Een politieauto bij de loods in Maarheeze waar vorige zomer een drugslab werd ontdekt.
Volledig scherm
Een politieauto bij de loods in Maarheeze waar vorige zomer een drugslab werd ontdekt. © Bert Jansen

Mannen achter drugslab Maarheeze mogen naar huis uit voorarrest

DEN BOSCH/MAARHEEZE - Drie van de vier mannen die volgens justitie te maken hebben met het drugslab dat vorige zomer werd gevonden in Maarheeze, komen op vrije voeten. Onder hen ook de 58-jarige bewoner van de boerderij waar de amfetamine werd gemaakt. 

De rechtbank in Den Bosch besloot dinsdagmorgen drie van de vier verdachten op vrije voeten te stellen. De belangrijkste reden daarvoor is dat de inhoudelijke behandeling van de zaak maanden vertraging gaat oplopen als gevolg van de coronacrisis. Het proces is nu gepland voor 24 september. Zolang hoeven de verdachten niet in voorarrest te blijven, oordeelde de rechtbank. Behalve de 58-jarige bewoner van de boerderij komen nu ook een 57-jarige man uit Venlo en een 54-jarige man uit Vlodrop vrij. De vierde verdachte, een 42-jarige man uit Roermond, had geen verzoek ingediend om de rechtszaak in vrijheid af te wachten. 

Loods achter boerderij

Het amfetaminelab aan het Laar in Maarheeze werd op 28 juli ontdekt in een loods achter de boerderij  aan Het Laar in Maarheeze. Op het moment dat de politie binnenviel, waren de drie Limburgse mannen daar aan het werk. Op een eerdere tussentijdse zitting ontkenden de drie dat ze amfetamine aan het maken waren , maar justitie is daar wel van overtuigd. 

De in 2017 failliet verklaarde bewoner van de boerderij, Leon van der L., deed dinsdagmorgen via een videoverbinding uit de gevangenis van Roermond een dringend beroep op de rechtbank om hem zo snel mogelijk vrij te laten. Vorige week werd bekend dat een bewaakster van de gevangenis besmet is met het coronavirus. ,,Ook in de gevangenis is er geen ontsnappen aan”, stelde zijn advocaat Justus Faber. ,,Anderhalve meter afstand houden is in detentie onmogelijk, social distancing is daar een luchtkasteel.”  Van der L. zat in Roermond in een cel voor twee personen. 

De rechtbank had vooral oog voor het argument dat de inhoudelijke behandeling van de zaak vele maanden vertraging oploopt.