Opnieuw Bekeken: Zachtjes kabbelend terug naar Lith

ZomerserieLITH - Het gras heeft vrijwel dezelfde kleur als de schapen die er hoorbaar doorheen knisperen. Ze proberen uit alle macht nog iets groens te vinden op de velden die door de hitte deinen en te golven. Er is geen mens te bekennen, nog minder is er te horen. Tot de Lithse Dijk is bereikt en we uitzicht hebben over de Maas en het daarachter liggende Gelderse landschap. Dat is even vuilwit en dorstig als in Brabant, maar óp de Maas varen motor- en zeilbootjes, allemaal vrolijk wit. Ze zijn net de sluizen gepasseerd, op weg naar het westen, naar Den Bosch misschien, of Rotterdam.

Kroost

Lith toont zich ook vandaag van haar goede kant, vooral dankzij de rivier die verkoeling brengt, letterlijk en figuurlijk. Groot gelijk hebben daarom de twee opvangmoeders die met flink wat kroost juist hier de middag doorbrengen, in de schaduw van een zieltogende fruitboom. En even logisch is het, om het gele veerpontje te pakken en naar de overkant te tuffen. Gewoon, omdat het kan, maar vooral omdat het Lithse veer zo’n belangrijke rol speelt in het boek Dorp aan de rivier. Antoon Coolen schreef de roman in 1934 en het is – mede dankzij de succesvolle verfilming van Fons Rademakers uit 1958 - een van zijn meest bekende boeken.