De kans is groot dat Reker te vroeg heeft gejuicht, want als het erop aan
komt om zaken te doen, heeft de gemeenteraad het laatste woord en niet
burgemeester Rob van Gijzel.
De toezegging van Van Gijzel dat hij
zich hard wil maken voor de uitbreiding van het Philips Stadion van 35.000
naar 44.000 plaatsen, zal Reker ongetwijfeld beschouwen als een stap in de
goede richting. De uitbreiding is nodig als Nederland en België erin slagen
om het WK voetbal van 2018 binnen te halen en Eindhoven in aanmerking wil
komen als speelstad. De burgemeester wil graag en PSV wil niet alléén
opdraaien voor de investering die geraamd wordt op minstens vijftig miljoen
euro.
Drie jaar geleden kreeg het PSV-bestuur nog het deksel
op de neus toen in het kader van de herfinanciering van het stadion werd
verzocht om gemeentegarantie. Dat was vóór het aantreden van Van Gijzel.
De kwestie kwam begin vorig jaar wel aan de orde tijdens de
burgemeestersverkiezing. Van Gijzel verklaarde toen nog dat PSV zo lang
mogelijk de eigen broek moet ophouden. Steun aan de club zou hij afwegen
tegen andere zaken die geld kosten. Zijn opponent Leen Verbeek toonde zich
heel wat toeschietelijker voor PSV.
Inmiddels speelt Eindhoven een
leidende rol bij de pogingen om het WK van 2018 naar Nederland en België te
halen. Dat verandert de zaak, want Van Gijzel ziet het WK als een uitgelezen
mogelijkheid voor de stad om aan de weg te timmeren. Maar dan moet Eindhoven
natuurlijk wel speelstad zijn. De burgemeester is om, nu de gemeenteraad
nog. Voor PSV is het dé kans om het stadion met steun van de gemeente uit te
breiden.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.


















