EINDHOVEN - Paul de Nooijer (68) was onlangs terug in zijn geboortestad Eindhoven. De fotograaf annex filmmaker kondigde tijdens een lezing aan te werken aan zijn 'last show'. Dat klonk dramatisch, en dat is het ook, maar wegzakken in een treurig einde wil hij niet.
In het Zeeuwse polderland is het even zoeken naar Paul de Nooijer. 's-Heer Abtskerke, dat hij heeft opgegeven als woonplaats, is zo klein dat het niet op de kaart staat. Eenmaal daar blijkt hij in het bijbehorende Baarsdorp te wonen, een gehucht van niet meer dan een paar boerderijen, waarvan die van De Nooijer oud en voornaam Hofstede Heuvelhof heet.
Rondom ligt een laat-middeleeuwse tuin met bijzondere rozensoorten, een doolhof en fruitbomen. Meteen toen hij er kwam wonen, vertelt hij, heeft hij een korte film opgenomen met hemzelf en zijn vrouw Françoise als Adam en Eva onder een appelboom, waarbij zij geen appel plukte, maar er juist een terughing in de boom, als teken van het herwonnen paradijs.
Laatste filmproject
Dezer dagen maakt De Nooijer zich er op voor de winter. Letterlijk. Zijn atelier, met aan de wand een overzicht van het jarenlange fotowerk, staat vol met kratten snoeihout voor de kachel. En figuurlijk. Omdat de kanker hem bij de kladden heeft, is hij bezig aan zijn laatste filmproject.
Hij zegt zich zijn nadagen anders te hebben voorgesteld. "Ik had gedacht langer fit te blijven." Voorheen kon hij uren achtereen werken in de tuin. "Dat lukt niet meer." Buiten is het dan ook zoon Menno die in de stormwind nog meer kachelhout optast. Menno, die al bijna 25 jaar met zijn vader meewerkt aan de films, woont met zijn gezin in het oude gedeelte van de hoeve, Paul met zijn vrouw in de verbouwde wagenschuur. Het atelier daartussenin delen ze.
Hij zegt zich verwant te voelen met negentiende-eeuwse Duitse romantici, wier ideaal het was met hun 'Grossfamilien' bij elkaar te wonen, een economische eenheid te vormen en op die manier te overleven. "Eigenlijk is dat hier ook zo en ik heb het altijd als heel prettig ervaren."
Commune
Het heeft ook iets van een commune uit de hippiejaren zestig en zeventig, waarvan hij zich een exponent voelt. Dat had het al toen hij nog in de Tramstraat in Eindhoven woonde, waar hij vrouw, broer, zoon, vrienden en zichzelf als modellen gebruikte in een huiskamer die tevens zijn studio was. "Het was een vrolijke boel. Menno is helemaal in de hippiesfeer opgegroeid." De wanden van zijn huiskamer, met voortdurend wisselend behang, vormden het decor voor zijn foto's. "Het kwam voor dat ik in een paar jaar tijd acht keer aan het behangen was. Vooral in zwart-wit leverde het prachtige patronen op. Ze kunnen van mij zeggen wat ze willen, maar ik ben in elk geval wel een heel goede behanger."
Door het opzichtige (bloemetjes)behang als achtergrond te gebruiken werkten zijn foto's van huiselijke tafereeltjes op de lachspieren. Het was burgerlijk, maar zo overdreven burgerlijk dat zijn familieportretten een parodie werden op de burgerlijkheid. "Overdrijven werkt goed als je als kunstenaar dingen aan de kaak wilt stellen."
Stroming
'Geënsceneerde fotografie' ging het op zeker moment heten wat hij al jarenlang deed. "Maar toen het een stroming werd onder Nederlandse fotografen wilden ze mij er niet bij hebben. Het is wel eens onhandig als kunstenaar nergens bij te horen, maar het is ook mijn kracht."
Op zijn foto's zijn termen geplakt als 'surrealistisch' en 'magisch-realistisch'. Hij vindt het niet aan hem, maar aan kunsthistorici dat te doen, al moet hij toegeven dat een tentoonstelling van magisch realisten als Charley Toorop en Carel Willink in het Van Abbemuseum van invloed is geweest.
"Ik zag die tentoonstelling toen ik een jaar of 10, 11 was en nog op de lagere school zat. Toen besefte ik dat ik kunstenaar wilde worden. Voorheen wist ik niet eens dat je van kunst een beroep kon maken." Eigenlijk zegt hij steeds vanuit eenzelfde soort naïviteit te hebben gefotografeerd. "Ik dacht altijd wel na over wat ik wilde doen, maar het ontstond bijna als vanzelf."
Erotiek
Hij deed veel aan naaktfotografie. "Erotiek is een belangrijke drijfveer voor alle beeldend kunstenaars." Hij was bang dat de chemische bestrijding van zijn prostaatkanker, die het testosteron tot het nulpunt liet dalen, ook zijn uitwerking zou hebben op zijn kunstenaarsgevoel voor de schoonheid van erotiek. "Ik dacht dat alle erotiek uit mijn werk zou verdwijnen. Daarom heb ik me lang tegen behandeling verzet. Maar dat bleek absoluut niet het geval."
Met de foto's kwamen ook de films. "Fotografie is herinnering. Je legt iets vast dat daarmee meteen in het verleden ligt. Voor een deel is mijn oeuvre een familie-album. Bij film word je een verhaal ingezogen, waarbij het lijkt alsof je als toeschouwer in het heden leeft. Daarom kun je in de bioscoop zo moeilijk van je stoel loskomen als de film is afgelopen, terwijl de meeste mensen maar heel even naar een foto kijken."
Films
De korte films zijn een wonderlijke mix van fotografie, film en video en ontstaan in een wisselwerking met theater, dans vooral, en muziek. Het is experimentele kunst, pogingen om grenzen te slechten tussen media. Op YouTube zijn er voorbeelden van te vinden.
Nobody had informed me - by Paul de Nooijer
Touring Holland by Bicyle (Paul de Nooijer, 1985)
"Het complete oeuvre van De Nooijer is aangekocht en geconserveerd door het Nederlands Filmmuseum. Dat stuurt het uit naar het buitenland, waar het werk meer lijkt te worden gewaardeerd dan hier. Ook in het buitenland gaf hij les, in Australië en tot voor kort in Duitsland.
Eén lange speelfilm, 'Exit' met onder anderen Ricky Koole, staat op het conto van de De Nooijers. Vijf jaar werkten ze eraan. "Het was een aanzet om een groter publiek te bereiken, maar toen het interessant begon te worden stopte de distributie." Commercieel gezien leverden hun filmische bijdragen aan de muziekzender MTV meer op.
Hollywood
Ooit werkten ze drie maanden in Hollywood aan commercials en videoclips. "We konden er een vijfjarig contact tekenen dat 2,5 miljoen opleverde. We hadden nog rijk kunnen worden ook. Maar we hebben het niet gedaan en ik heb er geen spijt van gehad. Onder druk van de commercie had het vrije werk het onderspit gedolven."
Nu zijn ze bezig scènes uit te schrijven en fondsen te werven voor wat Paul de Nooijer verwacht dat zijn laatste filmproject zal zijn. Hij legt uit dat het in eerste instantie een muziektheatervoorstelling wordt, met projecties als decor. "En daarvan wordt dan weer een film gemaakt. Het moet een hallucinerende ervaring worden voor de toeschouwer. Het summum van wat film vermag."
Tragikomisch
'Tragikomisch' is wat je vrijwel al zijn korte films kunt toedichten en tragikomisch zal ook zijn laatste productie zijn, belooft hij. "De film begint bij de geboorte en eindigt met de dood. Wat het publiek te zien zal krijgen is zowel treurig als grappig. Ik hoop nog de mogelijkheid te hebben er zelf in mee te spelen."
Hij stelt zich een rol voor waar de nodige hilariteit aan te pas komt. "Veel mensen die mankeren wat ik mankeer zitten te huilen op de bank. Ik wil me niet laten meevoeren door de ellende. Je moet niet wegzakken in een treurig einde. Volgens mij is dat helemaal niet nodig."
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.










Sorteer reacties




















