Volledig scherm
Wim de Vrij bij een restantbosje in het buitengebied van Sint-Oedenrode. © Van Assendelft Fotografie

Lopen door Middeleeuws landschap in Sint-Oedenrode

SINT-OEDENRODE - Lang voordat aardgas, stookolie of steenkool werd gebruikt, was het in de Meierij hard werken om je huis warm te krijgen. De boeren gebruikten hakhout of geriefhout, dat ze aan de randen van het gemeenschappelijke weidegebied (Groene Gemeint) op pootstroken plantten en om de zes jaar rooiden. 

Een systeem dat ooit door de Hertog van Brabant in de 15de eeuw werd aangewakkerd om het schreeuwend tekort aan geriefhout aan te vullen. Het was daarnaast een bron van inkomsten voor de hertog en een antwoord op de groeiende problemen van de zandverstuivingen als gevolg van ontbossing.

Dat oude landschap is grotendeels verdwenen, maar een paar enthousiastelingen uit Sint-Oedenrode, willen dat middeleeuws landschap nieuw leven inblazen. Wim de Vrij, Theo Gottenbos, Mari Thijssen en Henri van Weert zijn er namens Stichting Het Roois Landschap druk mee bezig. "We doen in het landschap minuscuul onderzoek naar waar die pootstroken zoal gelegen hebben. Onder Sint-Oedenrode aan de Nijnselseweg, bij Diependaal, richting Goeiendonk en langs Boskant en zo helemaal richting de Scheeken bij Liempde hebben veel van die stroken gelegen", zegt Wim de Vrij.

Rabatten
In vochtig broekbos werden sloten gegraven. Het zand werd aan de kant gelegd. Zo ontstonden rabatten. Op die zandophoging werden boompjes geplant. Vaak was dat eik, omdat dat goed brandhout opleverde. "Op tal van plekken vinden we verwaarloosde resten van die middeleeuwse houtproductie terug. Bij diependaal willen we nu een eerste aanzet geven om dit soort houtopstanden terug te brengen in het landschap. Vrijwilligers van onder meer IVN willen zich hier ook voor inzetten. Zij zorgen op termijn voor onderhoud en houtkap in de hakhoutbosjes."

De Vrij en de andere leden van Stichting Het Roois Landschap stuiten op talrijke historische elementen bij hun zoektocht. Ze krijgen daarbij hulp van onderzoeksbureau Cuijpers in Den Bosch. "We weten nu dat bijvoorbeeld de vrouw van schilder Jeroen Bosch een bosgebiedje had bij Liempde, waar ze houtopstanden lieten planten. Ook Bossche bakkers kregen hun musterds uit de omgeving van Liempde."

Bakhuisjes
Een musterd is een gebonden takkenbos die precies in de bakoven paste. Daarmee had je warmte om brood te bakken of te koken. De dikke stukken eik werden apart gekapt. Die waren goed te gebruiken als haardblokken. ,,Het mooie is nu dat Stichting de Brabantse Boerderij op een aantal plekken bakhuisjes terugplaatst in het Groene Woud. Als wij nu die hakhoutcultuur terugbrengen, kun je straks in die bakhuisjes laten zien hoe dat in de middeleeuwen werkte met het stoken van de musterd." De hakhouten bosjes waren voor brandhout en musterds, maar ze lieten er ook bomen groter groeien zodat ze gebruikt konden worden als planken en balken voor de bouw van boerderijen en schuren.

Het Roois Landschap ziet mogelijkheden om fietsroutes of wandelpaden op te zetten, als straks die hakhout-bosjes kunnen terugkeren in het landschap. ,,Ze zijn voor toeristen leuk om te bekijken, mooi voor historische educatie aan scholieren, maar ook prima voor moeder natuur. Die hakhoutbosjes geven namelijk een grotere biodiversiteit in het gebied."

ED gebruikt je persoonsgegevens om deze reactie te kunnen plaatsen. Meer informatie vind je in ons privacy statement