Band Big Lake Tiny uit Eindhoven: op de grens van country en pop

VIDEOEINDHOVEN - Een verfrissend geluid klinkt in Eindhoven Rockcity. De band Big Lake Tiny omzeilt de hippe trends met zijn mix van pop en country. De groep speelt op Tweede Paasdag in Deurne.

Muzikant annex kapper Roland Molegraaf verkocht enkele jaren geleden zijn gitaren. Hij kreeg rugpijn van het gesjouw met de instrumenten en versterker. "Ik was er helemaal klaar mee." Na een muzikale pauze van 2 jaar, besloot hij 'toch in de snaren te blijven'. "Ik heb interesse in country en bluegrass. Vervolgens ben ik lap steel-gitaar gaan spelen", zegt de barbier uit Tongelre.

Het instrument, dat op de schoot van de bespeler ligt, is mede vanwege zijn zangerige klanken populair in de countrymuziek. In zijn kapperszaak vertelde Molegraaf aan klant annex kennis Adrie Kauwenberg over zijn plannen de country in te gaan. Een opmerking die bij laatstgenoemde 'in het hoofd bleef hangen'. "Het is lang blijven broeden", zegt Kauwenberg, jarenlang actief in allerlei regionale rockbands, zoals The Galactic Lo-Fi Orchestra. 

Het plan om een country-achtige groep op te richten kwam tot leven na een akoestische jamsessie met leden van 'The Galactic'. "Ik zei dat ik een kapper ken die lap steel kan spelen. Bandlid Michel (Geelen, red.) antwoordde: 'Dan wil ik best drummen'."

Met een knipoog
Uiteindelijk ontstond een vijfmanschap, waarvan ook Petya van Vliet (gitaar) en Pieter Bart Giebels (bas) deel uitmaken. De naam voor het collectief - Big Lake Tiny - spookte al een tijdje rond in het brein van Kauwenberg. "Het moest een americana-achtig karakter hebben. De tegenstelling tussen big en tiny vind ik interessant. Muziek is voor mij - ook na al die jaren - méér dan een belangrijke hobby. Maar we houden ervan te relativeren en spelen met een knipoog. Net als drummer Michel kom ik uit de do-it-yourself hoek. Op de middelbare school mocht ik lid worden van een bandje, omdat ik een basgitaar kon kopen. Die kon ik nog niet bespelen; toen ben ik maar gaan zingen. Zo is het virus ontstaan. Wie muziek maakt, hoeft niet meteen fantastisch te kunnen spelen."

Mede door de jarenlange ervaring van de bandleden, weten ze met hun debuutplaat, het mini-album Boat, meteen te overtuigen. De band laveert tussen country, rock en pop: niet meteen het meest sexy genre van 2017, maar daarom juist wèl zo verfrissend. Kauwenberg: "Het is een scene die wat minder op de voorgrond treedt. In Nederland zie je niet veel bands in dit genre." Weinig jonge mensen houden van country, voegt Molegraaf toe. "Je groeit erin, vangt hier en daar wat op, gaat op onderzoek uit, praat erover, komt mensen tegen met dezelfde belangstelling. Zo gaat het borrelen en raak je geïnteresseerd."

Lees het verhaal verder onder de foto.

Volledig scherm
Roland Molegraaf (l) en Adrie Kauwenberg van de band Big Lake Tiny in de kapperszaak van eerstgenoemde © FotoMeulenhof

Meer Beatles dan Stones
Onversneden Nashville-country is niet de basis voor Kauwenberg en consorten. "Ik houd van melodieën en schrijf altijd popsongs. Het is meer Beatles dan Stones. We maken popliedjes met een countrygevoel. Het is interessanter om je eigen ding te doen."

Big Lake Tiny valt op, want de band krijgt de nodige optredens aangeboden. Wegens drukke werkzaamheden van de bandleden moest een aantal aanbiedingen zelfs worden afgezegd. "We zijn geen dertien-in-een-dozijn rockbandje", verklaart Kauwenberg de belangstelling. "Onze muziek is ánders, dat maakt het gemakkelijker ons verhaal te vertellen. En het ligt lekker in het gehoor. Geschikt voor mensen van - bij wijze van spreken - 6 tot 66 jaar."

Big Lake Tiny: 17/4: Festival Boreling, Muziekcafé TAM TAM, Deurne. 20/5: Eindhoven, The Saint; 30/6: Eindhoven, POPEI; 6/8: Eindhoven; Grote Beek Pop.

  1. Een woning in Woensel als DDW-tentoonstellingsruimte

    Een woning in Woensel als DDW-ten­toon­stel­lings­ruim­te

    EINDHOVEN - Zoals veel goede ideeën ontstond ook deze tijdens een borrel. Iris van Daalen en Ruben Thier (samen het Eindhovense ontwerpduo ThierVanDaalen) spraken afgelopen zomer tijdens een ontmoeting van de Dutch Design Foundation met Katja Lucas en Rafaëlla Vandermühlen van die organisatie. Thier: "Gesproken werd er onder meer over de komende DDW en hoe mooi het zou zijn als tijdens die week een compleet huis dienst zou kunnen doen als expositieplek."