De behandeling van homo's en lesbiennes door de christelijke zorginstelling Different heeft tot veel ophef geleid. Het is hoog tijd om taboes te doorbreken.
De discussie over de therapie van Different spitst zich toe op de vraag of homoseksualiteit al dan niet geneesbaar dan wel beheersbaar kan of mag zijn. Daarbij wordt een principieel uitgangspunt vergeten of uit de weg gegaan. Zolang de vooroordelen jegens deze seksuele variant blijven bestaan, helpen ook alle voor- of tegenstandverklaringen niet. Als we diep duiken in de veroorzakers van die vooroordelen komen we wellicht een eind verder in de ontmanteling ervan. Zelf vond ik er zes, die ik vervolgens benoem tot taboe.
In de eerste plaats bestaat nog steeds de opvatting uit monotheďstische geloofsovertuiging dat de Schepper man en vrouw geschapen heeft ter waarborging van het nageslacht. Homo's beschadigen in die opvatting de kosmos.
Ook het taboe om er over te spreken is nog niet verdwenen, want erover praten kan homoseksualiteit aanwakkeren. Sommige mensen spreken over 'k' in plaats van kanker uit een diepere psychologische angst deze aandoening over zich af te roepen.
In ondemocratische samenlevingen gelden homo's als gevaar voor de politieke stabiliteit, zoals in Hitler-Duitsland, strak communistische landen en sharia-maatschappijen. Bij de arbeidsverdeling zien we nog steeds typische vrouwen- en mannenberoepen (politie, brandweer, ziekenzorg, vrachtvervoer, bouw).
In de VS gaat men langzaamaan beseffen dat homoseksualiteit geen medische of psychische afwijking is. Maar de hersenspecialist Dick Swaab ontdekte een kleine afwijking in de hersenen van overleden homo's. Waarom deed hij dit onderzoek eigenlijk? Een waarom heeft hij niet de schedel gelicht van linkshandigen of roodharigen?
Het laatste vooroordeel geldt in sterke mate bij hen die hun eigen lustgevoelens op dit terrein niet willen of mogen aanvaarden en vanuit dat standpunt een homo-aversie ontwikkelen.
Als we deze zes taboes kennen, dan is er in elk geval een basis waarop we verder kunnen komen. Ik bedoel maar.
Door Klaas de Graaff, woont in Nuenen en is socioloog.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.


















