Volledig scherm
Onderwijsminister Arie Slob (ChristenUnie). © ANP

Noodoplossingen voor lerarentekort werken niet

OpinieDe uitspraken die minister Arie Slob onlangs deed over het lerarentekort zijn op z’n minst paradoxaal en oneerbiedig. Beloftevolle zaken als ‘de leerling centraal’, ‘kwaliteit boven kwantiteit’, ‘maatwerk’, ‘gepersonaliseerd leren’ en ‘passend onderwijs’ lijken opeens volledig naar de achtergrond te zijn verdwenen.  Dat betoogt Pascal Cuijpers docent, publicist en auteur van onder meer ‘Leraren zijn net echte mensen’ in dit ingezonden stuk.

Daarnaast doet hij uitspraken die weinig studenten en zij-instromers zullen  motiveren om voor een baan in het onderwijs te kiezen. Een gemiste kans en weer geen erkenning voor een probleem waarvan de gevolgen zich meer en meer aftekenen. Er is een lerarentekort, dat in sommige delen van het land een grotere impact heeft dan in andere regio’s. Het is een probleem dat men mijlenver zag aankomen. 

De politiek weigerde echter daadkrachtig in te grijpen. Kabinetten kijken niet gauw naar een termijn die langer loopt dan vier jaar. Dan volgt immers een nieuw kabinet met nieuwe posten voor ministers en staatssecretarissen. De afgelopen termijn, met Sander Dekker als staatssecretaris van Onderwijs, was er eentje om heel snel te vergeten. Al lang was duidelijk dat rond 2018 een ‘gat’ zou ontstaan wat betreft de invulling van het lerarenkorps.

Gedrochten

l meer dan tien jaar was duidelijk dat rond die tijd de vergrijzing zou toeslaan. En nu is het 2018. Bijna 2019.Wat toekomstmuziek was, is nu aan de orde. De meeste vacatures lijken opgevuld, maar de druk om niet te mogen uitvallen – om welke reden dan ook – drukt als een blok op de schouders van veel leraren in het basis- en voortgezet onderwijs. We kunnen terugkijken op periodes waarin relatief ‘makkelijkere’ en zogenaamd ‘belangrijkere’ zaken prioriteit hadden. Denk aan het lerarenregister en de rekentoets. Beide gedrochten van besluiten, die veel tijd en geld kostten en nog meer ophef veroorzaakten om vervolgens te worden verbannen naar de map ‘mislukte onderwijsconcepten’. En nu moeten dan op stel en sprong noodscenario’s worden bedacht om het lerarentekort op te lossen. Minister Slob sprak over zijn plannen, zoals minder docenten voor de klas, opvang  voor onderwijsassistenten, zij-instromers voor grotere groepen én studenten voor de klas die nog niet in het bezit zijn van een diploma. 

Het zijn noodoplossingen die blijkbaar nu salonfähig worden bevonden en ons onderwijs moeten gaan redden. Daar waar het vorige kabinet nog sprak over plannen om alle onbevoegde docenten voor de klas te weren.

O ja, lesgeven aan twee grote groepen in plaats van vier of vijf klassen van normale grootte zou daarnaast op de valreep ook een oplossing zijn. ‘Dan hoef je je verhaal maar twee keer in plaats van vijf keer te vertellen...’

Geen fabrieksarbeider

Wat de minister vergeet is dat hij hiermee alle betrokkenen, zowel de (aankomende)leraren als de leerlingen, tekortdoet. Een leraar wil oog hebben voor zijn leerlingen. Is geen fabrieksarbeider. Heeft tijd,rust, geld en erkenning nodig om het werk dat primair aan de basis staat van goed onderwijs te kunnen verzorgen. Een leraar wil serieus genomen worden en op z’n minst het gevoel hebben dat zijn werkzaamheden ertoe doen, van waarde zijn voor de leerlingen. Niet alleen op cognitief gebied. Enkel dat inzicht zal op den duur kunnen zorgen voor het aantrekkelijker maken van het beroep, het aantrekken van meer gediplomeerd personeel en het verzorgen van eerlijk en gezond onderwijs.