Kemphanen -17 versloeg Amsterdam Tigers zondag met 6-2 in de finale. Op de foto heeft Davey Menting net de 2-0 gescoord.foto Jean Pierre Reijnen
EINDHOVEN - Twee seizoenen op rij kwam Eindhoven Kemphanen -17 niet verder dan plek acht op de ranglijst. Afgelopen zondagavond stapte het jeugdteam van de Eindhovense ijshockeyclub als kersverse landskampioen van het ijs. Het plotselinge succes is niet louter een verdienste van de vereniging zelf, weet ook Kemphanen-voorzitter Eric Martin. "Zonder de CTO-jongens waren we nooit eerste geworden."
Met 'de CTO-jongens' bedoelt Martin de talentvolle ijshockeyers die in
Eindhoven – sinds vorig jaar Centrum voor Topsport en Onderwijs – de kans
krijgen zich volledig op hun sport te richten. Het CTO maakt deel uit van
een groter plan: Nederland wil structureel tot de tien beste sportlanden van
de wereld gaan behoren. NOCNSF investeert daarom volop in
talentontwikkeling, in allerlei disciplines.
Het Nederlandse ijshockeyteam moet in 2016 op olympisch niveau zijn en in 2018
daadwerkelijk op de Winterspelen uitkomen. Op weg daarnaartoe belooft
CTO-stad Eindhoven ijshockeyend Oranje- potentieel het paradijs. Jongelingen
uit alle windstreken van Nederland trainen, als het even kan, acht uur (!)
per week onder leiding van bondscoach Tommie Hartogs in het ijssportcentrum
. De gemeente regelt huisvesting, zorgt ervoor dat scholen hun lessen op de
trainingen afstemmen en biedt zoveel mogelijk ondersteuning via een netwerk
van voorzieningen (fysiotherapeuten, diëtisten, etc.).
De achterliggende gedachte vanuit de Nederlandse IJshockeybond (NIJB) is
simpel: het project moet het algehele niveau van het ijshockey in Nederland
opkrikken. NIJB-voorzitter Joop Vullers: "We zijn begonnen vanuit de
optiek: 'lerende kinderen onderwijzen hun teamgenoten'. Kinderen gaan
doordeweeks naar Eindhoven, leren daar veel, gaan in het weekeinde terug
naar hun clubs en dragen daar hun kennis over. Zo moet iedereen er
uiteindelijk beter van worden."
En juist daar zit 'm de crux. Een aantal spelers – inmiddels een handjevol –
keert niet meer terug naar zijn oude club, maar heeft zich bij Kemphanen
aangesloten. Ze doen dat volgens Vullers en Martin om uiteenlopende redenen:
óf omdat het logistiek makkelijker is, óf omdat ze graag met hun maten samen
spelen, óf omdat ze het niveau van hun oude team inmiddels overstijgen.
Bovendien zitten sommige coaches niet te wachten op deze CTO'ers, die
doordeweeks nooit met hun eigen ploeg meetrainen. Dit 'onbedoelde
bij-effect' zorgt voor scheve gezichten binnen het ijshockeywereldje.
Kemphanen- voorzitter Martin: "Er gaan geruchten dat wij die jongens
bij hun club weghalen. Ik wil even duidelijk maken dat wij nooit iemand
hebben benaderd. Wij ronselen niet, die jongens komen uit eigen beweging."
NIJB-voorzitter Vullers ervaart de ontwikkeling (nog) niet als een probleem. "Dit
is een logisch gevolg van de nieuwe opzet. We willen het proces nog wel
omkeren. Ik zie het als een taak van de ijshockeybond om andere verenigingen
te overtuigen van het voordeel van dit CTO. We zijn nu bijna zeven maanden
bezig. We hebben daar blijkbaar iets meer tijd voor nodig."
De landstitel van Kemphanen -17 bewijst volgens hem dat de ijshockeybond met
deze intensieve begeleiding wel degelijk op de juiste weg zit. "De
ploeg heeft het hele seizoen substantieel beter spel laten zien. Deze aanpak
werpt duidelijk vruchten af."
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.



Sorteer reacties



















