Volledig scherm
Minister Wouter Koolmees presenteerde een tienpuntenplan voor pensioenen. © ANP

Te grote solidariteit breekt pensioenfondsen op

OpinieDe vier grote fondsen slaan alarm over een dreigende korting op de pensioenen (ED 4 mei), maar laten na te wijzen op hun eigen rol in de ontstane problematiek. Juist deze fondsen (ABP, PME, PMT en PZFW) berekenen al jaren een zogenaamde gedempte premie. Kortweg houdt dit in dat zij te weinig premie ontvangen voor de opbouw van nieuwe pensioenaanspraken.

Dit ingezonden artikel is geschreven door Anton van den Brink uit Eindhoven. Hij is oud-bestuurssecretaris van een pensioenfonds.

Het gevolg is dat de eigen vermogens van de fondsen en daarmee de dekkingsgraden worden uitgehold. De gepensioneerden zijn de grootste benadeelden van dit premiebeleid; zij betalen in feite mee aan de opbouw van het pensioen van de werkende deelnemers. De grootste winnaars zijn de werkgevers die geen kostendekkende premie hoeven te betalen.

De opmerking van econoom Sweder van Wijnbergen over 'de greep in de kas van de jongeren' is dus, zacht uitgedrukt, nogal eenzijdig: op dit moment wordt bij deze fondsen al een greep uit de kas van de gepensioneerden gedaan. Kortom, de fondsen die alarm slaan hebben veel boter op het hoofd. Voor de beeldvorming: er zijn tal van fondsen die wel de kostendekkende premie in rekening brengen.

Het huidige stelsel kent te veel solidariteit. Gevolg daarvan is dat door de fondsen buffers moeten worden aangehouden. Deze buffers kunnen niet tot uitkering komen, wat toch het doel is van pensioenfondsen. Het aanhouden van buffers gaat per definitie gepaard met overdrachten tussen groepen deelnemers, met alle onderlinge spanningen van dien.

Het in het artikel weergegeven voorstel van de genoemde pensioenfondsen - minder garanties voor de hoogte van het pensioen - gaat niet ver genoeg en blijft te veel hangen in de huidige opzet.

Tienpuntenplan

We moeten af van onnodige solidariteit in het stelsel en de solidariteit beperken tot de terreinen waar ze echt toegevoegde waarde heeft: individueel langlevenrisico, kortlevenrisico (nabestaandenpensioen) en arbeidsongeschiktheidsrisico.

Met behoud van deze solidariteit moet het stelsel omgevormd worden naar een stelsel met persoonlijke pensioenrekeningen, zoals ook minister Wouter Koolmees in zijn tienpuntenplan van februari voorstaat. De premie zou een vast percentage van het salaris moeten zijn.

Het is verstandig gezamenlijk te beleggen, maar wel volgens het - ook door de minister genoemde - life-cycle principe: de risico's worden afgestemd op leeftijdscohorten. Daarbij zouden de deelnemers nog beperkte keuzemogelijkheden kunnen worden geboden.

Ik geef toe dat er ook een nadeel in dit systeem zit. Het pensioen zou namelijk kunnen gaan fluctueren. Maar dit nadeel zit ook in het voorstel van de pensioenfondsen. In de hier voorgestelde opzet kan de communicatie veel helderder: de deelnemer ziet wat in zijn eigen potje zit. De betrokkenheid bij het pensioen zal daardoor ook toenemen.