen. In de praktijk worden de regels echter zo rigide toegepast dat de consument er eerder de dupe van wordt.
Zie ook:
Waarom werkt het gedragstoezicht de consumenten en woningmarkt tegen? Sinds de Autoriteit Financiële Markten (AFM) zich nadrukkelijker met (hypothecaire) financieringen bemoeit, ontstaan regelmatig ongewenste situaties. Zowel de AFM als de banken/geldverstrekkers passen de regels strikt toe zonder hun gezond verstand te gebruiken.
De regels zouden de consumenten moeten beschermen. Er wordt tegenwoordig zeer star aan de opgelegde regels vastgehouden. Banken zeggen niet te mogen afwijken, omdat de AFM bij het toezicht de opgelegde regels zo star toepast. Met een voorbeeld zal ik schetsen wat nu gebeurt. Een huwelijk strandt. Jan en Anja gaan uit elkaar. Anja wil graag met de kinderen in de woning blijven wonen. Jan moet hiervoor uit de hypotheek worden ontslagen omdat hij anders geen mogelijkheden heeft om samen met zijn vriendin een andere woning te kopen. De gezamenlijke woning heeft een WOZ- waarde van 350.000 euro. De hypothecaire lening is aflossingsvrij en nog 200.000 euro. De rente staat nog tien jaar vast tegen 5,1 procent. Anja kan op basis van haar inkomen 130.000 euro lenen. Zij kan de huidige lasten prima opbrengen, maar de bank verleent geen toestemming om de financiering alleen op haar naam voort te zetten. Volgens de regels zijn de lasten te hoog. De bruto maandlast van Anja is 850 euro per maand. De netto maandlast is bijna 600 euro. Als Anja moet gaan huren zal ze zeker meer moeten betalen.
In dit voorbeeld wordt Anja door de regels gedwongen de woning te verkopen.
De vraag is of dat gewenst is en waarom de regels van de banken en de AFM zo strikt worden toegepast. Er is in de huidige markt absoluut geen sprake meer van 'gezond boerenverstand' en maatwerk. Er moet gemakkelijker kunnen worden besloten om mensen in hun woning te laten wonen.
In het voorbeeld had de financiering met een aanvullende clausule alleen op naam van mevrouw kunnen worden gezet. In de clausule kan staan dat de woning alsnog wordt verkocht als na verloop van tijd blijkt dat de lasten toch moeilijk zijn op te brengen. Nu wordt Anja al direct verplicht de woning te verkopen; een vorm van gedwongen verkoop.
Als de huizenprijzen nog verder zakken en de woning later alsnog verkocht moet worden, kan dit voor Anja nog nadelig uitpakken. Maar dat hoeft niet en Anja zou heel graag in haar huis blijven wonen. Op basis van de zekerheid (grote overwaarde in de woning) is dat ook geen probleem. Als Anja over enkele jaren op eigen initiatief alsnog besluit de woning te verkopen, is dat haar beslissing en niet de beslissing van de regels of de geldverstrekker. De verkoop wordt dan in elk geval niet opgedrongen, zoals nu het geval is.
Een aantal jaren geleden werd op basis van het 'ken uw klant'-principe en het kijken naar de zekerheid nog wel eens ingestemd met voortzetten van de financiering. Nu absoluut niet meer.
Dit is slechts één voorbeeld. Er zijn meer situaties waarin het ook zeer discutabel is hoe regels worden toegepast.
Er resten nog veel vragen. Staan er op dit moment niet al meer dan genoeg woningen te koop? Waarom mensen nu al verplichten om te verkopen en de keuze niet bij de klant laten? Zouden banken en AFM de consument en de woningmarkt in dit opzicht niet een beetje kunnen helpen door zich minder rigide op te stellen en maatwerk toe te staan?
De consument is niet gediend bij de huidige opstelling die juist bedoeld is om de consument te beschermen. Problemen worden op deze wijze niet opgelost.
Door Marc Jeucken, register financieel echtscheidingsadviseur bij Echtscheiding Plus en financieel planner bij Fincq in Geldrop.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.




Sorteer reacties














