Volledig scherm
Het water komt © AD

Een brief aan alle Nederlanders: Klimaatverandering bedreigt het voortbestaan van Nederland

VoorpublicatieAls er nu één verhaal verteld moet worden, dan is dat het verhaal van Nederland en de stijgende zeespiegel. Ik weet ook wel: klimaatverandering voelt vaak als een ver-van-je-bed show. Wat warmere zomers, misschien geen Elfstedentocht meer, maar hoe erg kan het nu echt worden?

Door Rutger Bregman

Beste landgenoot,

Laat ik de dreiging wat duidelijker beschrijven.

Het voortbestaan van Nederland staat op het spel.

Er is een kans dat onze kinderen afscheid moeten nemen van steden als Den Haag en Delft, Rotterdam en Amsterdam, Leiden en Haarlem. Dat zeg ik niet, dat zeggen tal van Nederlandse wetenschappers. Ik sprak er zeven afgelopen zomer en was verbijsterd over hoe openhartig zij spreken over het scenario waarin we grote delen van Nederland moeten opgeven.

‘Als je nu kinderen krijgt’, stelt Maarten Kleinhans, hoogleraar fysische geografie aan de Universiteit Utrecht, ‘dan heb je het over mensen die mogelijkerwijs hun land aan het verliezen zijn. Die straks geen Nederlander meer zijn, omdat er geen Nederland meer is. Dáár hebben we het over.’

Geograaf Kim Cohen, een collega van Kleinhans, vreest hetzelfde. ‘Ik denk dat we 2 meter zeespiegelstijging aankunnen in Nederland. Maar als het 3, 4 of 5 meter wordt, dan vraag ik het me af. De maatregelen die we dan zouden moeten nemen, zijn draconisch. Ik denk dat we dan al beginnen met het opgeven van steden.’

Volledig scherm
Rutger Bregman © Marco Okhuizen

Lange tijd werd voor het jaar 2100 een zeespiegelstijging van maximaal 85 centimeter verwacht. Maar in de afgelopen jaren komen de voorspellingen steeds hoger uit. Zelfs als het lukt om de opwarming van de aarde tot 2 graden te beperken, dan nóg lopen we volgens het KNMI risico op een 2 meter hogere zeespiegel in 2100.

Als de aarde sterker opwarmt (tot 4 graden in 2100) dan halen we die 2 meter vrijwel zeker, en kunnen we in 2200 uitkomen op 5 tot 8 meter.

Om je een idee te geven: de Deltawerken zijn berekend op een stijging van 40 centimeter.

De Watersnoodramp

Bijna zeventig jaar geleden ging het al eens mis. In de nacht van 1 februari 1953 braken de dijken op meer dan vijfhonderd plaatsen in Nederland en verdronken 1.836 Nederlanders.

Maar daarna bouwden we de Deltawerken, een van de zeven moderne wereldwonderen, die ons sindsdien hebben beschermd.

Toen de wet voor de Deltawerken op 5 november 1957 werd aangenomen door de Tweede Kamer was de bouw al begonnen. Buitenlandse journalisten verbaasden zich over de Hollandse daadkracht. ‘Wat die krankzinnige ingenieurs nu voorstellen’, schreef The Saturday Evening Post, ‘is een Maginotlinie van drie nieuwe dammen [...]. Dit concept doet al een tijdje de ronde. Maar, zoals een Nederlander zei: “We moesten eerst kwaad worden om te vergeten dat het onmogelijk was.”’

Volledig scherm
De Brouwersdam, onderdeel van de Deltawerken. © Hollandse Hoogte

Helaas zijn Nederlanders vergeetachtig. Tegenwoordig zijn vooral buitenlanders onder de indruk van de Oosterscheldekering met haar 65 pijlers die elk zo groot zijn als een kathedraal, en de Maeslantkering met haar twee bewegende Eiffeltorens en de grootste kogelgewrichten ter wereld.

Wij Nederlanders hebben minder interesse. De informatieborden bij de Haringvlietdam zijn versleten, de letters eraf gevallen. Op Neeltje Jans, het werkeiland in de Oosterscheldekering, staat een pretpark dat is verkocht aan een Spaanse multinational.

Een nieuw Deltaplan

En ondertussen stijgt de zeespiegel door.

‘De modellen gaan er nu van uit dat het rond 2050 echt gaat beginnen’, vertelt Marjolijn Haasnoot, onderzoeker waterbeheer. ‘Mijn kinderen zijn dan even oud als ik nu. Het is helemaal niet zo ver weg als we denken.’

Het is, kortom, tijd voor een nieuw Deltaplan. En dit keer gaat het niet alleen over dammen en dijken, bruggen en eilanden. Het Deltaplan van onze tijd gaat óók over zonnepanelen en windmolens, flitstreinen en megabatterijen.

Dit besef lijkt eindelijk doorgedrongen tot Den Haag. Op 28 mei 2019 werd de Klimaatwet aangenomen door de Eerste Kamer. In 2030, zo hebben we afgesproken, stoten we 49 procent minder broeikasgassen uit ten opzichte van 1990. In 2050 minstens 95 procent. Is dat veel? Is dat snel?

Laat ik de uitdaging wat concreter maken.

Acht miljoen gebouwen moeten van het gas af, negen miljoen auto’s moeten op stroom of

waterstof gaan rijden, het elektriciteitsnet moet minstens drie keer zo zwaar worden, een kwart van de Noordzee moet worden volgebouwd met windmolens, 75 miljoen zonnepanelen moeten worden aangesloten, 100.000 hectare bos moet worden aangeplant, en we hebben tig technologieën nodig die nog niet eens zijn uitgevonden.

Dit wordt de grootste verbouwing van ons land. Ooit.

De toekomst van ons land

Onder de dijkgraven van Holland is er een oud gezegde: ‘Geef ons heden ons dagelijks brood, en af en toe een watersnood.’ En ja, in het verleden was er steeds een ramp nodig om ons wakker te schudden. In 1916 moest eerst Noord-Nederland onderlopen voordat we begonnen aan de bouw van de Afsluitdijk. In 1953 moest eerst Zuid-Nederland verdrinken voordat we begonnen aan de bouw van de Deltawerken.

Dus moet het nu weer misgaan? Moet het water oprukken tot de Veluwe voordat we stoppen met gemiep over dure warmtepompen en lelijke windmolens? Zullen we dan pas beseffen dat we een revolutie moeten doormaken, de totale economie moeten transformeren en een gidsland voor de rest van de wereld moeten zijn?

Volledig scherm
Windmolens langs de A6 bij Urk. © ANP

Eén ding is zeker: willen we ons land behouden, dan moeten we strijd leveren. Strijd tegen het water, en strijd tegen onszelf. Tegen onze eigen apathie. Tegen onze eigen zuinigheid. Natuurlijk, aan de ene kant zijn we een volk van klagers en zeikers, zeurpieten en mopperaars. Een volk dat ziende blind kan zijn, zelfs als jarenlang de waarheid onder onze neus wordt gewreven.

Toch zijn we ook een volk dat boven zichzelf uit kan stijgen. Dat tot ongelofelijke dingen in staat is, en een gidsland voor de rest van de wereld kan zijn. Ja, dat zal veel tijd, geld en energie kosten – maar dat is altijd zo geweest. Wij strijden al duizend jaar tegen het water. En we kunnen dit, omdat we polderaars zijn. Omdat we water in land veranderen. Omdat onze toekomst, ook nu, in onze eigen handen ligt.

Rutger Bregman

Dit is een voorpublicatie van Het water komt van Rutger Bregman. Dit boek gaat iedere Nederlander aan, vinden De Correspondent en de Nationale Postcode Loterij, en daarom stellen zij het beschikbaar voor heel Nederland. Wie een exemplaar wil ontvangen, kan dat aanvragen via www.hetwaterkomt.nl.