President Obama spreekt het Congres toe tijdens zijn eerste State of the Union.foto Mike Theiler/EPA
In een reactie op de verrassende recente Democratische nederlaag bij de tussentijdse Senaatsverkiezing in de deelstaat Massachusetts zei president Obama dat het bij deze kiezersopstand niet om hem ging. Hiermee had hij slechts voor een deel gelijk, want het Democratische verlies van de Senaatszetel in Massachusetts, die al sinds 1953 door een Kennedy was bezet (eerst John, daarna Edward) is wel degelijk ook het gevolg van het binnenlandse beleid dat de regering-Obama in 2009 heeft gevoerd.
Waarmee nog niet gezegd wil zijn dat dit beleid de grootste oorzaak is van
de onrust onder het Amerikaanse electoraat. Integendeel. Slechts een paar
weken geleden kon je nog op veel plaatsen horen dat Obama's economische
stimuleringsprogramma en zijn maatregelen om banken,
verzekeringsmaatschappijen en autofabrieken van de ondergang te redden de
economie voor een grote depressie hadden behoed. De meeste economen zien het
nog altijd zo.
Politiek is niet eerlijk: de president en zijn team
werden bij hun aantreden in januari vorig jaar geconfronteerd met een
gevaarlijke financiële en economische crisis. Vervolgens hebben ze het hele
jaar gewerkt om een diepere crisis te voorkomen en daarbij zijn ze
grotendeels succesvol geweest. En nu toch deze afwijzing.
Na de
glorieuze inauguratie van de nieuwe president hebben de Amerikanen snel
ontdekt dat hun dagelijkse realiteit een andere was dan de mooie
toekomstbeelden waarin ze tijdens Obama's campagne zo vurig hadden geloofd.
Dat is mede een verklaring voor de politieke tegenslag: de hooggespannen
verwachtingen van een betere samenleving moesten plaatsmaken voor een
crisis, een sterk stijgende werkloosheid, onzekerheid over de toekomst en
een exploderende staatsschuld. Het is bijkans onmogelijk in zulke
omstandigheden nog politiek terrein te winnen.
Daarnaast werd
vanuit de rechtse hoek van het begin af aan een felle campagne tegen de
president en zijn beleid gevoerd. Denk bijvoorbeeld aan de cynische
anti-Obama-propaganda die dagelijks door de tv-zender FoxNews en
verschillende conservatieve 'talkradio-presentatoren' over het land wordt
uitgestort.
Obama wordt daarbij voorgesteld als een extremist, die
de Democratische meerderheid in het Congres én de crisis gebruikt om Amerika
een socialistisch systeem op te leggen. Het is moeilijk te meten welk effect
dit precies heeft in verkiezingen, maar feit is dat FoxNews al jaren het
best bekeken nieuwskanaal in de VS is en de Republikeinse partij maakt daar
dankbaar gebruik van.
De president heeft zijn vijanden zelf wel de
nodige munitie gegeven. Feit is namelijk ook dat zijn regering er nooit een
geheim van heeft gemaakt dat het tijd is – crisis of niet – dat de centrale
overheid meer invloed gaat uitoefenen en meer initiatieven neemt om de grote
problemen van het land aan te pakken. De beoogde hervorming van het
ziektekostenstelsel is hiervan het prominentste voorbeeld. Het is echter een
onmiskenbaar feit dat het wantrouwen tegen de invloed van de overheid,
vooral die in Washington, bij veel Amerikanen heel diep zit.
Uitgerekend in een tijd waarin de reputatie van de centrale overheid zich op
een dieptepunt bevond door onder meer de hoge staatsschuld en duistere
politieke zaakjes, koos Obama ervoor – al dan niet noodgewongen – de
centrale overheid meer bevoegdheden te geven en meer geld te laten uitgeven.
Daarbij heeft hij zich volgens velen onvoldoende laten gelden tegenover zijn
partijgenoten in het Congres.
Zo is het wetgevende proces
langduriger, ondoorzichtiger, duurder en eenzijdiger geweest dan nodig was,
vooral in het geval van de hervorming van de ziekteverzekering. Daarom was
het hoog tijd voor de president om opnieuw tekst en uitleg aan het
Amerikaanse volk te geven, als hoofd van de nationale regering in
Washington. Dat was het doel van Obama's State of the Union vorige week
woensdag, een toespraak die, hoewel opgesteld in reactie op de recente
politieke weerstand, geen werkelijke koersverandering aankondigde. Er was
wel een retorische verandering: enerzijds de nadruk op de noodzaak van
werkgelegenheidsbevordering en anderzijds een oproep aan vriend en vijand om
zich pragmatischer op te stellen en zo het vertrouwen van de bevolking in de
politiek te herstellen.
Want dat is de paradox van het Amerikaanse
debat: wantrouwen tegenover Washington weerhoudt veel Amerikanen er niet van
om juist van de centrale overheid oplossingen te verwachten. Terecht wees
Obama er in zijn toespraak op: de president kan het niet alleen.
Met zijn eerste State of the Union heeft hij nu zijn aandeel geleverd en zijn
positie duidelijk gemarkeerd. Het is aan het Congres, partijgenoten én
Republikeinen, om de volgende stap te zetten. Waar mogelijk gezamenlijk,
maar anders via de nog altijd bestaande Democratische meerderheid.
Bovenaan de lijst staat het wetsvoorstel over de gezondheidszorg. Het zal
vooral van Obama's partijgenoten afhangen of de beoogde hervormingen
werkelijkheid worden. Falen zal de indruk versterken dat een effectieve
aanpak van problemen, ontstaan onder een Republikeinse regering, ook voor de
Democraten buiten bereik ligt. Dan zou de VS pas echt in een politieke
crisis verzeild raken.
-
De auteur doceert
nieuwste geschiedenis aan de Universteit van Amsterdam.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.



Sorteer reacties














