article
1.6200677
OPINIE - Deze brief vloeit voort uit een Participatietop in Tilburg en wordt op persoonlijke titel door 57 sleutelfiguren uit de sociale zekerheid ondertekend, onder wie Ton Wilthagen als de schrijver ervan, Staf Depla, Erik de Ridder, Huib van Olden, Aart van der Gaag, Doekle Terpstra, Luc Soete, Saskia Klosse, Paul de Beer, Ton de Kok, Jos Verhoeven, Marion van Limpt en Wil Ligtenberg.
Opinie - Oproep aan de politiek: ga eindelijk werk maken van de participatie
OPINIE - Deze brief vloeit voort uit een Participatietop in Tilburg en wordt op persoonlijke titel door 57 sleutelfiguren uit de sociale zekerheid ondertekend, onder wie Ton Wilthagen als de schrijver ervan, Staf Depla, Erik de Ridder, Huib van Olden, Aart van der Gaag, Doekle Terpstra, Luc Soete, Saskia Klosse, Paul de Beer, Ton de Kok, Jos Verhoeven, Marion van Limpt en Wil Ligtenberg.
http://www.ed.nl/mening/opinie-oproep-aan-de-politiek-ga-eindelijk-werk-maken-van-de-participatie-1.6200677
2016-07-18T08:10:45+0000
http://www.ed.nl/polopoly_fs/1.6200678.1468829194!image/image-6200678.JPG
Eindhoven,Opinieartikel,Werkgelegenheid,hermes
Mening
Home / Mening / Opinie - Oproep aan de politiek: ga eindelijk werk maken van de participatie

Opinie - Oproep aan de politiek: ga eindelijk werk maken van de participatie

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Beschrijving
      Staatssecretaris Jetta Klijnsma (Sociale Zaken en Werkgelegenheid) kreeg in 2014 te maken met demonstraties van werknemers van de sociale werkvoorziening tegen de Participatiewet. foto anp
    OPINIE - Deze brief vloeit voort uit een Participatietop in Tilburg en wordt op persoonlijke titel door 57 sleutelfiguren uit de sociale zekerheid ondertekend, onder wie Ton Wilthagen als de schrijver ervan, Staf Depla, Erik de Ridder, Huib van Olden, Aart van der Gaag, Doekle Terpstra, Luc Soete, Saskia Klosse, Paul de Beer, Ton de Kok, Jos Verhoeven, Marion van Limpt en Wil Ligtenberg.

    Een groep deskundigen en politici roept alle politieke partijen met klem op in hun nieuwe programma's en straks in een nieuw parlement en kabinet echt werk te maken van een inclusieve arbeidsmarkt.

    Ruim anderhalf jaar is de Participatiewet van kracht. Hij moet ervoor zorgen dat meer mensen met een beperking werk krijgen. Vast te stellen is dat de wet bijdraagt aan het besef dat het wenselijk en mogelijk is deze groep een kans op de arbeidsmarkt te geven.

    In de markt komen banenafspraken tot stand, in mindere mate ook bij de overheid. Tegelijk wordt het participatiebeleid in de praktijk onnodig complex gevonden. Het ontmoedigt en leidt tot ongewenste effecten, zoals verdringing en uitsluiting van andere groepen.

    In strijd met de filosofie van de wet zijn er opnieuw schotten ontstaan. Ook is de groep mensen die nu niet participeert maar dat wel in enigerlei mate en op enigerlei wijze zou kunnen en willen, vele malen groter dan de groep die in beeld is. Het gaat om zo'n 1,5 miljoen mensen die een steuntje in de rug nodig hebben.

    Het huidige beleid zet bijna exclusief in op reguliere banen bij een reguliere werkgever. Dit is voor te veel mensen (nog) een te grote stap. Door automatisering en verscherpte concurrentie worden de eisen steeds hoger. Het beleid is sterk gericht op besparing van uitgaven, maar heeft te weinig oog voor de kosten. Denk aan zorgkosten, criminaliteit en overlast in wijken. Daarnaast wordt de sociale werkvoorziening afgebouwd, terwijl er nog onvoldoende alternatieven zijn. Daardoor stijgt het aantal mensen in de bijstand.

    De Participatiewet zal onvoldoende soelaas bieden. De oplossingen voor het breder trekken van participatie kunnen niet binnen het bestaande systeem en beleid worden gevonden. Alle manieren waarop door, met en voor mensen met een beperking wordt gewerkt moeten meetellen.

    Regionale partijen zullen veel meer ruimte moeten krijgen en nemen om tot een inclusieve aanpak te komen. Zij moeten meer kunnen experimenteren en innoveren. Stel meer vertrouwen in werkgevers en gemeenten; zij zijn bijvoorbeeld mans genoeg om samen loonwaarden uit te onderhandelen. De uitvoeringsorganisatie kan effectief worden ingedikt: terug naar één doelgroep, één budget en één regionale uitvoeringsorganisatie.

    De kosten van arbeid moeten worden verlaagd aan de onderkant, zonder mensen onder te betalen. En voor het verrichten van zinvolle activiteiten zal een breder begrip van maatschappelijk lonend werk moeten worden gehanteerd, zodat een parallelle economie tot ontwikkeling kan komen.

    Er moet een juridisch statuut komen voor sociale ondernemingen, zodat overheden en bedrijven zich daar in hun aanbestedingsbeleid op kunnen richten. Herijk het educatiebeleid. Jongeren mogen niet buiten beeld raken. Wie het praktijkonderwijs verlaat, moet perspectief worden gegarandeerd.

    De slordige 30 miljard euro die we nu in werkloosheids-, arbeidsongeschiktheids- en bijstandsuitkeringen stoppen, kunnen veel productiever en constructiever worden aangewend. Mensen die participeren, voelen zich beter.

    Mensen uitsluiten van werk en zinvolle activiteiten ondermijnt de veerkracht van de samenleving en het vertrouwen in de politiek, de democratie en de toekomst. Het leidt tot een maatschappelijke exit van zwakkere individuen en groepen, met alle gevolgen van dien.

    We roepen daarom alle politieke partijen met klem op in hun nieuwe programma's en straks in een nieuw parlement en kabinet echt werk te maken van participatie. Een inclusieve arbeidsmarkt, economie en samenleving is van een dusdanig belang dat het partijpolitiek te boven moet gaan.