Volledig scherm
Minister Hoekstra (CDA) komt aan op het Binnenhof voor de wekelijkse ministerraad. © ANP/Robin Utrecht

Hoekstra is geen pastoor maar een politicus

OpinieMinister van Financiën Wopke Hoekstra hield onlangs de Bilderberg-lezing voor een groot publiek van ondernemers en captains of industry (ED 9 februari). Het is fijn om te vernemen dat deze CDA-prominent zich zorgen maakt over de gewone gezinnen, 'de ruggengraat van de samenleving', en de verslechterde positie van de middenklasse. Dit ingezonden artikel is geschreven door Ruud Thelosen uit Waalre, docent Fontys en auteur van ‘Trias Politica Ethica’.

Daarbij refereert hij aan een rapport van de WRR (Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid). Hij stelt vast dat jongeren in lagere sociale klassen misschien niet meer gaan studeren, omdat ze te bang zijn voor hoge schulden.

Duidelijk is Hoekstra als hij het heeft over de schrikbarende inkomensongelijkheid met een factor 171 tussen het jaarinkomen van een CEO en het gemiddelde werknemerssalaris. Om daarna de aanwezigen op te roepen deze zorgen te delen en vooral er iets aan te doen. Als een pastoor of predikant, die de gelovigen oproept hun leven te beteren.

Hoekstra realiseert zich kennelijk niet dat hij geen religieus leider is, maar een politicus van wie verwacht wordt via regels en wetten heldere kaders en afspraken te maken. Dus geen kwestie van charitas en vrijblijvendheid, maar juist van uniforme wetgeving.

Geloofwaardiger en overtuigender is een vergelijkbaar verhaal van DSM-topman Feike Sijbesma tijdens het World Economic Forum in Davos. Voor een gehoor van internationale topondernemers was dit de juiste plek, hij sprak wel voor eigen parochie.

Hoekstra vergeet kennelijk dat het CDA als belangrijke regeringspartij heeft meegewerkt aan de invoering van het studie-leenstelsel. Het CDA heeft ook te weinig gedaan aan verbeteringen van pensioenen en minima. Het CDA werkte zelfs mee aan versoepeling van het ontslagrecht en een verslechtering van de rechtspositie voor werknemers met vaste contracten.

De kop boven het ED-verhaal 'Help mij Nederland te hervormen' is daarom volstrekt misplaatst. Het klinkt als een smeekbede op de verkeerde plaats. Een minister moet via regeringsbeleid op het vlak van belastingen en sociale wetgeving een meerderheid zien te verwerven zodat een wet wordt aangenomen en geëffectueerd. Eerder was er een meerderheid om topinkomens in de publieke sector aan maxima te binden, de balkenendenorm. Toen was het CDA vooruitstrevend en nu moet men weer een stap verder gaan door ook CEO- en directeurssalarissen binnen één cao te reguleren. De Tinbergennorm voor inkomensverschillen (1:5) dateert al uit de jaren 70 en wacht op invoering. Oud-PvdA voorman Job Cohen benadrukte in 2011 in zijn Kerkdijklezing hoe belangrijk een gematigde inkomensverdeling is. Bij de SP- en GroenLinks-top is er zeker ook steun voor te vinden.

Hoekstra doet een serieuze oproep om de verhouding tussen samenleving, overheid en bedrijfsleven meer in balans te brengen. Daar ging mijn boek Trias Politica Ethica uit 2006 al over, mede gebaseerd op een door Rudolf Steiner ontwikkelde maatschappijvisie. Wetenschappelijke bewijzen liggen er genoeg, het is aan de politiek om het voortouw te nemen. Zij heeft het mandaat van de burger.