Volledig scherm
© Jurriaan Balke/fotomeulenhof

Opinie - Het klinkt geweldig, maar is het dat ook?

OPINIE - De auteur van dit artikel is Frank Soutendijk. Hij was wethouder in Nuenen in de periode 1982-1990.

De nieuwe burgemeester van Eindhoven droomt van een Groot-Eindhoven met zo'n 450.000 inwoners, een verdubbeling van het huidige inwoneraantal. Daarmee zou Eindhoven niet alleen Utrecht als vierde stad van het land voorbij streven, maar zelfs Den Haag tot op enige tienduizenden inwoners benaderen.

De belangrijkste grond die John Jorritsma aanvoert voor deze snelle, spectaculaire groei is dat Eindhoven de status van derde Mainport in Nederland heeft gekregen. De 21 gemeenten die meehelpen bij de financiering van Brainport zijn in zijn ogen eigenlijk een stroperig blok aan het been en die kunnen beter opgedeeld worden in drie grote gemeenten. Eindhoven, aangevuld met zeven randgemeenten, moet dan de centrumgemeente worden en die grote gemeente kan dan aanschuiven in Den Haag waar de middelen verdeeld worden. Bovendien kunnen besluitvormingsprocessen sneller en efficiënter plaatsvinden. Het klinkt geweldig, maar is het dat ook?

Aansturen
Op de eerste plaats hoeft Eindhoven niet in inwoneraantal te groeien om mee te kunnen doen. De Brainport-status is al voldoende grond om mee te kunnen praten - en delen - in het kader van de Nationale Actieagenda Brainport. Daar is zo'n draconische herindeling niet voor nodig.

Daarnaast mis ik in het pleidooi van Jorritsma de vraag naar de bestuurlijke efficiëntie van een heel grote gemeente. Recent heeft de eigen accountant van de gemeente Eindhoven aangegeven dat het bestuur van de stad de eigen ambtenaren nu al niet goed kan aansturen. Hoe moet dat gaan in een twee keer zo grote gemeente met acht grotere en kleinere kernen? Er is geen enkele redelijke grond om te veronderstellen dat het dan wel goed zal gaan.

Experimenten
Dat het moeilijk is om te bepalen welk inwoneraantal de ideale omvang is, is duidelijk. In de periode na de Tweede Wereldoorlog zijn talloze experimenten op dit gebied gedaan, ook in Zuidoost-Brabant. Een recent onderzoek komt tot de - ruime - conclusie dat een gemeente met een inwoneraantal tussen de 50.000 en 100.000 inwoners het meest efficiënt bestuurbaar is. Bij die conclusie zou Eindhoven nu al vanuit bestuurlijk perspectief te groot zijn.

Grootschalige gemeentelijke herindeling is derhalve geen oplossing. Regionale samenwerking kan dat wel zijn. Het verleden heeft dat, zeker ook in Zuidoost-Brabant, aangetoond. Dat in deze tijd sommige besluitvormingsprocessen traag lijken te gaan, heeft veel te maken met de ongebreidelde overdracht van rijkstaken naar gemeenten, een decentralisatieproces dat mede werd ingegeven door bezuinigingsdrang bij de rijksoverheid. Gemeenten dienden opeens op heel belangrijke terreinen eigen beleid te gaan voeren en voor uitvoering zorg te dragen, zogenaamd dichter bij de burger. Dat zo'n majeure operatie niet meteen vlot verloopt, spreekt voor zich. De op gang gekomen regionale samenwerking op terreinen als zorg en jeugdzorg moet zich kunnen ontwikkelen. Dit is de enig werkbare weg en daar moeten de gemeentebesturen in investeren. Daar moeten ze de tijd voor krijgen. Het zal waarachtig wel gaan!