Breed gebarend licht president Barack Obama zijn plannen voor de gezondheidszorg toe. foto Chris Gardner/EPA
En dan vooral president Obama. Die zou volgens het weekblad niet hebben
geprobeerd gemene zaak te maken met de Republikeinse oppositie. Had hij dit
wel gedaan, in plaats van het initiatief voor de hervorming van het
zorgstelsel bij de linkervleugel van de Democraten in het Congres te leggen,
dan had hij waarschijnlijk meer bereikt.
The Economist gedroeg
zich in dit geval als spreekbuis van de Republikeinse oppositie in de VS,
die zich inderdaad als de redelijkheid zelve probeert voor te doen maar er
in werkelijkheid slechts op uit is om de president tegen te werken in zijn
streven de gezondheidszorg te hervormen. Ze maken hem uit voor
links-radicaal en proberen zo in te spelen op de nervositeit van de
Amerikaanse kiezer over de labiele economische toestand van het land.
Tijdens de topontmoeting over de gezondheidszorg tussen de president en een
aantal vooraanstaande Republikeinen, eind februari, was weer te zien dat de
oppositie wat dit onderwerp betreft niet in een compromis is geïnteresseerd.
Dat het voor de president anders ligt, is misschien het beste te zien aan de
kritiek die hij binnen en buiten z'n eigen partij vanuit de linkerhoek over
zich uitgestort krijgt. Daar is men juist kwaad op Obama omdat hij zich niet
scherp genoeg tegenover de Republikeinen zou opstellen. Volgens 'links' is
het een illusie te denken dat er in het politieke midden beleid kan worden
gemaakt. Politici en commentatoren uit dat kamp vinden Obama een slappeling
omdat hij dat toch blijft proberen.
Je kunt het ook anders
bekijken. Als je het – zoals Obama – van beide kanten te verduren hebt, zit
je misschien wel ongeveer goed met je ideeën. Maar ook al heeft de president
met de huidige versie van zijn hervormingsplan voor de gezondheidszorg links
en rechts al compromissen gesloten, het benodigde aantal stemmen in het
Congres heeft hij nog lang niet.
Het verzamelen van voldoende
stemmen, daar draait het in de Amerikaanse politiek steeds om. In de jaren
zestig was president Lyndon Johnson hier een meester in. Met een combinatie
van pluimstrijken, intimidatie en cadeautjes voor hun kiezers wist hij van
sceptische Congresleden steun te krijgen voor zijn hervormingsplannen, zoals
gelijke burgerrechten voor zwarte Amerikanen. Het enige wat je Obama nu zou
kunnen verwijten, is dat hij zelf niet genoeg aan de telefoon heeft gezeten
om weifelende Congresleden over de streep te trekken.
Obama's
probleem is ingewikkelder dan Democraten versus Republikeinen, want juist
zijn eigen partij is onderling verdeeld. Het linkse Democratische Congreslid
Dennis Kucinich heeft bijvoorbeeld al aangekondigd dat hij tegen het
zorgverzekeringsplan van Obama zal stemmen omdat het geen 'staatspolis'
bevat.
Een nog groter probleem zijn de conservatieve Democraten
die vorig jaar niet of heel moeilijk voor de plannen te winnen waren. Na de
Democratische nederlaag bij de tussenverkiezing in Massachusetts in januari
zijn deze nog huiveriger geworden. Het zou niet de eerste keer zijn dat
steun voor een groot hervormingsvoorstel volksvertegenwoordigers hun zetel
kost.
Met zijn topontmoeting met de Republikeinen, eind vorige
maand, heeft Obama duidelijk aangegeven dat hij de strijd voor zijn zorgplan
niet opgeeft. Gezien de Republikeinse houding moeten de Democraten het nu
echter wel zelf doen. Daarvan is ook Obama overtuigd. Het is allesbehalve
zeker dat dit gaat lukken.
Het hervormingsplan voorziet nog steeds
in belangrijke veranderingen, zoals het verzekeren van meer Amerikanen via
onder meer een verzekeringsplicht, financiële hulp voor lage inkomensgroepen
en inperking van de macht van verzekeringsmaatschappijen.
Maar bij
de koehandel tussen de Democraten onderling zijn zo langzamerhand alle
maatregelen gericht op beteugeling van de uit de hand lopende kosten van het
stelsel verdwenen. Veel Amerikanen zijn in principe wel bereid het stelsel
uit te breiden en ervoor te zorgen dat mensen hun zorgverzekering niet
kunnen verliezen (bijvoorbeeld bij werkloosheid), maar heel weinigen willen
daar aan meebetalen, ook al maakt de huidige situatie de zorg voor iedereen
steeds duurder.
Er moet nu dus een meerderheid worden gevonden
voor een imperfect plan dat van links en rechts onder vuur ligt en dat de
Democraten bij de senaatsverkiezingen in november zetels kan kosten. Niet
alleen als het plan doorgaat, maar ook als het mislukt, want een mislukking
na zoveel werk en na zó dicht bij succes te zijn gekomen, heeft voor de
Democraten eveneens een politieke prijs. Obama is geen Johnson, maar hij zal
de komende weken zijn imposante voorganger in overredingskracht moeten
benaderen om zich als effectief hervormer te bewijzen en zijn critici de
mond te snoeren.
-
De auteur doceert nieuwste
geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.



Sorteer reacties















