article
1.6170479
MENING - Auteur Gerard Oonk is lid van de coalitie Stop Kinderarbeid LIW en auteur Mark Wijne is werkzaam voor UNICEF Nederland.
Opinie - Stap in de strijd tegen kinderarbeid
MENING - Auteur Gerard Oonk is lid van de coalitie Stop Kinderarbeid LIW en auteur Mark Wijne is werkzaam voor UNICEF Nederland.
http://www.ed.nl/mening/opinie-stap-in-de-strijd-tegen-kinderarbeid-1.6170479
2016-07-06T08:08:00+0000
http://www.ed.nl/polopoly_fs/1.6170480.1467791854!image/image-6170480.JPG
Eindhoven,Opinieartikel,Arbeid,Kinderarbeid,hermes
Mening
Home / Mening / Opinie - Stap in de strijd tegen kinderarbeid

Opinie - Stap in de strijd tegen kinderarbeid

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Beschrijving
      Minister Lilianne Ploumen tijdens de ondertekening van het convenant. foto ROBIN VAN LONKHUIJSEN/ANP
    MENING - Auteur Gerard Oonk is lid van de coalitie Stop Kinderarbeid LIW en auteur Mark Wijne is werkzaam voor UNICEF Nederland.

    Wanneer merken stuiten op kinderarbeid is actie nodig.

    Die bindende afspraak hebben Nederlandse bedrijven deze week gemaakt. Pas als alle kledingbedrijven meedoen kan de consument met een gerust hart winkelen.

    Misstanden in productieketen
    Voor het eerst, in Nederland en wereldwijd, verplicht een groot aantal Nederlandse bedrijven zich om misstanden in de productieketen van hun kleding aan te pakken. Dat betekent niet dat consumenten de kleding van Zara, C&A en tientallen andere merken vanaf nu met een gerust hart kunnen kopen. Het heeft tijd nodig voordat de complexe keten volledig vrij zal zijn van kinderarbeid en andere misstanden. Het betekent wél dat deze bedrijven hun uiterste best moeten doen dat zo snel mogelijk te realiseren. Een heel goed begin.

    Concrete verbeteringen
    Op 4 juli tekenden zestig Nederlandse bedrijven bindende afspraken over verantwoord geproduceerde kleding. Het stoppen van kinderarbeid in de productie van textiel en kleding is één van de belangrijke thema's, naast de aanpak van slechte werkomstandigheden, te laag loon, milieubelasting en dierenleed. Gefaciliteerd door de SER werkten maatschappelijke organisaties, brancheorganisaties en de overheid aan het convenant. UNICEF Nederland en de Stop Kinderarbeid-coalitie, eveneens betrokken bij de totstandkoming, verwachten dat dit het startpunt is van concrete verbeteringen in het leven van kinderen in textielproducerende landen. Want ondanks eerdere afspraken werken nog steeds talloze kinderen in India en Bangladesh in plaats van naar school te gaan.

    Kinderhanden
    Kinderarbeid is volgens het kinderrechtenverdrag en ook in veel landen door nationale wetgeving verboden. Toch zijn aan nagenoeg alle kleding op de markt – ook in Nederland – ergens in de productieketen kinderhanden te pas gekomen. In de katoenteelt of in spinnerijen en weverijen is veel minder controle dan in de fabrieken waar een merk op de kleding komt. Nieuw aan het kledingconvenant is dat de deelnemende bedrijven zich verplichten hun hele keten van grondstof tot kleding door te lichten op misstanden.

    Wanneer merken stuiten op kinderarbeid is actie nodig, zo staat in het convenant. Het simpelweg ontslaan van kinderen of het beëindigen van de samenwerking met de leverancier waar kinderarbeid is aangetroffen, is geen oplossing. Families verliezen dan hun inkomen en zijn genoodzaakt hun kinderen in andere sectoren onder soms nog slechtere omstandigheden te werk te stellen. Kinderen zijn dan juist de dupe.

    Brugonderwijs
    Werkende kinderen moeten ondersteuning krijgen om naar school te gaan. Daarvoor is onder meer 'brugonderwijs' nodig, dat ex-werkende kinderen voorbereidt op deelname aan het onderwijs in een klas op hun leeftijdsniveau. Toegang tot kwalitatief goed basis- en vervolgonderwijs, inclusief beroepsopleidingen voor oudere kinderen, alsmede tot gepast werk voor tieners zijn de belangrijkste oplossingen voor kinderarbeid.

    Ook adequate gezondheidszorg – zeker bij opgelopen beroepsziektes en trauma's – is essentieel. Merken worden betrokken bij het creëren van 'kinderarbeid-vrije zones', waar de hele gemeenschap zich inzet om kinderen van werk naar school te begeleiden. Bedrijven maken hier expliciete afspraken met alle onderaannemers om geen kinderen aan te nemen. De dorpsraad controleert of elk kind op school zit.

    Leeftijdsverificatie
    Om kinderarbeid te voorkomen worden verschillende maatregelen van de merken verwacht. Door methoden voor leeftijdsverificatie wordt gesjoemel met leeftijden onmogelijk. En de toegang tot goede kinderopvang moet beter, zodat werknemers niet vrij hoeven te nemen om op hun kinderen te passen en de inkomsten van oudere kinderen in het gezin niet nodig zijn. Wanneer kinderen niet langer thuis of op straat rondhangen, zoals nu veel gebeurt, lopen ze minder risico in kinderarbeid te verzeilen.

    De grote druk op levertijden van kleding – zoals in de fast fashion industrie – is ook een risicofactor. Onder druk vallen producenten vaak terug op de inzet van onderaannemers in de informele sector – zoals illegale naaiateliers – waar geen controle is op kinderarbeid of arbeidsomstandigheden. Afgesproken is dat bedrijven hun productie zo plannen dat dit zo goed als uitgesloten is.

    Bedrijven die hun verplichtingen niet nakomen kunnen via een speciale commissie aan hun afspraken worden gehouden.

    Andere kledingmerken
    Het belangrijkste is dat via dit convenant bedrijven met vakbonden, maatschappelijke organisaties en de overheid gaan samenwerken om misstanden in de kledingindustrie gezamenlijk aan te pakken. Dit moet een standaard worden voor de sector. Deze start met zestig bedrijven is een mooi begin, maar de aansluiting van andere kledingmerken in Nederland en daarbuiten is nodig om consumenten te kunnen garanderen dat kleding echt kinderarbeidvrij is. Van onze overheid is nodig dat er voldoende 'wortels en stokken' komen om ervoor te zorgen dat alle kledingbedrijven gaan meedoen. Pas dan kan de consument echt met een gerust hart naar de winkel.