Megastal is niet probleem maar oplossing

Auteur: door Harrie Verrijt |   woensdag 18 november 2009 | 02:43 | Laatst bijgewerkt op: woensdag 02 december 2009 | 22:58

Tekstgrootte tekst verkleinentekst vergroten
Varkens maakt het niet uit of ze tussen honderd of duizend soortgenoten leven. foto Freekje Groenemans

Varkens maakt het niet uit of ze tussen honderd of duizend soortgenoten leven. foto Freekje Groenemans

Varkensstallen die oppervlakten van meerdere hectaren in beslag nemen.
Buurtbewoners, natuurliefhebbers, huisartsen, dierenactivisten, iedereen loopt te hoop tegen deze megastallen. Het idee heerst dat kleine stallen kleine problemen en grote stallen grote problemen voortbrengen. Problemen met de aanblik in het buitengebied van saaie schuren, met ammoniakuitstoot en verdringing van natuurgebieden, met fijnstof en stank, met situaties waarin dieren op een onwaardige manier worden gehouden. Bovendien problemen met excessief gebruik van antibiotica en andere medicijnen, met als gevolg dat de dieren resistent worden. Er komen emotionele argumenten bij, omdat iedere relatie met de romantiek van de boerderij van vroeger is verdwenen.

Laten we om te beginnen vaststellen dat het een varken niet uitmaakt of het tussen honderd of tussen duizend soortgenoten moet leven. Het varken wil slechts ruimte om te leven zoals een varken dat wil, zonder pijn of ellendige omstandigheden. De consument eist terecht steeds vaker dat zijn stukje vlees geen resultaat is van een heleboel dierenleed. De wetgeving past zich daarbij aan. Het varkensbesluit dat de regering begin deze maand publiceerde, bevat gedetailleerde regels voor de huisvesting. Zo krijgen varkens vanaf 2013 meer ruimte; dieren vanaf 85 kilo bijvoorbeeld ten minste een vierkante meter. Verder moeten de dieren bijvoorbeeld in vaste groepen leven. Het varkensbesluit gaat zo ver dat er vanuit de agrarische wereld weerstand tegen bestaat. Varkensboeren overwegen zich alleen nog te richten op het fokken van biggen voor de export. In andere landen, waar de eisen minder streng zijn, worden ze dan tot slachtrijpe varkens grootgebracht. Met het varkensbesluit loopt Nederland voorop in Europa en de wereld. Geïmporteerd vlees is bijna altijd onder slechtere omstandigheden grootgebracht dan dat uit Nederland.

Een varkensbedrijf dat voldoet aan dit varkensbesluit vergt een miljoeneninvestering, die alleen rendabel is voor een grootschalige onderneming. Dit betekent in de praktijk de bouw van de zo vermaledijde megastal. Maar dan wel met een systeem voor langzame ventilatie die energie-efficiënt is. In plaats van langs bulderende ventilatoren die smerige lucht naar buiten blazen, wordt de lucht langs biologische luchtwassers geleid die ammoniak, fijnstof en stank verwijderen. De vervuiling is nog maar een fractie van die van conventionele of biologische stallen.

Megastallen kunnen worden ingedeeld in zones met eigen hygiënische regels. Personeel gaat geheel ontsmet van zone naar zone. Besmettingshaarden kunnen direct worden geïsoleerd. Antibiotica hoeven praktisch niet te worden gebruikt. Een probleem dat in conventionele en biologische stallen niet op te lossen is.

Dan is er nog het ruimtebeslag. Bewoners van gebieden die aangewezen zijn als 'landbouw ontwikkelingsgebied' (log) zien met vreze de stallen komen. Toch zit achter de aanwijzing van logs een bedoeling. De bouwer van een nieuwe varkensstal moet zorgen dat elders bedrijven met net zo veel varkens definitief stoppen. Per saldo blijven dus minder varkensbedrijven over. Voor de logs hebben gemeenten meestal eisen gesteld aan nieuwe bedrijven: maximale hoogte van gebouwen, verbod van hoge silo's en afscherming met groen.

Rest nog het emotionele argument van de vleesfabriek. Allereerst waren en zijn misstanden op kleine boerderijen bepaald niet uitzonderlijk. Terug naar kleinschaligheid moet je uit het oogpunt van dierenwelzijn niet willen. Het is ook nog niet rendabel, zelfs al verdubbelen de vleesprijzen. Het publiek zou wel meer betrokken moeten worden bij wat er gebeurt achter de stalmuren. Gelukkig stellen steeds meer agrariërs zich hiervoor open. In een megastal kunnen inloopsluizen gemaakt worden van waaruit publiek kan zien hoe de dieren er leven.

-

De auteur is economieredacteur van deze krant.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.
 
Reacties
laatste eerstSorteer reacties
De primaire vraag die gesteld moet worden is of Brabant geschikt is om als productie ruimte voor de wereldmarkt te dienen. Een aantal argumenten op een rij.
Brabant kent een grote ruimte druk en veel milieuproblemen. De luchtkwaliteit in oost-Brabant behoort tot de slechtste van Nederland. De intensivering van de landbouw in de afgelopen 50 jaar heeft een grote achteruitgang van de biodiversiteit veroorzaakt. De veroorzaakte schade lossen we niet op door nog meer ammoniak, fosfaat en stikstof te produceren.
De intensieve veehouderij levert ten opzichte van de dienstverlening, handel of recreatieve sector zeer weinig arbeidsplaatsen op. Zeker als je dit weg zet tot het ruimtegebruik.
Verder zou je de vraag moeten stellen of je in een dichtbevolkte provincie grote hoeveelheden dieren moet houden, het gevaar van ziekten zoals de Mexicaanse griep (lees: varkensgriep) MRSA en Q-koorts onder mensen wordt alleen maar groter. Het aantal varkens in Brabant loopt gestaag op (door het aankopen van productierechten buiten Brabant), naar verwachting zullen er over enkele jaren, net zo veel varkens in Brabant zijn als voor de uitbraak van de Varkenspest. Hierdoor zijn de honderden miljoenen euro's die door de Provincie zijn uitgegeven voor het opkopen van 'productie rechten' in Brabant voor niks geweest.
Waarom goedkoop vlees produceren voor de wereldmarkt? ipv het verbouwen en produceren van duurzame en hoogwaardige producten voor de binnenlandse markt. Dit laatste zou een betere strategie zijn voor de Brabantse landbouw. Het is toch te gek voor woorden dat wij exclusieve vleeswaren uit Italië en Spanje moeten halen omdat wij in Nederland in hoofdzaak pulp produceren.
Voldoende stof om over na te denken.
toon - 02-12-2009 | 22:58
In het stuk staat dat de bouwer van een nieuwe stal moet zorgen dat elders net zoveel dieren verdwijnen. Dat klopt. Probleem is echter dat niet bekend is waar die dieren vandaan komen. Dat kan uit heel Nederland zijn. In de toch al overbelaste Peelregio neemt het aantal varkens en kippen nog verder toe.
Werkgroep Behoud de Peel - 23-11-2009 | 10:34
"Het varken wil slechts ruimte om te leven zoals een varken dat wil, zonder pijn of ellendige omstandigheden."

En hoe passen de slachthuizen die jaarlijks meer dan 1 miljard dieren afslachten precies in dat plaatje??

Arnoud
EDEV - Een DIER Een VRIEND
http://eendiereenvriend.hyves.nl
Arnoud - 20-11-2009 | 01:19
Zéér tendentieus van deze economieredacteur. Noem ook eens 't feit dat vorige maand in Reusel 8 varkensboeren betrapt werden omdat hun luchtwasser buiten gebruik was gesteld!! Er waren zelfs stallen in gebruik waarin de wettelijk verplichte luchtwasser niet eens geínstalleerd was. Leve de varkensmaffia! Bedankt CDA en dorpspolitiek.
Dirk - 19-11-2009 | 16:49
Heeft de auteur er dan ook bij stil gestaan dat indien de stelling die hij opwerpt: het een varken niet uit maakt of hij met 100 of met 1000 soortgenoten moet leven het ook zo is dat indien het een varken dan ook niet veel uit zal maken of dit op het platteland of op een industrieterein gebeurd. Dat dit alleen voor de ondernemer uit maakt ivm het feit dat industriegrond geen agrarische grond is en dus niet subsidiable is. De noodzaak om in het buitengebied deze bedrijvigheid te doen totaal verdwenen is omdat er geen verplichting tot grondgebondenheid meer is(eigen voer maken) en zo kunnen we nog wel even door gaan. Het egoistme waar mn de NIMBY van beschuldigd worden staat niet in verhouding tot het egoistme wat de sector ten toon stelt.
De gunstige - 19-11-2009 | 11:01

Reageren

blij blozend boos cool verrast droevig egaal gemeen huilend vertwijfeld knipoog lachen rollendeogen tongeruit wijdogig

Forumregels


De website van het ED is een platform voor discussie. Lezers wordt de gelegenheid geboden om in forums te reageren op geselecteerde artikelen, commentaren en columns. Scherpe en kritische reacties dragen bij aan het debat. Om de discussie in goede banen te leiden, gelden de volgende spelregels:


1. Elke reactie wordt vooraf door de redactie beoordeeld. De redactie heeft het recht om zonder verdere toelichting bijdragen te weigeren, te bewerken of in te korten.

2. Reacties moeten kort en bondig zijn (maximaal 250 woorden), leesbaar en begrijpelijk zijn en inhoudelijk betrekking hebben op het onderwerp van het betreffende artikel.

3. Voor de discussie gelden elementaire fatsoensnormen. Schuttingtaal en scheldwoorden zijn niet toegestaan.

4. Reacties die beledigend of discriminerend zijn, (oncontroleerbare) beschuldigingen, bedreigingen bevatten of oproepen tot haat of geweld worden niet geplaatst.

5. Reacties mogen geen privégegevens van derden bevatten.

6. Reacties die anoniem zijn of onder een valse naam worden ingestuurd, kunnen worden geweigerd.

7. Reacties mogen geen auteursrechten overtreden en geen commerciële boodschappen bevatten.

8. Het ED staat open voor kritiek – zowel positief als negatief – op de krant en op haar redacteuren. Correcties en aanvullingen op artikelen zijn welkom. Inhoudsloze kritiek wordt niet geplaatst.

9. Het IP-adres vanwaar wordt gereageerd wordt altijd vastgelegd.

10. Reacties, of citaten daaruit, mogen worden gebruikt op alle publicaties van het ED (websites, krant, sociale media, enz.).


De redactie is niet kinderachtig. Laat u dus niet ontmoedigen door de spelregels. Ze zijn uitsluitend bedoeld om een goede discussie te bevorderen. De redactie gaat zorgvuldig te werk. Mocht u desondanks reacties op de website ontdekken die in strijd zijn met de spelregels of anderszins niet door de beugel kunnen, laat ons dat dan weten via e-mail.

Poll

Louis van Gaal is van harte welkom als trainer van PSV

Laat hier uw uitgebreide reactie achter

Specials