Volledig scherm
© Angela Van De Paal

FNV boos over alcoholtest op het werk: ‘borrelpraat’

Vakbond FNV noemt het ‘onaanvaardbaar’ dat het kabinet de wet wil wijzigen zodat werknemers in risicovolle beroepen vaker gecontroleerd kunnen worden op alcohol- en drugsgebruik. Volgens vicevoorzitter Kitty Jong worden grondrechten aangetast en mist het plan enige onderbouwing. Zij spreekt van ‘borrelpraat'. 

Chemische bedrijven mogen in de toekomst via een test gaan controleren of personeel onder invloed is. Staatssecretaris Tamara van Ark van Sociale Zaken heeft daartoe een wetswijziging aangekondigd. Zij onderzoekt daarnaast of ook op andere risicovolle werkplekken, zoals in de bouw of de metaalsector, personeel kan worden onderworpen aan een alcohol- en drugstest. 

De plannen zijn de FNV compleet in het verkeerde keelgat geschoten. Volgens Jong wordt een beeld geschetst ‘alsof werkend Nederland elke ochtend half beschonken en onder invloed van drugs naar het werk gaat’. Er zijn volgens de bond geen cijfers en gegevens die duidelijk maken dat er sprake is van een reëel probleem.

Werkgevers zijn blij

De staatssecretaris erkent niet over cijfers te beschikken, maar zegt wel signalen te krijgen vanuit bedrijven. Werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB Nederland onderschrijven dat beeld. Voor een veilige werkomgeving en voor de collega's zijn alcohol- en drugstesten volgens hen nodig. ,,Wij hebben hier lang voor gelobbyd en zijn blij dat dit mogelijk wordt gemaakt”, laten zij weten in een gezamenlijk statement. Zij roepen Van Ark op ervoor te zorgen dat controles ook in andere sectoren snel kunnen worden ingevoerd. 

De FNV vindt echter dat de werkgevers naar een veel te zwaar middel willen grijpen en zelf te weinig werk maken van preventief beleid. ,,De staatssecretaris kan beter maatregelen nemen die met feiten zijn onderbouwd op het gebied van preventie, veiligheid en beroepsziekten, dan reageren op de onderbuik van werkgevers”, aldus Jong. 

Grove inbreuk

Volgens de vicevoorzitter is een alcohol- en drugstest een ‘grove inbreuk op de privacy’ en op de lichamelijke integriteit. ,,Wil je zoiets rechtvaardigen, dan moet dat heel goed en zorgvuldig onderbouwd worden en dat is nu niet het geval”, aldus Jong.