Volledig scherm
Een vrijwel lege portemonnee (foto ter illustratie). © Annina Romita

Ze scholden ons uit omdat we moesten rondkomen van een uitkering

ColumnWe staan in een groentetuin voor Helmonders die het niet breed hebben. Hier kunnen ze voor weinig geld toch aan gezond eten komen. Naast mij staat iemand van ongeveer mijn leeftijd. ,,Ik hoor bij de minima. Dus..." 

Ze spreekt de woorden met tegenzin uit. Ze wil liever niet met haar naam in de krant, zegt ze. Ze wil niet ontkennen dat ze heel weinig geld heeft, maar ze is meer dan alleen arm. Ze ziet het label 'uitkering' gewoon niet zitten. Dat snap ik maar al te goed.

Mijn moeder en ik leefden vroeger ook van een uitkering. Mijn moeder was arbeidsongeschikt en elke maand gingen we op de fiets naar het gemeentehuis waar we dan een bruin envelopje met geld kregen. Als de bodem van het envelopje in zicht was, hadden we altijd nog een stuk maand over.

De keren zijn niet te tellen dat ik als tiener boodschappen ging doen en dan alles tijdens het winkelen al optelde, omdat ik bang was dat ik anders boodschappen terug moest leggen. In mijn kast lagen vooral tweedehands kleren en onze verste vakanties speelden zich af in een tent in Bergeijk. Ik had daar zelf heel weinig problemen mee, tot anderen er problemen mee bleken te hebben.

Uiteindelijk kijken mensen toch anders naar je, als je weinig geld hebt. Zo'n uitkering is blijkbaar een reden om uit te gaan van het slechtste van een mens. Zo werden we regelmatig uitgemaakt voor profiteurs en was mijn moeder in de ogen van die mensen 'te lam om te werken' en had ze er vast 'zes poetshuizen bij, waar ze bijbeunde voor zwart geld'. Niemand van die mensen nam ooit de moeite om te vragen wáárom mijn moeder een uitkering had. Of hoe het was: van heel weinig geld rondkomen. Nee, we zaten gewoon op rozen in hun ogen. Zij moesten namelijk allemaal heel hard werken, zodat m'n moeder lekker lui op d'r reet kon zitten.

Volledig scherm
Daphne Broers. © Joost Hoving

In die dagen kon ik er niet om lachen, nu inmiddels wel. Het zegt meer over de chronisch ontevreden gasten die hun eigen leven altijd vergelijken met dat van anderen en zichzelf altijd tekort gedaan voelen. Of het nu over vluchtelingen gaat of over uitkeringsgerechtigden. We zouden eens wat vaker moeten vragen hoe iemand in een situatie verzeild is geraakt. Hoe die zich voelt. Doe eens gek: leef je eens in.