SINT-OEDENRODE - Palingen van een meter lang. Grote karpers van wel twintig, dertig jaar oud. Maar ook snoeken, baarzen en vooral veel brasems. Bij bosjes kwamen ze in de Moerkuilen bovendrijven toen de ijslaag smolt.
De strenge winter heeft dramatische gevolgen gehad voor de vissen in
de veenplas ten oosten van Sint-Oedenrode.
Wie ook maar in de
buurt van de oever komt, ruikt de penetrante lucht van dode vis. Volgens
boswachter Chris van den Hoven heeft tachtig à negentig procent van de
populatie het loodje gelegd. Hij spreekt van een 'aquatische ramp'. "Zo
werkt de natuur, maar vervelend is het wel", vindt hij. Boosdoener is
niet zozeer de ijsvorming als wel de sneeuwlaag die er nog eens bovenop
kwam. "Waterplanten krijgen door een ijslaag nog net voldoende licht om
zuurstof te produceren. Maar de sneeuw laat geen daglicht door: het was
onder water wekenlang permanent nacht. De planten maken dan geen zuurstof
meer, en dus sterft de vis."
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.




Sorteer reacties























