Volledig scherm
Teleurgestelde onderhandelaars van de vakbonden nadat het weer niet is gelukt om een pensioen-akkoord te bereiken. © ANP

Pensioenstelsel: Dames en heren in SER moeten zich schamen

OpinieAuteur John Ruben uit Miero is oud-actuaris en oud-directeur pensioenzaken van het Philips Pensioenfonds. Het pensioen-overleg is onnodig breed en complex gemaakt. Stap eens uit die tunnel-visie en laat de praktijk meepraten.

Voor de zoveelste keer is het pensioenoverleg geklapt. Ondanks de bemoeienis van het kabinet. Moeten de dames en heren in de SER zich niet diep schamen dat zij er na ruim vijf jaar onderhandelen nog niet zijn uitgekomen? Partijen hebben zich ingegraven en zijn niet bereid hun standpunten los te laten.

Daarbij hebben zij de discussie over een nieuw pensioenstelsel onnodig verbreed met heikele onderwerpen. Werknemers willen structurele oplossingen voor de AOW-leeftijd, zzp'ers, vroegpensioenregelingen en zware beroepen. Werkgevers vinden het allemaal best zolang de pensioenpremie laag blijft. Het kabinet komt slechts met tijdelijke oplossingen.

Het kabinet met De Nederlandsche Bank in zijn kielzog houdt vooralsnog vast aan een relatief lage rekenrente bij een minder zekere pensioentoezegging. En dan is nog niet genoemd de onzekerheid over een compensatieregeling voor de afschaffing van de doorsneepremie, waarmee 60 miljard euro gemoeid is. Is dat wel een echte discussie? En wie gaat dat betalen?

Moet niet eens met een frisse blik naar de problematiek gekeken worden, waarbij alle partijen zich beperken tot hun eigen verantwoordelijkheden? Stap uit de tunnelvisie en zet alles eens in een nieuw perspectief. Laat de praktijk toe tot de discussie en vergeet niet dat het grootste deel van onze bevolking gebaat is met behoud van het bestaande stelsel.

De nu gehanteerde lage rekenrente is ontstaan vanuit de zekerheid van onze pensioentoezeggingen. Die zekerheid is een schijnzekerheid gebleken. Voor een aantal (grote) pensioenfondsen dreigen op korte termijn kortingen en dan is de beer los. Als we nu die zekerheid in de toezegging wat losser communiceren als een inspanningsverplichting, is het dan niet logisch dat we ook een hogere rekenrente hanteren? De historische rendementen van de pensioenfondsen geven daar toch een goede financiële basis voor.

En laten we eens ophouden met die ingewikkelde en eenzijdige discussies over de nadelen van een hogere rekenrente voor de jonge deelnemers. Eenzijdig omdat ook de jongere deelnemers middels toeslagen profiteren van een hogere rekenrente.

Makkelijk wordt voorbijgegaan aan het gegeven dat dankzij de oudere deelnemers de financiële positie van de pensioenfondsen niet nog veel slechter is. Voor- en nadelen voor jongere en oudere medewerkers zijn gewoon een onderdeel van het solidariteitsbeginsel, zoals dat nu bij de financiering van pensioentoezeggingen wordt gehanteerd. Voor alle deelnemers is het belangrijk om dat beginsel te koesteren.

Doorsneepremie

En dan de discussie over de afschaffing van de doorsneepremie - één van de uitgangspunten in het regeerakkoord. Eerder heb ik betoogd dat de doorsneepremie zoals die door de deelnemers betaald wordt een arbeidsvoorwaardelijk onderwerp is en geen financieringsvraagstuk. Het werknemersdeel van de totale pensioenpremie is ook vaak een onderwerp in het arbeidsvoorwaardenoverleg en niet binnen het pensioenfondsbestuur. Die hele discussie over afschaffing van de doorsneepremie is dan ook een non-discussie die volkomen onterecht deel uitmaakt van het overleg over een nieuw pensioenstelsel. Het is verbazingwekkend dat de sociale partners daarover niet eerder aan de bel hebben getrokken. Er is onnodig een bom gelegd onder het overleg in de SER als we de enorme bedragen voor een compensatieregeling in aanmerking nemen. Het toch al dunne vertrouwen in ons pensioenstelsel is daarmee niet gebaat.

De pensioenproblematiek van zzp'ers is ook zo'n onderwerp dat de discussie over een nieuw pensioenstelsel bemoeilijkt. En wordt het risico van inkomensverlies bij ziekte en arbeidsongeschiktheid niet vergeten? Dat is niet goed uit te leggen. Sparen voor de oude dag kan nu al op verschillende manieren waarbij flexibiliteit in bijdragen geen probleem hoeft te zijn. Als we denken aan collectieve voorzieningen of een betere fiscale behandeling, is het kabinet als eerste aan zet.

En dan de zware beroepen. Ondanks eerdere toezeggingen van het kabinet is daar nog geen oplossing voor gevonden. Hoort die problematiek niet op het bordje van de werkgevers? Hebben zij niet verzuimd oplossingen aan te dragen voor de zware beroepen. En kan het kabinet met (fiscale) maatregelen die oplossingen niet ondersteunen? Laat de werkgevers niet achteroverleunen maar initiatief nemen.

Samenvattend is het moeilijk voorstelbaar dat na al die jaren nog steeds geen oplossing is gevonden voor een nieuw pensioenstelsel. De discussies hebben een sterk technisch en complex karakter met weinig gevoel voor de praktijk. De discussies zijn ook onnodig verbreed, verantwoordelijkheden zijn door elkaar gaan lopen. Dat draagt niet bij aan het vertrouwen in het internationaal gezien toch beste pensioenstelsel. Laten we de discussie over een nieuw pensioenstelsel zuiver voeren met inbreng vanuit de praktijk. Daarbij dient het bestaande stelsel als uitgangspunt genomen te worden. Gooi niet iets weg wat tot op heden de maatschappelijke veranderingen simpel heeft opgenomen. De andere problemen moeten we niet onder de tafel schuiven, maar op de juiste plaats bespreken.