Volledig scherm
© Thinkstock

Supermarkten in Someren, Sint-Oedenrode en Schijndel overtreden Drank - en horecawet

DEN HAAG - In slijterijen van supermarkten moet net als bij zelfstandige slijters permanent een leidinggevende in de zaak zijn. Dit besliste de Raad van State woensdag in drie hoger beroepzaken van de burgemeesters van Someren, Sint-Oedenrode, Schijndel en een Albert Heijn, EMTÉ en een Plus-supermarkt uit die drie gemeenten.

Zelfstandige slijters moesten al permanent een leidinggevende in de winkel hebben om de verkoop van sterke drank aan minderjarigen te controleren. Daardoor maken ze meer kosten dan supermarkten, zegt branchevereniging Slijtersunie die 400 slijters vertegenwoordigt. Slijtersunie verzocht in 2014 tientallen burgemeesters om op te treden tegen overtredingen door de supermarkten van de Drank- en horecawet.

Inrichting
Volgens deze wet moet in een ‘inrichting’ een leidinggevende aanwezig zijn. De supermarkten, gesteund door het Centraal Bureau voor de Levensmiddelenhandel, stelden dat de hele supermarkt een inrichting is. Ze vinden het voldoende als binnen de supermarkt een leidinggevende aanwezig is die de slijterij in de gaten houdt. De burgemeesters van Someren, Sint-Oedenrode en Schijndel waren het hier mee eens.

Slijtersunie
De Raad van State geeft de Slijtersunie gelijk. Het begrip ‘inrichting’ uit de Drank- en horecawet is niet het hele winkelpand maar alleen de besloten ruimte waarin het slijtersbedrijf wordt uitgeoefend. Daar mogen volgens de Raad van State ook een kantoortje of het magazijn bij horen mits vanuit die ruimten de slijterij in de gaten kan worden gehouden.

Deurne e.o.