article
1.6201115
“Maar dat herken ik!” “Meen je dat?” vraag ik verbaasd aan de vrouw met wie ik regelmatig samenwerk en die ik zojuist in een opwelling volgens mij iets heel raars over mezelf heb verteld. “Zeker weten,” antwoordt ze overtuigd. “Laatst was ik voor het eerst bij een commissievergadering. Ik zat daar dus tussen allemaal mensen die ik niet kende. Vreselijk vond ik dat. Toen had ik precies wat jij beschrijft: het gevoel dat ik in een film zat, alsof het niet echt was. Op die manier zat ik te kijken naar wat ze deden en zo keek ik ook naar mezelf. Als naar een figurant in een film.”
Gastblog Yvette den Brok: Alsof ik in een film zit
“Maar dat herken ik!” “Meen je dat?” vraag ik verbaasd aan de vrouw met wie ik regelmatig samenwerk en die ik zojuist in een opwelling volgens mij iets heel raars over mezelf heb verteld. “Zeker weten,” antwoordt ze overtuigd. “Laatst was ik voor het eerst bij een commissievergadering. Ik zat daar dus tussen allemaal mensen die ik niet kende. Vreselijk vond ik dat. Toen had ik precies wat jij beschrijft: het gevoel dat ik in een film zat, alsof het niet echt was. Op die manier zat ik te kijken naar wat ze deden en zo keek ik ook naar mezelf. Als naar een figurant in een film.”
http://www.ed.nl/mening/blogs/gastblog-vrij/gastblog-yvette-den-brok-alsof-ik-in-een-film-zit-1.6201115
2016-08-01T09:00:00+0000
http://www.ed.nl/polopoly_fs/1.4298124.1428864058!image/image-4298124.jpg
Eindhoven,Vrij
Gastblog: Vrij!
Home / Mening / Blogs / Gastblog: Vrij! / Gastblog Yvette den Brok: Alsof ik in een film zit

Gastblog Yvette den Brok: Alsof ik in een film zit

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Fotograaf
    “Maar dat herken ik!” “Meen je dat?” vraag ik verbaasd aan de vrouw met wie ik regelmatig samenwerk en die ik zojuist in een opwelling volgens mij iets heel raars over mezelf heb verteld. “Zeker weten,” antwoordt ze overtuigd. “Laatst was ik voor het eerst bij een commissievergadering. Ik zat daar dus tussen allemaal mensen die ik niet kende. Vreselijk vond ik dat. Toen had ik precies wat jij beschrijft: het gevoel dat ik in een film zat, alsof het niet echt was. Op die manier zat ik te kijken naar wat ze deden en zo keek ik ook naar mezelf. Als naar een figurant in een film.”

    Ze kijkt alsof ze een reactie van me verwacht, maar ik ben er stil van. Tot nu toe heb ik steeds gedacht dat ik misschien wel de enige op de hele wereld was met zulke aparte ervaringen en ik heb even nodig om te beseffen dat dat niet zo is.

    “Mijn vriendin zegt steeds dat ik mezelf daar gerust tegen mag beschermen,” vertelt ze verder. “Dat ik niet verplicht ben om me bij een groep vreemde mensen aan te sluiten als dat zo’n heftige ervaring voor me is. Maar dan kom ik helemaal niet meer buiten mijn eigen kringetje en dat lijkt me ook niet goed.”

    “Nee,” zeg ik en nu vind ik de moed om haar meer over mijn ervaringen te vertellen. Ik vertel dat ik ben opgevoed met het idee dat mensen mij raar vinden, omdat ik in een rolstoel zit, anders beweeg en anders praat. ”Maar is dat dan zo?” vraagt ze belangstellend. “Nee hoor,” zeg ik blij. “Gelukkig niet. Tja, ik kom wel eens iemand tegen die even niet weet hoe hij op mij moet reageren, maar als ik dan een praatje aanknoop of gewoon even vriendelijk lach, is het ijs al gauw gebroken. Maar ja, dat weet ik pas sinds een paar jaar.”

    “Maar hoe kwam je er dan achter?” “Door het contact met mijn moeder verbreken,” biecht ik vol berouw op. “Daardoor kreeg je de ruimte om anders naar mensen te gaan kijken,” begrijpt ze. Ik knik. “Maar nu heb ik dus steeds het idee dat ik in een film speel. Het is zo onwerkelijk om te ervaren dat ik niet bang hoef te zijn dat mensen mij niet zomaar veroordelen en mij zien zoals ik ben: een vrouw die toevallig gehandicapt is en gewoon haar dingen doet. Sinds ik niet meer bang ben om raar gevonden te worden, ontmoet ik bovendien steeds meer leuke, lieve mensen en dat maakt het nog onwerkelijker. Soms voel ik een soort kortsluiting in mijn hoofd.”

    “En daardoor krijg je opnieuw het idee dat je raar bent,” glimlacht ze. “Nou, troost je maar. Je bent echt niet de enige.” Opgelucht haal ik adem.

    Bezoek de website van Yvette den Brok