Volledig scherm

'Hangjeugd steeds jonger op straat'

HELMOND - Twee tot drie avonden per week zijn ze op straat. Ze staan bij hangjongeren of praten met buurtbewoners. De vier straathoekwerkers in Helmond hebben ieder hun eigen wijken.


Daar vangen ze alarmerende signalen op, proberen ze de overlast te verminderen en de leefbaarheid op te krikken.

"Je moet respect uitstralen, afspraken nakomen en niks beloven. Dat laatste wordt vaak tegen je gebruikt", is hun ervaring.

Een gesprek met Leon van Aerle, Anke van Weert, Twan van den Elsen en Egbert van der Linde.

Leon van Aerle (46) en Anke van Weert (23) hebben het centrum, de binnenstad en Noord verdeeld. Van Aerle was ooit zelf probleemjongere en draait al 25 jaar mee. "Ik ken héél veel mensen hier." Van Weert is net nieuw en draait zich nog warm.

Het grootste probleem? "De voetbalveldjes én het tekort eraan."

De trapveldjes en de pleintjes zijn de grootste bron van ergernis in veel wijken. Ballen tegen de ramen of op auto's. Bedenk daar een paar scheldende buurtbewoners bij en de toon is gezet. Maar tegelijkertijd zijn er te weinig van die plekken.

"Daarom stellen we vaak pleinregels op met de jongeren en de buurt. Over tot hoe laat daar wordt gespeeld en wie de rotzooi opruimt. Dan kun je hen ergens op aanspreken. Dat werkt."

Anke van Weert duikt bovendien ook weleens met een paar ballen onder d'r arm op in de wijk. Want een sportbegeleider, die de jongeren hier en daar coacht en bezighoudt, ontbreekt in de stad. "De meeste overlast van jongeren op straat ontstaat uit verveling. Jan doet iets, Piet volgt en Klaasje moet daar overeen. Da's de groepsdynamiek", aldus Van Aerle.

Dat geldt voor alle jongeren. Van de andere kant is het begrip overlast heel subjectief, stellen ze. De één vindt spelende kinderen leuk, de ander ergert zich aan hun gegil.

Gevaarlijk? Nee, dat vinden ze hun werk niet. De extreme dingen komen op het bordje van de politie of hulpverlenende instanties, zoals maatschappelijk werk, reclassering, GGZ, gemeente en dergelijke. Met hen wordt nauw samengewerkt binnen het Jeugd Preventie Team. "Maar je moet wel lef hebben. Het is niet altijd pappen en nat houden. Je neemt jongeren op sleeptouw naar de juiste instanties en hoopt op gedragsverandering. Dáár gaat het om."

Het klinkt mooi, beseffen ze. De praktijk is vaak weerbarstiger. Vooral als er seks of drugsgebruik in het spel komt.

"Veel jongeren kampen met psychische problemen. En ze komen ook steeds jonger op straat", aldus Van Aerle.

Egbert van der Linde (54) en Twan van den Elsen (27) zijn thuis in Brandevoort, Mierlo-Hout, Helmond West, Stiphout, Brouwhuis, Rijpelberg en Dierdonk.

Van der Linde doet tegenwoordig de westelijke wijken, Van den Elsen heeft Rijpelberg, Brouwhuis en Dierdonk in portefeuille.

De nieuwbouwwijken Brandevoort en Dierdonk kennen volgens beiden een heel eigen probleemjongere. Er zijn meer tweeverdieners, met 'sleutelkinderen' die weinig aandacht krijgen. Of veel achter de computer zitten.

"Die zie je meestal niet. Maar áls ze op straat komen en overlast veroorzaken, zijn ze vaak moeilijker bij te sturen. Ze hebben hele duidelijke normen en waarden meegekregen, waar ze niét aan willen voldoen. Thuis wordt er vaak weinig of slecht naar hen geluisterd", aldus Van den Elsen.

Bovendien ontkennen de ouders nogal eens dat hun kind blowt of keihard op zijn scootertje door de straten scheurt. Want thuis is zoon of dochter een braaf boontje.

In oudere wijken zijn de signalen herkenbaarder. Kinderen en ouders praten daar meer open over hun sores. Volgens Van der Linde 'hangt' ongeveer 10 procent van de Helmondse jongeren weleens op straat, waarvan minder dan 4 procent vaak. Het vertrouwen winnen bij zo'n groep valt volgens hem best mee.

" Tenzij je te maken hebt met groepen waar angst heerst voor verraad of chantage."

"Meestal wordt ons gevraagd: Wat komen jullie doen? Ouwehoeren? Vraag hanggroepen naar wat ze willen en je krijgt meestal het antwoord: een eigen plek waar we kunnen roken, zuipen en lawaai maken." Maar dan wel graag ergens met voldoende licht en zicht op voorbijgangers, weten beide straathoekwerkers uit ervaring.

Een van de zwaarste zaken die Van der Linde de afgelopen jaren tegenkwam, was een groep zeer jeugdigen waar seks en drugs de overhand had.

De meeste kinderen, sommigen van pas twaalf en dertien jaar, zijn uiteindelijk goed opgevangen door de juiste instanties.

Een mooi voorbeeld van hoe jongeren hun eigen verantwoordelijkheid leren nemen, vindt hij de hanggroep in Mierlo-Hout.

Dank zij een soort Lagerhuisdebat met de wijk, op initiatief van PvdA-wethouder Jos Boetzkes (Jeugd), kwam een mogelijke oplossing naar voren: een hangplek op het terrein van 't gilde. "Maar dan wel met duidelijke spelregels."

In samenwerking met indebuurt Helmond