"Ik heb nog passie voor hockey en het spelen in een team. Ik vind het nog steeds leuk om in het keepen het maximale uit mezelf te halen. Maar er is ook wel opluchting. Als ik kijk wat we de afgelopen acht weken hebben gedaan, dat is gewoon niet meer vol te houden met een gezin en een baan."
Hij wrijft over zijn schouder alsof hij een oude man is. "Als ik na een wedstrijd weer moet herstellen dan denk ik, dit ga ik niet missen."
Hij won als tweede keeper achter Ronald Jansen twee gouden olympische medailles (Atlanta 1996, Sydney 2000) en in 2007 werd hij Europees kampioen, maar het zilver van Athene (2004) is zijn mooiste prijs. Tien maanden voor het begin van die Olympische Spelen zegde 'De Bende van Zes' het vertrouwen op in bondscoach Joost Bellaart, waarna Terry Walsh het roer overnam. "Athene heeft enorme impact gehad. De aanloop was natuurlijk niet rimpelloos met de hele affaire rondom Joost. Dat was een vervelende, moeilijke periode, maar uiteindelijk heeft dat er wel toe geleid dat we daar heel goed gepresteerd hebben en zilver haalden. Daar ben ik heel trots op."
Hoewel hij nooit bang is geweest om zijn mond open te trekken, heeft de affaire rond Bellaart hem ook als mens veranderd. "Nu ik ook voor mezelf de rekening aan het opmaken ben, merk ik dat ik daar veel van heb geleerd. Dat ik daar rijker van geworden ben als mens. Als je ergens in gelooft, moet je ervoor gaan staan, maar dat is niet altijd even leuk en gemakkelijk."
Op het EK van afgelopen zomer bereikte Vogels een bijzondere mijlpaal, hij passeerde de grens van 250 interlands. Geen enkele keeper ter wereld speelde meer wedstrijden voor zijn land. Aan het begin van dit WK in New Delhi stond de teller voor Vogels op 257, zijn 264ste en laatste interland moet volgende week zaterdag de WK-finale worden.
Herinnert hij zich de dag nog dat hij gevraagd werd voor Oranje? "Jeetje, dat is wel heel erg lang geleden. Roelant Oltmans was toen bondscoach en Maurits Hendriks was coach van HGC en werd assistent van Roelant. Ze kwamen na een wedstrijd met HGC naar me toe. Ik was zo blij als een klein kind natuurlijk. Ik was pas twintig en dat is voor een keeper heel erg jong. Ik had net vijf wedstrijden in de hoofdklasse gekeept, maar Roelant zei: wat goed is, komt snel."
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.























