De grootste helft van De Zjonnies moppert onderweg in het DAFje dat hij eigenlijk helemaal niet van 'dat volk' houdt. Maar als de deur openzwaait van een groot pand aan de Nassaustraat in Eindhoven vraagt onze bouwvakkerszoon met een uitgestreken gezicht aan een keurige jongeman: "Zijn we hier bij de toekomst van Nederland?"
Timo knikt en leidt De Zjonnies naar de 'woonkamer'. Daar liggen zeven andere
studenten onderuitgezakt op banken. Met flesjes bier in de hand. Op de muur
plakken de restanten van, ja, van wat? "O, dit is nog van ons
kerstdiner." Op tafel staat een halfaangevreten pizza. "Biertje?"
Dat wordt hier uitgesproken als biejtje.
We zijn te gast bij dispuut Audumla, aangesloten bij het Eindhovens Studenten
Corps. De lullo's van Eindhoven dus. Type rijkeluiszoontjes, niet echt
Zjonniesvolk. We oefenen op hun uitspraak van corps: kôoh, een onbestemde
ademtocht diep in de keel.
Negen corpsballen wonen hier samen. Ze studeren technisch bedrijfskunde,
bouwkunde of biomechanische technologie aan de TU/e. De toekomstige
vormgevers van Nederland noemen elkaar niet bij hun voornaam. De bijnamen
Harko, Joyce, Pöckl, Butters, Donny en Octo zijn onder meer ontleend aan
Spongebob, de gezamenlijke wintersport, drank of hun favoriete film, The Big
Lebowski. Ze leven volgens een strakke hiërarchie. De oudsten wonen boven.
De jongsten wonen beneden en die zijn volgens traditie altijd de pineut. Zij
moeten openmaken als de bel gaat, of de telefoon opnemen. De Zjonnies vragen
wat nou eigenlijk een dispuut is. "Eigenlijk gewoon een vriendenclub,
en we organiseren borrels en activiteiten." Wat voor activiteiten? "Vooral
borrels."
Ze komen geen van allen oorspronkelijk uit deze regio. Wat ze vinden van
'studentenstad Eindhoven'? "We hebben puur voor de studie voor
Eindhoven gekozen." Maar omdat die 'Limbo's' nog altijd elke dag weer
keurig met de trein naar hun ouders gaan, wordt het nooit wat, vinden ze. Ze
zijn voorstander van het sluiten van de Limburgse grens.
"Ons corps telt hier maar 300 leden, in Delft 1500 en in Groningen hebben
ze alleen al 500 eerstejaars. We proberen er maar wat van te maken. Op onze
universiteit zitten natuurlijk vooral nerds. Maar ach, en als wij met z'n
allen in de kroeg staan te zuipen en we gaan hard lam, dan maakt het niet
meer uit dat je in Eindhoven bent."
Als ze 'wijven' willen 'regelen' gaan ze naar Tilburg. De Zjonnies leren meer
lullo-taal. Een hoogslaper is hier een 'kriksteiger' en als ze 'hertjes'
willen 'tacklen' dragen ze een 'ketspak'. Na deze korte cursus krijgen we
een rondleiding. In de meeste kamers lijkt zojuist een bomaanslag gepleegd.
De wasbak van 'Octo' oogt wel erg smerig, merken De Zjonnies bestraffend op. "Weet
je wat het is? Iedereen pist hier in zijn wasbak. Ja, soms ook vanaf de
hoogslaper."
We drinken voor het huis nog een biejtje met de heren. Ah, daar komt 'Oboema'
aanlopen: een ex-bewoner met rossig krullend haar die nu in het
'ouwelullenhuis' om de hoek woont. Daar krijgen oudere dispuutsgenoten de
kans om in rust te gaan afstuderen. 'Oboema' dist een ranzig verhaal uit de
oude doos op over een rondvliegende tampon. 'Joyce' haakt daarop in en
begint te vertellen over een huisgenoot die een keer had gebraakt op zijn
kamer. "Hij liet de kots liggen om eerst goed uit te laten harden. Dan
kon hij die beter opruimen. Maar dat gebeurde niet, de kots werd maar niet
hard. Toen kon hij het alsnog opdweilen."
Het is half tien 's avonds. Egbert, de vaste leverancier van het bier, meldt
zich. De rijdende binnenstadskruidenier sjouwt negen kratten bier naar
binnen: de weekvoorraad. "Het is wat mager deze week. Je kunt merken
dat de tentamens eraan komen."
Als De Zjonnies ook nog zijn ingewijd in het huisspel – 'anussen': zo hard
mogelijk met een bal tegen iemands achterste knallen – wordt het tijd om op
te stappen. Onze gastheren hebben honger gekregen. Ze bereiden zich voor op
een bestelling bij de snackbar.
"Eigenlijk gewoon goeie gasten", concludeert de grootste helft van
De Zjonnies als we de 'jongens van de Nassau' vanuit ons DAFje uitzwaaien.
>> Lees en bekijk alles over De Zjonnies
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.



















