Nederland is een land van klussers. Het doe-het-zelven is geen hobby die massaal wordt uitgeoefend maar in veel gevallen een bittere noodzaak.
Zeker in tijden van hoogconjunctuur is het nauwelijks mogelijk om een bedrijf
te vinden dat voor een betaalbare prijs een verbouwing of
onderhoudswerkzaamheden wil uitvoeren. Wie twee linkerhanden heeft wordt wel
haast gedwongen om zijn toevlucht te zoeken bij een beunhaas of om Polen in
te huren.
De maatregel van demissionair minister Jan Kees de Jager van Financiën om het
btw-tarief op de arbeidskosten van verbouwingen tijdelijk te verlagen van 19
procent naar 6 procent moet dan ook worden toegejuicht. De bedoeling van De
Jager is vooral om de bouw te stimuleren. Het voorzichtige herstel van de
economie dreigt voorlopig immers voorbij te gaan aan de bouw met als gevolg
een verder oplopende werkloosheid in die sector. Nu de huizenmarkt nog
altijd maar moeizaam op gang komt, kunnen veel mensen wellicht worden
overgehaald om hun huidige woning onder handen te laten nemen.
Het herstel van de verkoop van bestaande en nieuwe woningen hoeft daar – in
tegenstelling tot wat onder meer makelaars en taxateurs vrezen – niet niet
dramatisch onder te lijden. Vaak is het eerste wat nieuwe eigenaren doen
immers verbouwen en dat kan nu tegen een lagere prijs.
Als verbouwingen professioneel worden uitgevoerd is dat niet alleen goed voor
de werkgelegenheid in de bouw. Ook de kwaliteit van woningen is ermee
gediend en de verleiding om werkzaamheden zwart te laten uitvoeren wordt
erdoor verkleind.
Mocht de lagere btw op verbouwingen een succes blijken, dan zijn er meerdere
reden voor de overheid om te overwegen om de tijdelijke maatregel om te
zetten in een permanente.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.


Sorteer reacties















