article
1.6646151
“Opa! Zo ziet niet één Piet eruit!” “Vroeger wel, hoor,” krijgt onze vijfjarige kleinzoon als antwoord. Ik kijk op uit de krant naar mijn twee keukentafelgenoten die gezellig kleurplaten van Sinterklaas en zijn Pieten in zitten te kleuren. Als ik de pikzwarte Piet met zijn knalrode, brede lippen zie, snap ik de verbazing op het kleutergezicht.
Gastblog Yvette den Brok: Ongeschonden de zak weer uit?
“Opa! Zo ziet niet één Piet eruit!” “Vroeger wel, hoor,” krijgt onze vijfjarige kleinzoon als antwoord. Ik kijk op uit de krant naar mijn twee keukentafelgenoten die gezellig kleurplaten van Sinterklaas en zijn Pieten in zitten te kleuren. Als ik de pikzwarte Piet met zijn knalrode, brede lippen zie, snap ik de verbazing op het kleutergezicht.
http://www.ed.nl/mening/blogs/gastblog-vrij/gastblog-yvette-den-brok-ongeschonden-de-zak-weer-uit-1.6646151
2016-11-21T10:00:00+0000
http://www.ed.nl/polopoly_fs/1.4286362.1395839315!image/image-4286362.jpg
Eindhoven,Vrij
Gastblog: Vrij!
Home / Mening / Blogs / Gastblog: Vrij! / Gastblog Yvette den Brok: Ongeschonden de zak weer uit?

Gastblog Yvette den Brok: Ongeschonden de zak weer uit?

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Fotograaf
    “Opa! Zo ziet niet één Piet eruit!” “Vroeger wel, hoor,” krijgt onze vijfjarige kleinzoon als antwoord. Ik kijk op uit de krant naar mijn twee keukentafelgenoten die gezellig kleurplaten van Sinterklaas en zijn Pieten in zitten te kleuren. Als ik de pikzwarte Piet met zijn knalrode, brede lippen zie, snap ik de verbazing op het kleutergezicht.

    “Toen opa en ik net zo groot waren als jij nu, waren Pieten heel anders,” vertel ik. “Veel kinderen waren bang voor Pieten.” “Bang voor Pieten?” Onze moderne gelovige kan zich er duidelijk niets bij voorstellen. “Waarom?”

    “Nou. Ze hadden een takkenbos bij zich, de roe, heette die, en een zak. Als je stout was kon je een pak slaag met de roe krijgen en dan werd je in de zak gestopt want dan moest je voor straf mee naar Spanje om daar een heel jaar hard te werken voor Sinterklaas. Weet je dat ik een keer in de zak moest?” “Was jij dan zó stout, oma?” “Nee. Volgens mij was ik soms wel ondeugend maar was ik meestal best lief. Misschien vonden Pieten het gewoon leuk om mij en andere kinderen bang te maken. Gek, hé?” “Ja. Nu is dat gelukkig niet meer zo. Pieten zijn nu juist heel aardig,” glimlacht hij en hij kleurt weer lekker verder.

    “Hoe kwamen ze daar toch bij om jou toen in de zak te stoppen?” vraagt mijn man, die dit verhaal natuurlijk allang kent, zich voor de zoveelste keer af. “Ik weet het echt niet,” zeg ik. “Toen ik aan de beurt was om bij Sinterklaas te komen zat ik al met mijn voeten in zo’n juten zak voordat ik er erg in had en ik was er ook zo weer uit. Het ging allemaal heel snel maar ik was wel bang.” “Ja, allicht.” “Maar ja. Ik heb er niets aan over gehouden; geen trauma’s, zelfs geen slapeloze nacht,” zeg ik, maar ik betwijfel of dat helemaal waar is. “Ze hebben het vast niet kwaad bedoeld.”

    Ik geef ons jongetje een compliment voor z’n mooie kleurwerk en blijf nog even naar hem zitten kijken, terwijl ik nadenk over hoe mensen soms zulke rare dingen kunnen doen. Zo’n kind in de zak stoppen. Wie bedenkt er zoiets? Of dat er nu juffen en meesters zijn, die sommige kinderen die van zichzelf al een kleurtje hebben niet willen schminken. Idioot, toch?

    Als kind heb ik bedacht dat ze mij in de zak stopten als een soort bewijs van dat ze mij, ondanks mijn handicap, ‘normaal’ vonden en dus niet wilden sparen. Het klinkt onlogisch, maar is een verklaring waar ik mee kan leven. Zo’n zelfverzonnen verklaring die een rotervaring goedmaakt, is een mooi overlevingskunstje waar vooral kinderen goed in zijn. Het is nog mooier als iemand dat kunstje niet nodig heeft.

    Bezoek de website van Yvette den Brok