Staand vlnr: Aagje Linssen, Luk Sponselee, Jeroen Vrijsen, Aquil Copier Zittend Naro Snackey, Marjolijn de Wit
Van links naar rechts: Marjolijn de Wit, Roosmarijn Schoonewelle, Luk Sponselee, Jeroen Vrijsen, Aagje Linssen. Luk presenteert zijn werk
Kunstenaar Munne maakte een neon voor de expositie Grenswerk
EINDHOVEN – Voor de vierde keer hebben – dit keer - negen kunstenaars hun atelier ingeruild voor de Duitse grenskazerne in Tripkau. Van 12 tot en met 25 september namen ze deel aan Grenswerk, een Artists in Residence op een vreemde plek met mensen die ze niet kennen. Resultaat: Grenswerk2011, vanaf dit weekend te zien in Den Bosch en Eindhoven en later in Tilburg.
Zie ook:
Twee weken hebben Jeroen Vrijsen, Aagje Linssen, Lilia Scheerder (allen uit Eindhoven), Naro Snackey, Marjolein de Wit, Roosmarijn Schoonewelle, Bert Jacobs (Amsterdam), Luk Sponselee (Antwerpen) en Rijnder Kamerbeek (Nijmegen) doorgebracht in en om de kazerne aan de Elbe met begeleiding van kunsthistoricus Liesbeth Schreuder.
De kunstenaars zijn op zoek naar vernieuwing in eigen werk. De initiatiefnemers Linssen en Vrijsen nodigden kunstenaars uit verschillende delen van het land uit die elkaar nog niet (goed) kenden en in verschillende disciplines werken, met een gevarieerde leeftijdsopbouw. Vrijsen: “We zochten naar iemand die leergierig is, die zich de juiste vragen stelt en die open staat voor discussie.
Genoeg inspiratiebronnen
De grenskazerne in Tripkau is de ideale plek om te bezinnen en een andere manier van werken toe te laten. Er zijn voldoende ateliers, er is genoeg materiaal, veel ruimte, natuur en geschiedenis. Aan inspiratiebronnen geen gebrek. Bijvoorbeeld: Lilia Scheerder had nog totaal geen idee wat ze zou gaan maken. Door rond te struinen in de werkplaatsen bij de kazerne wilde ze iets van metaal gaan maken. Had ze nog nooit gedaan. Ze moest zelfs nog leren lassen. Uiteindelijk laste ze van rondzwervend metaal een gitaar, waar ze ook nog op kon spelen.
Een belangrijk sociaal aspect van de residence is het gezamenlijk eten. Schreuder: “De kunstenaars koken zelf en doen ook zelf de boodschappen, voor zover dat nodig is. Groenten komen uit de moestuin, paddenstoelen, bessen of bramen uit het bos, eieren van de kippen. Juist dat op zoek gaan naar eten schept een band tussen mensen die elkaar nog niet zo goed kennen. Dat was in deze groep totaal geen issue. Er werd serieus en disciplinair gewerkt, maar zeker ook op tijd gefeest.”
Produktieve tijd
Er is hard gewerkt en veel geproduceerd. Zo maakte Rijnder Kamerbeek zo’n 70 tot 80 aquarelletjes op basis van foto’s die hij in en om de kazerne maakte. Zonder de actualiteit, waarop hij anders zijn werk baseert. Luk Sponselee vertaalde een verhaal in zijn hoofd tot een ‘Gesammtkunstwerk’ van doeken, kleuren, materiaal, tekeningen en dummy’s. Hij probeert mensen in verwarring te brengen met bekende beelden, maar met de nieuwe materialen.
In de papieren collages en knipsels van Roosmarijn Schoonewelle komen details van kazerne of omgeving terug. “De kazerne en de tuin met alle spullen die erin staan, de kippen, het bos dat achter de kazerne ligt en de Elbe hebben een indruk bij mij achtergelaten. De sfeer in het dorp en de nachtelijke wandelingen hebben zich in mijn geheugen genesteld. Ik heb een behoorlijke productieve tijd gehad daar, het achterlaten van de stad en de dagelijkse beslommeringen hebben toch zeker hun uitwerking gehad.”
Bert Jacobs over de kazerne: “Een plek waar de buitenwereld afwezig is. Waar het ongeduld tot het maken van werk voor een deel verdwijnt omdat het zo verbonden is met de actualiteit die zich heeft teruggetrokken van de kazerne. Een plek waar de wereld even geen vat op mij heeft maar in deze korte periode ook geen verhalen biedt om mijn doeken mee te vullen. Een plek waar koken, eten, drinken en praten op de voorgrond staan. De dag een ander ritme krijgt en de lange nachten worden versleten met gesprekken en een tijdloze rust die je in de greep houden en de volgende dag sporen nalaten op het doek.” Bert maakte een aantal schilderijen.
Atelierbezoeken
De afsluitende atelierbezoeken vormen een belangrijk onderdeel van de Grenswerkperiode. Kunstenaar Aquil Copier kwam speciaal uit Amsterdam om tijdens de gezamenlijke atelierbezoeken scherpe vragen te stellen en bij Liesbeth kon iedereen terecht voor begeleiding, tips en taalkundige correcties met betrekking tot de geschreven teksten. De kunstenaars hadden een expositie van hun werk in hun atelier ingericht en droegen de tekst voor die ze over hun eigen werk geschreven hadden. Deze teksten waren soms bijzonder mooi en verhelderend, ze zijn allemaal terug te lezen in de publicatie: ‘De kleine Tripkau encyclopedea’ die te koop wordt aangeboden tijdens de exposities.
Luk Sponselee had een verrassend strakke presentatie gemaakt, Aagje Linssen meer een ateliersfeer met werk in wording. Lilia Scheerder speelde een stuk op haar gitaar, maar liet ook nog een filmpje zien van 2 dode vliegen die in een web dansten op muziek. Lilia: “Een bijna verstild beeld van een van de onvertelde microverhalen van de Tripkaukazerne.”
Op originele wijze wordt de expositie Grenswerk2011 op 10 december tegelijkertijd geopend in het CBK in Den Bosch en in Artspace Flipside in Eindhoven. In het CBK staat werk van de kunstenaars van voor en na de werkperiode. In Flipside is tot 29 januari het werk te zien dat gemaakt is tijdens de werkperiode. In januari (15 – 19) komen de kunstenaars een weekje bij elkaar om in Argument in Tilburg een nieuwe werkperiode met elkaar aan te gaan maar dan in 1 ruimte. Grenswerk 2011 bestaat dan in totaal uit een werkperiode van drie weken, verspreid over vijf maanden en vier locaties.
Waarom? Organisator Jeroen Vrijsen: “Om te ontdekken of de werkperiode van invloed is geweest op het werk van de verschillende kunstenaars en hoe. Wij zijn benieuwd of er ook verbanden te zien zijn tussen het werk voor en na de werkperiode.”
In Metropolis M, tijdschirft voor hedendaagse kunst, schrijft Johan Lundh over de trend Artists in Residence en over de zin ervan. Vaak wordt het inzetten van kunst en kunstenaars op een afgelegen plek gebruikt als instrument om sociaal-economische veranderingen voor de lokale bewoners. Op de website van Trans Artists staan meer dan 1000 programma's over residencies.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.




























