Bij zijn eerste optreden als bondscoach, op het EK van afgelopen zomer in Amstelveen, zakte Van den Heuvel meteen al door het ijs. Terwijl Nederland teleurstelde, hield de bondscoach vol dat zijn ploeg het voor 'een team in opbouw' niet slecht deed. Dat 'team in opbouw' had gezamenlijk meer dan 1800 interlands op zak en kwam niet verder dan een derde plek.
De imagoschade die Van den Heuvel in Amstelveen opliep, bracht de hockeybond ertoe om voor dit WK Ties Kruize aan te stellen als teammanager. De charismatische oud- topschutter van het Nederlands elftal moest de bondscoach helpen bij zijn public relations. Kennelijk hoopte de bond dat de flair van Kruize in New Delhi net zo besmettelijk zou zijn als de 'delhi belly' die dit toernooi veel spelers op bed hield.
Het was een onhandige zet. Omdat Kruize als bestuurslid tophockey van de KNHB moet oordelen over het functioneren van Van den Heuvel, leverde zijn aanwezigheid in India meteen discussie op over zijn twee petten. Ontmoetingen met de pers tijdens dit WK waren voor Van den Heuvel een lijdensweg. Hij beantwoordde vragen met zichtbare tegenzin en de gemaakte glimlach die hij zichzelf halverwege het toernooi aanmat om het tegendeel te bewijzen, werkte averechts.
Kruize kon het gespartel van zijn bondscoach tijdens een persconferentie kennelijk niet langer aanzien en mengde zich in de discussie. Het was waarschijnlijk goed bedoeld, maar voor het imago van Van den Heuvel was zijn bemoeienis dodelijk. Achter de schermen coachen is één ding, maar inbreken tijdens een persconferentie is iets heel anders. Het beeld van een hulpeloze bondscoach had niet duidelijker geschetst kunnen worden, met dank aan de man die juist was aangesteld om dat beeld uit de wereld te helpen.
Opgezadeld met een erfenis van tien jaar Oranje zonder grote prijs liet Van den Heuvel zich bij zijn aanstelling verleiden tot dezelfde fout als zijn voorgangers. Hij koos voor ervaring in plaats van verjonging en zo bleef het Nederlands elftal stilstaan waar andere landen vooruitgingen. Pas afgelopen december, meer dan een jaar na zijn aanstelling, zette hij een eerste verjonging in. En dat was te laat.
Als Van den Heuvel het lef had gehad om meteen het roer om te gooien, was het gat tussen Oranje en de wereldtop nu niet zo groot geweest. En dan was zijn positie als bondscoach misschien ook nooit zo in het gedrang gekomen.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.























