Volledig scherm
Luuk Otterspoor in de operatiekamer waar de dotterbehandelingen plaatsvinden. Foto Kees Martens © FotoMeulenhof

Medische wereldprimeur Catharina Ziekenhuis Eindhoven

VideoEINDHOVEN - Een medische wereldprimeur uit Eindhoven. Voor het eerst zijn cardiologen van het Catharina Ziekenhuis erin geslaagd om bij mensen met een acuut hartinfarct het hart precies op de juiste plaats te koelen voor, tijdens én na een dotterbehandeling. Dat kan de schade aan het hart verminderen met 20 tot 30 procent. 

Cardioloog-intensivist Luuk Otterspoor uit Oirschot (47) promoveert donderdag aan de Technische Universiteit Eindhoven op deze nieuwe techniek. Die wordt mogelijk de nieuwe wereldstandaard. 

Volledig scherm
Een kloppend varkenshart in de opstelling van LifeTec. © Fotopersburo van de Meulenhof BV

Idee

Het basis-idee is heel simpel: een spier die een opdoffer krijgt, wordt gekoeld om zwelling te voorkomen. Op het sportveld zijn ijspakketten en koud water onmisbaar om zwelling in een enkel tegen te gaan na een botsing of schop. Kan dat niet ook gelden voor het hart, tenslotte ook een spier? Dat vroegen de cardiologen Luuk Otterspeer en Nico Pijls zich af. Otterspoor had eerder in het UMC Utrecht ervaring opgedaan met het koelen van patiënten na een hartstilstand. Pijls, tevens hoogleraar aan de TU/e,  is wereldwijd expert op gebied van kransslagader-ziekten. 

Lees verder onder de video.

Dat koeling hartschade kan voorkomen, was al bekend uit experimenteel dieronderzoek. Voor enkele internationale studies bij mensen werden patiënten bij kennis gekoeld via een slang in een grote ader naar een lichaamstemperatuur van 33 graden Celsius. Maar die procedure blijkt voor de patiënt 'vreselijk', zegt Otterspoor. Het duurt een halfuur, de patiënt die toch al vol stress zit en pijn lijdt krijgt letterlijk de rillingen over zijn lijf. 

Hij ging op zoek naar een manier om alleen het gedeelte van het hart te koelen waar het infarct schade heeft aangericht. Hij maakte gebruik van de 'levende varkensharten' die het Eindhovense bedrijf LifeTec als enige ter wereld kan laten kloppen, vastgemaakt op een testbank.  

Onderzoek

Het onderzoek liep van 2014 tot 2015. Het bleek mogelijk om via de katheter die de stent in de kransslagader brengt op de plaats van de verstopping, ook koelvloeistof naar de juiste plek te leiden. Eerst gaat tien minuten een zoutoplossing van 20 graden Celsius naar het schadegebied. Dan volgt de dotterbehandeling, vervolgens weer tien minuten koelen met een oplossing van 5 graden. Dat brengt de temperatuur in de spier terug tot 33 graden. 

Tijdens de proeven op de varkensharten bleek dat de temperatuur in het schadegebied al na een halve minuut op de gewenste waarde zat. Dat werd vastgesteld met warmtecamera's en temperatuursondes in het hart. Daarna was het tijd om de koeling toe te passen bij mensen. In 2016 zijn tien mensen met een acuut hartinfarct in het Catharina zo behandeld. Dat verliep in alle gevallen goed. Er deden zich geen complicaties voor, er was minder restschade en patiënten bleken niets te voelen van de lokale kilte in hun hart. 

Volledig scherm
Het paarse deel in dit varkenshart is gekoeld, toont deze opname van een warmtecamera aan. Ook de directe omgeving is koeler dan het hart van 38 graden Celsius. © vrij

Veilige methode

Otterspoor noemt de groep van tien mensen 'te klein' om nu al te claimen dat lokale koeling van het hart in alle gevallen de juiste behandeling is. ,,Wel kan ik zeggen dat de methode veilig is en toepasbaar in onze alledaagse praktijk." 

Om de vraag te beantwoorden begint binnenkort een groot internationaal onderzoek. Behalve in het Catharina gebeurt dat in België, Schotland, Denemarken, Zweden en Hongarije. In de zes centra worden honderd patiënten lokaal gekoeld voor en na de dotter én honderd niet. Als ook die tests de werking en effectiviteit aantonen, verwacht Otterspoor dat dit voortaan de standaard-procedure bij dotteren wordt. Grote investeringen zijn niet nodig omdat het materiaal, zoals koelvloeistof en katheters, nu al in alle hartcentra wordt gebruikt. 

In samenwerking met indebuurt Eindhoven