Volledig scherm
© Menno Boon/beeldwaren.nl

Opinie - Philips-gepensioneerden onterecht boos

OPINIE - De auteur Jörg Sauer is directeur van vakbeweging VHP2.

Philips-gepensioneerden zijn woest op het Philips Pensioenfonds.

Opslag
De FPVG (Federatie van Philips Verenigingen van Gepensioneerden) stelt dat het Pensioenfonds uitsluitend gepensioneerden laat opdraaien voor het herstel van het fonds. Dat is niet juist. Juist is dat het fonds bij het vaststellen van de kostendekkende premie ervoor heeft gekozen slechts een beperkte opslag te vragen voor herstel, namelijk een opslag voor de wettelijk vereiste buffer.

Het fonds heeft ervoor gekozen om het herstel uitsluitend nog uit het vermogen te laten komen. Dat vermogen is van gepensioneerden, slapers (voormalige deelnemers die nog niet zijn gepensioneerd) en pensioenopbouwers (werknemers). De FPVG roept onterecht het beeld op dat uitsluitend de gepensioneerden bijdragen aan het herstel. Voorzitter Roel Fonville zegt dat het hem steekt dat Philips niet heeft overlegd met de bonden. Als directeur van de VHP2, een van de betrokken vakorganisaties, wil ik daarom graag onze opvattingen kenbaar maken.

Premie
Het bestuur van het pensioenfonds heeft zijn eigen afweging te maken over de wijze waarop de kostendekkende premie wordt berekend. De premie die werkgever en werknemer betalen bedraagt sinds 2015 meer dan 30 procent van de pensioengrondslag. Dat is fors.

Wat Fonville eigenlijk suggereert is dat werknemers samen met de werkgever de premie zouden moeten verhogen om te zorgen dat indexatie sneller dichterbij komt. Hij verliest daarbij uit het oog dat onder meer de stijging van de levensverwachting en de lage rentestand ervoor hebben gezorgd dat de dekkingsgraad op dit moment onvoldoende ruimte biedt voor indexatie. Hij vergeet ook te belichten dat het niet geven van indexatie nog ernstigere gevolgen heeft voor de huidige werknemers dan voor de gepensioneerden.

De startpositie van veel gepensioneerden van het Philips Pensioenfonds was immers een percentage van hun eindloon op 60- of 65-jarige leeftijd. Dat deze goede uitgangspositie in de afgelopen jaren niet de prijsinflatie heeft gevolgd is teleurstellend.

Achterlopen
Dat de werkende deelnemers inmiddels tot 67 jaar moeten werken voor een lager percentage van hun middelloon en dat deze aanspraken ook niet zijn verhoogd, waardoor zij bij de ingangsdatum van hun pensioen al procenten in reële koopkracht achterlopen, vergeet Fonville in zijn 'woeste' statement te vermelden.

Dat de FPVG zich uitsluitend op de belangen van de gepensioneerden richt is haar goed recht, maar dat zij daarmee het gevaar loopt oud en jong tegen elkaar op te zetten realiseert zij zich wellicht onvoldoende. Persoonlijk geloof ik dat de belangen van alle groepen in één fonds goed tot hun recht kunnen komen. En als VHP2 hebben we er alle vertrouwen in dat het bestuur van het Philips Pensioenfonds deze evenwichtige belangenafweging zeer serieus tot uitvoering brengt.