De kleur blauw staat voor waardigheid, de ruimte en geestelijke liefde. Althans, dat zijn begrippen die veel mensen laten horen als je ze vraagt naar wat de kleur blauw voor hen betekent.
Het zal die geestelijke liefde wel zijn geweest die ervoor zorgde dat mijn
dochter terstond ophield met huilen als ze keek naar 'het' schilderij. Op
dat kunstwerk, van Gerrit de Morée, staat namelijk een blauwe koe, met grote
horens. Naast die koe houdt een niet-gekleurde krijger een speer in zijn
hand. Dat blauw moet dus wel het werk hebben gedaan; want die afbeelding kon
de eenjarige absoluut nog niet begrijpen. Het blauw stopte de darmkrampen.
Wat kleur nog meer kan betekenen en vooral; hoe vormgevers kleur gebruiken in
hun producten, staat centraal in de presentatie 'Kleur', nu te zien in het
Designhuis in Eindhoven.
Van Ferrari-rood tot en met bruidsjaponnen-wit: de tentoonstelling staat vol
ontwerpen die veelal glashelder laten zien wat de functie van die bepaalde
kleur in dat bepaalde ontwerp is. Misschien moet je daarom het bezoek aan de
expositie beginnen in de twee ruimtes waarom de samenstellers een regenboog
hebben gecomponeerd. Die regenboog begint op de eerste verdieping met een
niet-kleur: wit (bruidsjurk van Rianne de Witte - what's in a name?), gaat
dan verder met de eerste kleuren rood, oranje om in dezelfde ruimte op de
tweede verdieping te eindigen met indigo en violet. Dat componeren heeft
Yksi Ontwerp gedaan met alledaagse voorwerpen, variërend van wit-rode pakken
karnemelk tot en met paarse Milka-repen. En ja, natuurlijk wordt geëindigd
met die andere niet-kleur, de zwarte smoking van Jeroen van Tuyl. Wat
daartussen zit, lijkt allemaal heel vanzelfsprekend. Want een kratje
Heineken is groen, zoals die van Bavaria blauw is. Dat is ingesleten, hoort
bij ons herinneringspatroon. Je kent die kratjes, zelfs al staat de naam er
niet op. En zo weten wij hier in Nederland ook dat een melkpak wit met een
tikje blauw is, maar dat het pak karnemelk wit met rood is… Ooit bedacht
door een vormgever, maakt het nu onderdeel uit van ons collectief geheugen.
Een zaal verderop wordt gespeeld met dat fenomeen. Want daar staan de bekende
Gildeglazen van Andries Coupier, gevuld met een roze drank, zeg maar een
cocktail. Maar wat nu als je datzelfde roze drankje in een koffiekop
schenkt? Geen mens haalt het dan in zijn hoofd om dat chemisch uitziende
drankje te drinken. Ook treffend: blauwe rijstkorrels zien er niet uit, maar
exact dezelfde kleurstof toegepast op een snoepje (M & M) en je knauwt
er zo een paar weg… Duidelijk is dat kleur indirect effect heeft op de
smaakpapillen, in ieder geval ons aangeeft wat we wel en wat we beslist niet
lekker vinden. Om precies diezelfde reden zie je ook nooit een zwart bord in
een (goed) restaurant.
Kleur wordt niet alleen bepaald door onze genen; er is ook nog zoiets als
smaak. Dat maken twee opstellingen in een andere zaal meer dan duidelijk. In
beide etalages zijn dezelfde producten te zien maar door die producten in
een andere kleur te plaatsen plof je óf in de jaren zeventig óf in de jaren
negentig.
De hele presentatie schakelt zo van functionaliteiten naar simpelweg genieten;
van het rode fietsachterlicht tot en met het bombardement aan kleur in de
zaal van Fransje Killaars. En van de regenboog in creditcards tot en met de
bijna witte poef van Christien Meindertsma: er zit verdraaid veel kleur
tussen wit en zwart.
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.
























