Volledig scherm
Prof. Olaf Adan bij zijn proefopstelling van de warmtebatterij in een laboratorium op de TU/e. © Jean Pierre Reijnen

EU subsidie van 7 miljoen voor ontwikkeling warmtebatterij TNO en TU/e

EINDHOVEN - De Europese Commissie heeft 7 miljoen euro subsidie toegekend voor de verdere ontwikkeling van de warmtebatterij van TNO en TU Eindhoven. Een Europees consortium, geleid door beide kennisinstellingen, gaat met de subsidie de ontwikkeling van de warmtebatterij versnellen om te komen tot een apparaat dat geschikt is voor gebruik in huis.

De warmtebatterij maakt het mogelijk energie op een efficiënte manier op te slaan, zodat die ook beschikbaar is op windstille en bewolkte dagen. Het systeem werkt met waterdamp en een zouthydraat. Als deze bij elkaar worden gebracht, bindt het water zich aan het zout, waarbij zoutkristallen ontstaan. Bij dat proces komt warmte vrij . Door warmte in het systeem te brengen komen water en zout weer los van elkaar. Zolang water en zout gescheiden zijn, is de energie opgeslagen. De warmtebatterij werkt stabiel en zonder energieverlies en gaat bij juist gebruik minstens 20 jaar mee.

Eenvoud van het principe

Volgens Olaf Adan, werkzaam bij TNO en TU/e en projectleider van het consortium, zorgt de eenvoud van het principe dat een betaalbaar apparaat te maken is voor gebruik in huis. „Met de toegekende subsidie kunnen we vaart maken met de ontwikkeling van een warmtebatterij met het formaat van een koelkast. Die bovendien minder kost dan systemen voor elektrische opslag, terwijl de prestaties beter zijn. Met de opgeslagen warmte kan een gezin twee weken warm douchen.”

Het apparaat moet bovendien naadloos aansluiten op het elektriciteitsnet, warmtenetten en warmtepompen en zonnepanelen. Adan wil met zijn team gebruikers betrekken bij de ontwikkeling. „Over ruim twee jaar willen we in Eindhoven minimaal twee huur- en twee koopwoningen met het apparaat uitrusten. Daarnaast gaan we ook in Nice in Frankrijk en in Gdansk in Polen proefdraaien in woningen. Zo willen we vanuit diverse situaties op het gebied van klimaat, woning en cultuur ervaring opdoen om het apparaat nog verder te verfijnen.”

Het consortium bestaat naast TNO, TU Eindhoven, materialenproducent Caldic, de gemeente Eindhoven en woningcorporatie Trudo ook uit internationale partners uit België, Frankrijk, Duitsland, Zwitserland en Polen.