Volledig scherm
Repetitie harmonie St. Cecilia Asten © Dave Hendriks - Foto Meulenhof

Cupido schoot vaak raak bij jubilerend St. Cecilia uit Asten

ASTEN - Als er één vereniging is in Asten waar Cupido vaak heeft raak geschoten, dan is het wel bij harmonie St. Cecilia. Minstens dertig muzikanten zijn met elkaar getrouwd nadat ze elkaar leerden kennen bij een van de repetities in gemeenschapshuis De Klepel.

Maar ook vriendschappen voor het leven zijn binnen de 125-jarige Astense Harmonie St. Cecilia gesloten, weet Marjella Berkers die al 35 jaar lid is. ,,Je bent samen bezig met het neerzetten van iets moois, dat schept verbondenheid”, zegt ze in aanloop naar de openingsactiviteit van het jubileumjaar. ,,Ik heb een hele grote club vrienden overgehouden aan de harmonie, dat blijft me bij. We gingen na repetities vaak samen op stap. De aantrekkingskracht is sowieso groot, want je ziet veel mensen na hun studie weer terugkeren. Dat zegt wel iets over de harmonie.”

Berkers is al van jongs af aan gefascineerd door de harmonie. Vooral de marsen door het dorp imponeren haar. Eenmaal lid krijgt ze als 11-jarige een kistje met een instrument in handen gedrukt en weet dan nog niet dat het om een gedemonteerde klarinet gaat. Na wat tips lukt het haar het instrument alsnog in elkaar te zetten. De opdracht daarna: maak maar geluid. Het duurt even voor de eerste noten hoorbaar zijn. ,,Mijn moeder maakte zich toen wel ongerust. Ze dacht dat ik alleen even een instrument ging ophalen, maar ik mocht pas naar huis als ik er geluid uit kreeg”, zegt ze terwijl ze erom lacht. Inmiddels zijn we tientallen jaren verder en is ze een volleerd klarinettist. ,,In het begin klonk het echt niet mooi. Dan moest ik veel thuis oefenen en dat zullen de buren niet altijd gewaardeerd hebben.”

Hoogtijdagen

Ook Marcel van Oosterhout krijgt als tiener een klarinet in handen geduwd, terwijl hij veel liever drummer wil worden. Hij zit veel op de kistjes uit de groentezaak van zijn vader te trommelen. Later droomt hij ervan om voorop te lopen in de harmonie, maar ook die missie mislukt. ,,Ik heb bijna altijd achteraan gelopen.”

Van Oosterhout herinnert zich met name alle ‘uitrukkingen’ met de harmonie. Vrijwel ieder gouden paar of andere jubilaris wordt vereerd met een bezoekje. In hoogtijdagen wel vijftig per jaar. De Astenaar graaft in zijn geheugen en komt tot minstens vierhonderd serenades in al die jaren. Berkers heeft er ook de nodige gedaan en haar is daarbij iets opgevallen. ,,Vroeger kwam je bij een gouden paar en die kregen maar amper wat van het optreden mee en gaven je een slap handje. Tegenwoordig zijn die mensen veel fitter.”

Wat hen ook is bijgebleven zijn de diverse reisjes met de muzikanten. Van Oosterhout herinnert zich een spontane, nachtelijke mars door het bos bij Sint Michielsgestel. Of de vele tripjes naar het Duitse Borgentreich. ,,We moesten toen een keer de jeugd in een sporthal en leeg zwembad laten slapen. Drie mensen die normaal raddraaiers zijn, moesten toezicht houden. Toch waren er bij die het pand ontglipten. Kwamen ze ’s avonds laat terug en wilden ze binnen, maar dat mochten ze niet meer. Die hebben toen elders de nacht moeten doorbrengen, haha.”