article
1.6604273
OPINIE - Dit is een verkorte versie van de tekst die Paul Wolff, deelnemer uit de kring van natuur- en milieuorganisaties en burgergroepen, uitsprak bij de aanbieding van het verslag van de mestdialoog aan de provincie.
Opinie - Veeteelt kan niet zo blijven doorgaan
OPINIE - Dit is een verkorte versie van de tekst die Paul Wolff, deelnemer uit de kring van natuur- en milieuorganisaties en burgergroepen, uitsprak bij de aanbieding van het verslag van de mestdialoog aan de provincie.
http://www.ed.nl/mening/opinie-veeteelt-kan-niet-zo-blijven-doorgaan-1.6604273
2016-11-03T08:34:00+0000
http://www.ed.nl/polopoly_fs/1.6604274.1478160759!image/image-6604274.JPG
Eindhoven,Opinieartikel,Landbouw,Veeteelt,hermes
Mening
Home / Mening / Opinie - Veeteelt kan niet zo blijven doorgaan

Opinie - Veeteelt kan niet zo blijven doorgaan

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Beschrijving
      Het mestoverschot is maar een van de problemen waar de veehouderij mee worstelt. Doorgaan op de huidige weg leidt niet tot oplossingen. foto Sander Koning/anp
    OPINIE - Dit is een verkorte versie van de tekst die Paul Wolff, deelnemer uit de kring van natuur- en milieuorganisaties en burgergroepen, uitsprak bij de aanbieding van het verslag van de mestdialoog aan de provincie.
    Zolang niet duidelijk is of mestverwerking kan renderen, dienen alternatieven eerst verkend te worde

    Boeren-, burger- en milieuorganisaties en overheden zoeken samen een oplossing voor de mestproblematiek in Brabant. Paul Wolff was maandag een van de sprekers bij de aanbieding van het verslag van de mestdialoog aan de provincie.

    Staldering
    Twee onderdelen hebben in de mestdialoog de meeste aandacht gekregen. Het meest concreet uitgewerkte voorstel betreft de 'staldering' (uitbreiding van bedrijven alleen toestaan als andere stallen worden gesloopt, red.). Het is een evenwichtig instrument dat binnen de huidige regels mogelijkheden biedt om tot een standstill te komen. Een noodzakelijke eerste stap naar verdergaande beheersing van de omvang van de veestapel.

    Mestverwerking
    Het onderdeel mestverwerking richt zich vooral op nog uit te werken ambities, instrumenten en technieken. Als laatste in het rijtje van adviezen van het expertteam staat de aanbeveling om een MKBA (maatschappelijke kosten-batenanalyse) te doen naar mestbewerking versus alternatieven, zoals het beperken van de productie van mest.

    Punt van grote zorg is of mestverwerking wel zal leiden tot volledige afzet van het overschot elders. Bovendien vergt het omvangrijke investeringen. De vraag is of mestverwerking überhaupt kán renderen. De afzet van bewerkte mest buiten Brabant moet gegarandeerd zijn, zonder dat het hier en elders tot milieuproblemen leidt. De onzekerheden rond de export zijn groot.

    Zolang niet duidelijk is of mestverwerking kan renderen én of het overschot zal verdwijnen, is het onverstandig om in te zetten op grootschalige aanpak daarvan en dienen alternatieven eerst verkend te worden.

    Naast vraagtekens rond de haalbaarheid is er de zorg dat mestverwerking slechts de oplossing van een deelvraagstuk (mest) is en niet leidt tot verbetering van de andere problemen of daar zelfs juist aan bijdraagt. In de dialoog is bij herhaling gewezen op de noodzaak om niet alleen een koppeling aan te brengen tussen de onderwerpen standstill en mestverwerking, maar deze vooral ook in het grotere beleidskader rond de intensieve veehouderij te bezien.

    Grote transitie
    De intensieve veehouderij staat aan de vooravond van een grote transitie. Enerzijds vanwege de economische ontwikkelingen: structureel produceren in een overschotmarkt, lage prijzen, noodzaak om te investeren in innovaties zonder zicht op rendement, afnemende solvabiliteit, etc. Anderzijds vanwege de afnemende maatschappelijke acceptatie als gevolg van bovenmatige milieudruk, afnemende belevingswaarde van de leefomgeving en gezondheidsproblemen.

    In de dialoog is gewezen op de 'Balans van de leefomgeving 2016', een recente publicatie van het Planbureau voor de leefomgeving. Daarin wordt geconcludeerd dat de beleidsdoelen voor de luchtkwaliteit, de waterkwaliteit en de natuurkwaliteit ver buiten bereik liggen en dat vooral de milieudruk vanuit de landbouw hierbij een belangrijke rol speelt.

    Weliswaar is de milieudruk per eenheid product afgenomen, maar door de groei van het productievolume is er wezenlijk niet veel veranderd. Het planbureau zet vraagtekens bij verdere schaalvergroting als oplossing voor zowel de bedrijfseconomische als de milieuproblemen. Het risico is groot dat schaalvoordelen omslaan in schaalnadelen. Zo zijn de marges te laag om prijsschommelingen op te vangen, zijn nieuwe investeringen (onder meer in mestverwerking) moeilijk of niet te financieren en ontbreekt het maatschappelijk draagvlak.

    In dit verband is ook de recente waarschuwing van De Nederlandsche Bank vermeldenswaard. Deze stelt dat investeringen in de veehouderij op wat langere termijn waardeloos zullen blijken.

    Verliezers
    Doorgaan op de huidige weg leidt niet tot oplossingen. Feitelijk leidt dit slechts tot verliezers: zowel de sector als het milieu als de maatschappelijke acceptatie staan onder druk. Een beeld van waar het met de transitie naar toe moet ontbreekt. Een veel meer regievoerende, sturende rol van de overheid is daartoe vereist, in plaats van de huidige, vooral faciliterende rol.

    In de dialoog is naar voren gebracht dat de problematiek dermate complex is dat een integrale aanpak onder regie van de overheid een voorwaarde is voor het tot een oplossing brengen van dit langslepende vraagstuk. Met de kennis dat de instrumenten die de provincie ter beschikking staan beperkt zijn, verdient het ten zeerste aanbeveling dat het provinciebestuur van Brabant - probleemhebbende provincie nummer één! - een initiërende rol op zich neemt om met de andere overheden de transitie van de veehouderij vorm en inhoud te geven.

    Sluiten van de kringloop
    Een in beleidsstukken veel genoemde oplossingsrichting is het sluiten van kringlopen, in ieder geval op de schaal van Noordwest- Europa. De provincie Noord-Brabant, ZLTO en BMF hebben samen met Wageningen Universiteit & Research een verkenning uitgevoerd. Centrale vraag was welke effecten optreden wanneer zowel veevoer (grondstoffen) als dierlijke producten Noordwest-Europa (Benelux, Duitsland, Frankrijk, Verenigd Koninkrijk) niet meer ingevoerd en uitgevoerd worden. Uit de verkenning komt naar voren dat binnen dit gebied bij gesloten kringloop kan worden voorzien in de behoefte aan dierlijk eiwit. Er gaan dan wel veranderingen optreden in de economie van de landbouw, maar de invloed op de concentratie van veehouderij, dierenaantallen en mestproductie in Brabant is beperkt. Er verandert op deze vlakken dus niet veel.

    In de discussie kwam naar voren dat het sluiten van de kringloop op de schaal van Noordwest-Europa niet voldoende is om de problematiek integraal te kunnen oplossen. Aanvullende en/of andere maatregelen zijn daarvoor noodzakelijk.