Onlangs woonde ik een van de debatten bij die de PvdA naar aanleiding van de eind vorig jaar door voorzitter Ploumen geschreven integratienota 'Verdeeld verleden, gedeelde toekomst' organiseert.
Het debat ging uitsluitend over de vermeende tegenstellingen tussen allochtonen en autochtonen. Het leek alsof ons land in tweeën is gesplitst. Over de vele dingen die autochtonen en allochtonen met elkaar gemeen hebben – meer dan hen scheidt – werd niet gesproken.Er waart een spook door ons land, zou je kunnen zeggen. Het heet allochtonenfobie. Je komt het overal tegen en het heeft ertoe geleid dat allochtonen inmiddels als tweederangsburgers worden beschouwd, die worden gedoogd in plaats van geaccepteerd.
De fobie is ook tot de PvdA doorgedrongen: een partij die in het verleden altijd een pleitbezorger was van een multiculturele samenleving. Met de door Ploumen geschreven integratienota heeft de PvdA dit uitgangspunt verlaten. Niet tolerantie maar intolerantie is de rode draad. 'Migranten' zijn gedegradeerd tot een homogeen blok. De mens erachter is weggevallen. Met alle generalisaties en vooroordelen vandien.
De volgende passage geeft de teneur van de nota in een notedop weer: 'Ze (de migranten dus!) ervaren de veranderingen als opgedrongen – en dat is een akelig gevoel als het gaat om een land waar je geboren en getogen bent en dat jij, je ouders en hun ouders daarvoor mee hebben opgebouwd.'
Waar baseert Ploumen deze redenering op? De migranten waar zij het over heeft, bestaan helemaal niet. De meeste migranten zijn allang ingeburgerd. Ze zijn even autochtoon als 'echte' autochtonen.
Sterker, ze zijn onmisbaar voor hele sectoren van onze economie.
De nota straalt ook een onaanvaardbaar soort paternalisme uit. Er gaat de suggestie vanuit dat er een model-allochtoon bestaat waaraan alle allochtonen moeten voldoen. Als je dat niet doet, ben je geen knip voor de neus waard.
Het is treurig dat dit anno 2009 nog moet worden gezegd, maar 'de allochtoon' bestaat niet. Net zo min als 'de autochtoon'.
Tot slot straalt de nota een onaanvaardbaar defaitisme uit. Het uitgangspunt is dat de integratie in grote lijnen is mislukt. Dat strookt niet met de feiten. Het merendeel van de allochtonen heeft zijn draai in onze samenleving gevonden. Ze spreken Nederlands – weliswaar vaak met een accent maar dat doen Amsterdammers, Friezen en Limburgers ook. Ze werken, betalen belasting en zijn door de bank genomen net zo Nederlands als de doorsnee Nederlander. Dat er een kleine minderheid is die het voor de allochtonen verpest – met name de Nederlandse Marokkaanse en Antillaanse jonge crimineeltjes – is betreurenswaardig, maar geen reden om te concluderen dat de integratie is mislukt.
Het zou de PvdA sieren als ze afstand neemt van dit door Paul Scheffer en consorten uitgedragen defaitisme. Er is geen sprake van een multicultureel drama. Ons land is de afgelopen decennia alleen veranderd. Het Nederland van de jaren vijftig bestaat niet meer. Er zijn groeperingen met een andere cultuur, religie en levensbeschouwing bijgekomen. Dat zich daarbij spanningen voordoen is normaal. Sterker, het zou gek zijn als dat proces van integratie moeiteloos verliep. Het is vallen en opstaan.
Met deze nota dreigt de PvdA haar tolerantie kwijt te raken. Het is te hopen dat het PvdA-congres in maart anders beslist.
-
Ibrahim Wijbenga woont in Eindhoven en nam op 15 januari deel aan het debat 'Integratie: Haagse problemen, Amsterdamse antwoorden'.



Sorteer reacties














