Pieter van den Hoogenband.
Volledig scherm
PREMIUM
Pieter van den Hoogenband. © Pim Ras Fotografie

Pieter van den Hoogenband: Ik moet vooral niet in de weg gaan lopen

InterviewVan topsporter naar bobo: voor Pieter van den Hoogenband (41) leek het ondenkbaar. Toch leidt hij komende zomer de Nederlandse olympische equipe in Tokio. ,,Niemand gaat harder lopen of zwemmen van de chef de mission.’’

Door Rik Spekenbrink en Natasja Weber

Pieter van den Hoogenband zet een overdreven keurig accent op wanneer hij begint over ‘het optimale prestatieklimaat’. De man die de voormalige directeur van de Zwembond nog niet zo lang geleden een ‘frikandel’ noemde, is nu zelf een sportbobo, met bijbehorend jargon. Maar het voelt soms nog wat onnatuurlijk. Toen hij in 2008 voor het laatst uit het zwembad klauterde, kon Van den Hoogenband ook niet bevroeden dat hij zich twaalf jaar later zou begeven in een woud van sportbestuurders, bonden en organisatiecomités. ,,Vroeger ging ik met mijn oogkleppen op lekker kort door de bocht. Luister, ik ben het er niet mee eens, bam! Bij elke keuze stelde ik mezelf de simpele vraag: ga ik er harder van zwemmen, ja of nee? En hup, verder. Nu weet ik dat niet alles zwart of wit is. Ik heb een bredere kijk op dingen.’’