Deze week debatteert de Tweede Kamer over het drugsbeleid. Ik maak mij grote
zorgen over de richting waarin dit beleid zich de laatste jaren ontwikkelt.
'Harm reduction' – beperking van de schade door drugs – is verruild voor
repressie en criminalisering. Het aantal coffeeshops is gehalveerd, de
gedoogde bezits- en verkoophoeveelheid ging van 30 naar 5 gram en
(thuis)teelt van cannabis wordt keihard vervolgd.
Waar Nederland
voor repressie kiest, opteren steeds meer landen (Portugal, Tsjechië, VS)
voor decriminalisering. Juist nu zou Nederland zich internationaal hard
moeten maken voor regulering van cannabis.
Job Cohen onderstreepte
dit onlangs in een brief aan het kabinet: 'Het internationale politieke
getij oogt gunstig voor het Nederlands beleid. President Obama heeft
verklaard dat hij het drugsbeleid zal stoelen op zakelijke, niet
ideologische basis.'
Dat is precies waar het drugsdebat om draait:
de keuze tussen een rationele, pragmatische benadering en een ideologische
aanpak, zonder oog voor doelmatigheid.
Het repressieve beleid van
de afgelopen jaren creëert meer problemen dan oplossingen. Zo maakte de
jacht op kleine thuiskwekers de weg vrij voor de 'grote jongens' die de
teelt nu beheersen. Het 'afstandscriterium' voor coffeeshops bij scholen
wordt ook door de Commissie Van de Donk als nutteloos beoordeeld.
Minderjarigen komen immers nu al geen enkele coffeeshop in. Ook een
pasjessysteem om toeristen te weren is het paard achter de wagen spannen:
geweigerde toeristen zijn een gedroomde doelgroep voor drugsrunners en
andere illegale dealers, met alle overlast van dien.
Op de Tweede
Kamer rust de verantwoordelijkheid mee te beslissen over de kant die we met
cannabis opgaan. Verdere decriminalisering en daarmee kwaliteitscontrole,
transparante bedrijfsvoering en belastingafdracht? Of meer repressie en dus
meer productvervuiling, geweld en criminaliteit en besteding van honderden
miljoenen belastinggeld? Nu al klaagt de politie dat cannabis haar grootste
zorg is. Het is een schande dat zoveel capaciteit wordt besteed aan de
'bestrijding' van dit relatief onschuldige roesmiddel, terwijl er te weinig
capaciteit is voor de aanpak van ernstiger criminaliteit, zoals gewelddadige
inbraken, overvallen, mensenhandel etc. Over de gezondheidsschade van
cannabis rapporteerde het RIVM vorig jaar uitgebreid. In zijn ranking van
drugs – van meest naar minst schadelijk – eindigde alcohol op de derde
plaats, tabak op vier en cannabis op elf. Bestaande problemen rond cannabis
zijn alleen door verdere decriminalisering adequaat aan te pakken: evenmin
als alcohol of tabak hoort cannabis in de strafwet thuis. De vraag die
Kamerleden voor zichzelf moeten beantwoorden is deze: laten we cannabis aan
criminelen over of gaan we eindelijk fatsoenlijk reguleren, net als bij
tabak en alcohol, middelen met aanzienlijk grotere gezondheidsrisico's?
-
De auteur is Eindhovenaar, publicist en actief voor de
Vereniging voor Opheffing van het Cannabisverbod.

















