Daniël Samkalden (l) en Porgy Franssen als François HaverSchmidt en zijn botsende alter ego.foto Ben van Duin/GPD
Als het om melancholie en ironie gaat, heb je met Theo Nijland en Porgy Franssen uitstekende vertolkers tot je beschikking. Bovendien krijgen tekst en muziek bij hen steevast een puntgave behandeling.
Voeg daar nog eens een geschoold klassiek zanger bij als Maarten
Koningsberger en een cabaretier als Daniël Samkalden. Met subtiele muzikale
begeleiding van de gitaristen Olga (zus van Porgy) Franssen en Esther
Steenbergen. Een opmerkelijke voorstelling lijkt verzekerd, vooral ook omdat
men het experiment niet schuwt.
Een productie rond Piet Paaltjens
is zeker niet bij voorbaat een publiekstrekker te noemen. Dat een producent
het vertrouwend op de deskundige cast aandurft, roept nog eens extra
sympathie op. En daarom is het des te jammer dat deze
muziektheatervoorstelling een mislukking is geworden. Anderhalf uur lang
komen werk en biografie van de titelfiguur onvoldoende tot leven.
Kennelijk is er lang aan de voorstelling gesleuteld, uitgaande van diverse
uitspraken in interviews. Dat is nog steeds te merken. Lang niet alles valt
overtuigend op zijn plaats. Wanneer het gezelschap het gedicht 'De
zelfmoordenaar' op muziek van Theo Nijland ten gehore brengt, is daar niets
mis mee. Hetzelfde geldt voor de aangepaste versie van 'Des zangers min',
waarbij de terugkerende regel 'O Mina, Mina mijn!' mede de relativerende
toonzetting bepaalt. Het zijn echter losse elementen die een context
ontberen.
Globaal is het allemaal wel duidelijk. De sombere,
depressieve dominee François HaverSchmidt gaat de confrontatie aan met de
lichtvoetige, fantasievolle dichter in hem: zijn alter ego Piet Paaltjens.
Op toneel wordt dat zichtbaar gemaakt door Franssen als HaverSchmidt en
Samkalden als Paaltjens. Ook al is de bedoeling meer dan duidelijk, echt
betekenisvol willen hun beider ontmoetingen maar niet worden. Het beeld dat
de makers willen uitdragen, lijkt onvoldoende uitgekristalliseerd.
De opzet van een 'muzikale thriller', hetgeen met name betrekking had op de
relatie HaverSchmidt/ Paaltjens, is waarschijnlijk niet toevallig in de loop
van het repetitieproces volledig verdwenen.
Alle gedoe rond het
zogeheten 'Oeralindaboek' doet daarenboven de voorstelling meer kwaad dan
goed. HaverSchmidt zou volgens deskundigen betrokken zijn bij deze (puur
fictieve, maar niettemin serieus genomen) studie over een vierduizend jaar
oude Friese beschaving. Er wordt naar verhouding veel aandacht aan besteed.
Helaas zijn de makers er niet in geslaagd hiervoor een adequate vertaling
naar het theater te vinden. Wat resteert, is al met al een broze
verhaalconstructie met slechts een enkele op zich staande scène die de
moeite waard is. Ondanks alle beschikbare talent kan dat echter de
mislukking niet meer voorkomen. Spijtig.
'Piet Paaltjens, de muzikale thriller'. Te zien: 10/3 Parktheater
Eindhoven en 1/5 't Speelhuis Helmond
© Eindhovens Dagblad 2012, op dit artikel rust copyright.























