article
1.6191938
“Ik verkies de optie om een kind met een handicap geboren te laten worden, af te wachten hoe één en ander uitpakt en te kiezen voor actieve levensbeëindiging indien dat echt het beste lijkt boven een abortus. Ik vind dat ouders de kans moeten krijgen om hun kind te zien, om ervan te gaan houden.” Wauw! denk ik en ik krijg kippenvel over heel mijn lichaam. Zo’n opmerking had ik niet meer verwacht.
Gastblog Yvette den Brok: Baby’s zijn potentiële volwassenen. Toch?
“Ik verkies de optie om een kind met een handicap geboren te laten worden, af te wachten hoe één en ander uitpakt en te kiezen voor actieve levensbeëindiging indien dat echt het beste lijkt boven een abortus. Ik vind dat ouders de kans moeten krijgen om hun kind te zien, om ervan te gaan houden.” Wauw! denk ik en ik krijg kippenvel over heel mijn lichaam. Zo’n opmerking had ik niet meer verwacht.
http://www.ed.nl/mening/blogs/gastblog-vrij/gastblog-yvette-den-brok-baby-s-zijn-potenti%C3%ABle-volwassenen-toch-1.6191938
2016-07-18T09:00:00+0000
http://www.ed.nl/polopoly_fs/1.4309176.1420207616!image/image-4309176.jpg
Eindhoven,Vrij
Gastblog: Vrij!
Home / Mening / Blogs / Gastblog: Vrij! / Gastblog Yvette den Brok: Baby’s zijn potentiële volwassenen. Toch?

Gastblog Yvette den Brok: Baby’s zijn potentiële volwassenen. Toch?

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Fotograaf
    “Ik verkies de optie om een kind met een handicap geboren te laten worden, af te wachten hoe één en ander uitpakt en te kiezen voor actieve levensbeëindiging indien dat echt het beste lijkt boven een abortus. Ik vind dat ouders de kans moeten krijgen om hun kind te zien, om ervan te gaan houden.” Wauw! denk ik en ik krijg kippenvel over heel mijn lichaam. Zo’n opmerking had ik niet meer verwacht.

    Ik praat met een kinderarts die zich al sinds vóór de invoering van de twintigwekenecho bezighoudt met de vraag wanneer je moet besluiten om een baby’tje dat met een zware aandoening of ziekte ter wereld komt te behandelen zodat het blijft leven en wanneer je moet kiezen voor levensbeëindiging van zo’n kindje.

    Ik heb een aantal jaar geleden regelmatig wakker gelegen van de discussie die er door zijn werk ontstond over de zin van het leven met een handicap. Ik voelde mijn bestaansrecht wankelen, ik heb er artikelen over geschreven en over gediscussieerd. Totdat ik inzag dat er nu eenmaal mensen zijn die opzien tegen het ongemak van een gehandicapt kind én dat er langzamerhand legale, ingeburgerde mogelijkheden gingen ontstaan om daar niet voor te kiezen. Wie ben ik om daar iets tegenin te brengen? Ik staakte mijn strijd.

    Maar toen ik onlangs deze kinderarts op TV zag, kreeg ik zin om met hem praten. Over zijn werk en bezieling, over mijn zorgen en frustraties. Ik mailde hem en was helemaal in de wolken met zijn uitnodiging. Nu is het zover, maar tot een echt gesprek zijn we nog nauwelijks gekomen. Ik hang werkelijk aan zijn lippen als hij vertelt over zijn overtuiging dat het goed is dat er door de discussie openheid is gekomen over levensbeëindiging van gehandicapte baby’s, wat eerder in het geniep gebeurde, als hij vertelt hoe verschillend mensen over dit vraagstuk denken en over nog zoveel meer. Ik blijf vragen, luisteren, vragen.

    Hij antwoordt, vertelt, maar hij vraagt mij niets en hij blijft zo klinisch, zo emotieloos. Tot hij vertelt dat hij het ouders zo gunt om hun kindje te zien voordat ze grote beslissingen nemen. Ineens zit er niet alleen een kundig kinderarts voor me, maar ook een méns. “Heeft u nog vragen aan mij?” probeer ik. Maar verder dan de vraag wat ik van het gesprek heb gevonden komt hij niet. Voorzichtig vertel ik hem dat ik had verwacht dat hij zou overlopen van vragen aan mij. “Waarom?” vraagt hij. “Mijn werk gaat over baby’s. Wat had ik u daarover kunnen vragen?” Volgens mij zijn baby’s potentiële volwassenen,” glimlach ik. “De baby’s die u behandelt worden volwassenen met een handicap, mensen zoals ik.” Aan zijn gezicht meen ik te zien dat hij niet begrijpt wat ik bedoel. Er komt weer geen vraag terug.

    Bezoek de website van Yvette den Brok