EINDHOVEN - Je zou er bijna branieachtig van worden, als je als wedstrijdatleet vooraf het nieuwe parcours van de Eindhoven Marathon bekijkt.
De toppers hebben weinig te klagen. Veel rechte en gesloten stukken op asfalt. Weinig punten waar je snelheid verliest of waar de wind vrij spel heeft. Enige mentale breker is de venijnige, maar wel sfeervolle finale. Het bier, joelende en opgewonden toeschouwers en de bijna voltooide jacht op eeuwige roem zal de meeste lopers daar wel doorheen slepen.
Vandaag staat er niks op het spel. Er is geen top-tiennotering of een persoonlijk record te verdienen. Louter respect of een bewonderende blik van de mensen die van het goede leven op het terras genieten. En uiteraard een colaatje of vier na het tochtje.
Mijn trainingsgenoot en ik spreken vooraf af dat we er een uurtje of twee over gaan doen. Over een rondje dan, welteverstaan, de grote jongens van de marathon lopen er twee.
Vrij snel wordt duidelijk dat hitte een van de grootste bedreigingen is voor de Eindhoven Marathon. Na een kilometer of zeven, acht gaat mijn metgezel wat rustiger lopen en laat hij het gesprek grotendeels aan mij over, zelf merk ik ook dat de warmte boven het asfalt blijft hangen. Als ik een niveautje hoger zou schakelen, zou ik het niet zo makkelijk meer hebben. Toch stijgt bij mij het enthousiasme. Met het lange rechte stuk op de Oirschotsedijk in het vooruitzicht wordt duidelijk dat dit een echt parcours is voor de slopers, die niet achteromkijken en graag doordenderen. Tussen Acht en Meerhoven kun je onder het viaduct door geweldig veel snelheid ontwikkelen. En als we die Oirschotsedijk vervolgens oplopen, blijkt er midden op de weg een net geasfalteerde strook te liggen, waar je de beul in jezelf kunt opzoeken om de concurrentie eens lekker de nek om te draaien.
Daar schuilt ook het gevaar. De verleiding is groot om na een kilometer of vijftien, zestien alles te geven, terwijl daarna nog een miserabel stuk volgt. Langs de grauwe, voormalige Philips-complexen en het nog rommelige en grotendeels te verrijzen Strijp S gaat het dan richting station, waar een paar korte klinkerstukjes de vaart er helaas even uithalen. Vanaf de Dommelstraat komt het op mentale kracht aan en gevoeligheid voor uitzinnig publiek.
Het karakteristieke bultje op het Stratumseind is vervelend, maar hoort gewoon bij de marathon. Die mag er nooit uit. Dan volgt de klok op de Wal. Twee uur, drie minuten. We zullen zien of het eind dit jaar zonder al te veel training 40 tot 45 minuten harder kan.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.





















