article
1.6206249
OPINIE - Joep Verbugt is voorzitter van de raad van bestuur van de GGzE en voorzitter van het Forensisch Netwerk GGZ Nederland. Hij is de schrijver van dit opiniestuk.
Opinie - Beeld media tbs niet terecht
OPINIE - Joep Verbugt is voorzitter van de raad van bestuur van de GGzE en voorzitter van het Forensisch Netwerk GGZ Nederland. Hij is de schrijver van dit opiniestuk.
http://www.ed.nl/mening/opinie-beeld-media-tbs-niet-terecht-1.6206249
2016-07-20T07:30:00+0000
http://www.ed.nl/polopoly_fs/1.6206250.1477083378!image/image-6206250.JPG
Eindhoven,Opinieartikel,Opinie ED,hermes
Mening
Home / Mening / Opinie - Beeld media tbs niet terecht

Opinie - Beeld media tbs niet terecht

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Beschrijving
      De tbs-instelling de Woenselse Poort. Archieffoto Jean Pierre Reijnen
    OPINIE - Joep Verbugt is voorzitter van de raad van bestuur van de GGzE en voorzitter van het Forensisch Netwerk GGZ Nederland. Hij is de schrijver van dit opiniestuk.

    Het beeld dat in de media opdoemt is misschien anders, maar eigenlijk gaat er best veel goed in tbs-instellingen.

    Als je de doorsnee burger vraagt naar zijn beeld van tbs (gedwongen verpleging) heb je grote kans dat eerst gedacht wordt aan het niet op tijd terugkeren van verlof, ontvluchtingen, terugval in gewelddadige criminaliteit, suïcides en niet in de laatste plaats ook aan drugs en wapens in klinieken.

    Dit beeld wordt sterk gevoed doordat incidenten in de media breed worden uitgemeten en de voorpagina van de krant halen.

    Zo was ook de Woenselse Poort in Eindhoven de afgelopen periode diverse malen in het nieuws met incidenten. Het laatste incident betrof een medewerkster die ontslagen is vanwege een relatie met een cliënt. Dergelijke voorvallen verdienen de nodige aandacht, moeten ook altijd onderzocht worden en van nadere maatregelen worden voorzien als dat nodig is.

    Tegelijkertijd mag én moet er ook meer aandacht zijn voor de feiten die een reëel en volledig beeld geven van de sector.

    Dat laatste spreekt weliswaar letterlijk minder tot de verbeelding, maar leidt wel tot een genuanceerd en eerlijk oordeel. Het doet bovendien veel meer recht aan het personeel dat in vaak moeilijke omstandigheden heel goed werk verricht.

    Wat zijn dan die feiten?

    Allereerst dat tbs-behandelingen de samenleving veel veiliger maken. De kans dat een tbs'er na behandeling terugvalt in crimineel gedrag is veertig procent mínder dan bij iemand die een gevangenisstraf achter de rug heeft.

    99,5 procent van de tbs'ers die met verlof gaan, is op tijd terug in de kliniek. De 0,5 procent die niet op tijd terug is, meldt zich vaak al weer binnen een paar uur.

    Alle verloven worden door onafhankelijke deskundigen vooraf beoordeeld. Het geven van verlof is een gecalculeerd risico. Als je dat niet wil, moet je mensen levenslang blijven opsluiten en daar kiezen we als samenleving niet voor.

    Het aantal daadwerkelijke ontvluchtingen uit een kliniek is makkelijk op een hand te tellen.

    Er wordt sterk ingezet op de bestrijding van aanwezigheid van drugs en wapens. Tegelijkertijd weten we dat zelfs de strengst beveiligde gevangenis geen honderd procent garantie kan geven dat er geen drugs aanwezig zijn. En een tbs-kliniek is niet eens een gevangenis, maar is een beveiligde behandelsetting.

    De gemiddelde behandelduur van een tbs'er is in de afgelopen

    jaren teruggelopen van tien naar acht jaar. In diezelfde periode is het aantal ernstige gewelddadige incidenten met tbs'ers ook verder afgenomen.

    Hoewel je het op basis van de eerder genoemde incidenten wellicht niet zou verwachten, scoort de Woenselse Poort landelijk laag in het aantal werkelijke recidives ten opzichte van de verwachte recidives. Daarnaast scoren ze hoog op de lijst van de door het ministerie van Veiligheid en Justitie opgestelde doelmatigheidscriteria. Het aantal incidenten binnen de Woenselse Poort bedraagt nog geen vijf procent van het totaal aantal landelijke meldingen.

    'Droge' cijfers tonen dus aan dat tbs de samenleving veiliger maakt. De kosten van de behandeling worden ruimschoots gecompenseerd door de opbrengst van minder criminaliteit en overlast.

    Nieuws over de tbs is interessant, omdat het mensen betreft die ernstige misdaden hebben gepleegd en die een gevoel van onveiligheid oproepen. Daarom krijgen incidenten in dergelijke klinieken veel meer aandacht dan vergelijkbare incidenten in andere sectoren. Deze aandacht is echter wel vaak eenzijdig. Forensische zorg, waar de tbs deel van uitmaakt, biedt mensen gedwongen behandeling in veiligheid. Cliënten hebben in eerste instantie dus niet om die zorg gevraagd en zitten er dus ook niet op te wachten.

    Het kost dan ook geen moeite om een ontevreden cliënt te vinden die zijn ongenoegen wil uiten over die behandeling. Toch lukt het over het algemeen wel goed om de behandeling uiteindelijk met succes af te ronden en terugval te voorkomen.

    Dat laatste verhaal wordt amper verteld en sterker nog amper gehoord. Daarmee is immers het gevoel van veiligheid van de doorsnee burger niet gediend.

    Dat doet onrecht aan mensen die met succes een behandeling achter de rug hebben en ook aan de mensen die daarvoor gezorgd hebben.