article
1.6292053
OPINIE - De auteur van het artikel is Jacoba Dalmolen uit Veldhoven.
Opinie - Vertrouwensband met huisarts wordt moeilijker
OPINIE - De auteur van het artikel is Jacoba Dalmolen uit Veldhoven.
http://www.ed.nl/mening/opinie-vertrouwensband-met-huisarts-wordt-moeilijker-1.6292053
2016-08-25T08:00:00+0000
http://www.ed.nl/polopoly_fs/1.4254802.1412948180!image/image-4254802.jpg
Eindhoven,Arts,Opinieartikel,hermes
Mening
Home / Mening / Opinie - Vertrouwensband met huisarts wordt moeilijker

Opinie - Vertrouwensband met huisarts wordt moeilijker

Foto's
1
Reacties
Reageer
    • Afbeelding
      Fotograaf

    OPINIE - De auteur van het artikel is Jacoba Dalmolen uit Veldhoven.

     

    Steeds meer huisartsen werken samen in een gezondheidscentrum. Het is de wens van huisartsen om parttime te werken (ED, 19 augustus).

    Vertrouwensband
    Begrijpelijk, maar als de huisarts nog maar een aantal dagen per week aanwezig is, wordt het steeds moeilijker om een vertrouwensband op te bouwen met de patiënt. De praktijk is als volgt: vandaag is er huisarts A en morgen huisarts B of de arts in opleiding, het aantal behandelaars neemt steeds meer toe binnen diezelfde groepspraktijk. De huisarts is zo minder in staat om zijn/haar kennis aan te vullen als ervaringsdeskundige. Iets om rekening mee te houden.

    Drie en een halve dagen per week, vier dagen zou om deze kennis te vergroten/bij te houden een minimum moeten zijn. Ik maak het anders mee.

    Dagelijks vele malen
    Ik lees dat steeds meer praktijken een echografie (willen) hebben. Ik vind dit een gevaarlijke ontwikkeling: de laborante/verpleegkundige of arts in het ziekenhuis van een (bijvoorbeeld cardiologie-)poli is deskundige, zij doen dagelijks vele malen deze handeling.

    De zorgverzekeraars willen in ziekenhuizen ingrepen alleen laten plaatsvinden waar wordt voldaan aan de eis dat het aantal handelingen/operaties aan een minimumgrens voldoet. Niet doen dus, er ontstaan op deze manier kleine kliniekjes, met huisartsen die zich mijns inziens een te grote broek aanmeten. Het gevaar is ook dat de specialist de patiënt niet meer volgt vanaf het begin, maar pas in een (te) laat stadium op zijn poli krijgt.

    Erger nog: preventief beleid kan dan te laat worden ingezet. Tevens raakt de specialist zijn kennis over het beginstadium van een ziektebeeld kwijt.

    Steeds meer overnemen
    Dan is er nog de trend dat de praktijkondersteuner steeds meer diagnostisch onderzoek van de huisarts gaat overnemen, met als gevolg dat de huisarts de patiënt bijna niet meer ziet. De problemen zijn dan hetzelfde als bij het door de huisarts overnemen van taken van de specialist. Waarschijnlijk wordt met al deze extra personeelskosten/voorzieningen binnen de huisartsenpraktijk de zorg alleen maar duurder.

    Dan de opmerking van Maarten Klomp dat slechts een kleine groep patiënten niet in staat is de regie te voeren. Het is maar zeer de vraag of deze groep zo klein is. De zogenaamd mondige patiënt heeft niet voor arts gestudeerd en kan dus niet alle feiten overzien. Men mag dus van een (huis)arts verwachten dat dit gegeven moet worden meegenomen bij het stellen van een diagnose en de behandeling die er eventueel op volgt. Pas dan is een goede interactie met de mondige patiënt mogelijk. Op de vraag van de huisarts 'wat verwacht u van mij' is mijn inziens het antwoord het volgende: een fatsoenlijk inlevingsvermogen, het stellen van een diagnose, de behandeling die daar bij hoort en zonodig doorsturen naar de specialist.